Gemeente Rijssen-Holten
Laden...

Gemeente Rijssen-Holten
Postbus 244
7460 AE
T: (0548) 85 48 54
E: gemeente@rijssen-holten.nl

Commissie Grondgebied 11 mei 2017 (19:30)

Datum: 11-05-2017Tijd: 19:30 - 22:30Zaal: RaadzaalOpenbaarheid: OpenbaarVoorzitter: J. van VeldhuizenGriffier: drs. G.H. VeermanNotulist: G.B. Aanstoot - StamGenodigden: AanwezigNaamVoorzitterJ....

Zoekresultaten

Wordt geladen...

Commissie Grondgebied 11 mei 2017 (19:30)

Datum: 11-05-2017
Tijd: 19:30 - 22:30
Zaal: Raadzaal
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: J. van Veldhuizen
Griffier: drs. G.H. Veerman
Notulist: G.B. Aanstoot - Stam
Genodigden:
AanwezigNaam
VoorzitterJ. van Veldhuizen
SGPdr. ir. A.S. Haase, G. Kreijkes en J. ter Keurs
CDAH. Kreijkes RA CISA en H.J. Nijkamp
ChristenUnieJ. Berkhoff, B.J. Blaazer en N.J. Otten
GemeentebelangJ. Beunk, J. Kuiper-Ruitenberg en W.J.M. Muller
PvdAR.W. Meijerink
VVD LokaalE.J.W. Deijk, B.J. van den Berg en R.A. de Koe
D66ir. H. Klein Velderman
Griffierdrs. G.H. Veerman
Het collegeA.J. Aanstoot, R.J. Cornelissen, B.D. Tijhof
Pers2
Publiek23

1 Opening
De VOORZITTER opent de vergadering en heet iedereen van harte welkom.
Spreker noemt het overlijden van commissielid Han van Veen op 7 mei 2017: “Wij denken met waardering terug aan zijn inbreng in ons midden. Omdat burgemeester Hofland tijdens de raadsvergadering op 23 mei a.s. een In Memoriam zal uitspreken, volsta ik hiermee op dit moment. Bij het In Memoriam in de raadsvergadering zal de familie uitgenodigd worden.”

2 Inventarisatie spreekrecht
Voor het spreekrecht hebben zich gemeld:
- mevrouw Harbers bij agendapunt 17.
- de heer Rozemuller bij agendapunt 20.

3 Vaststellen definitieve agenda
De VOORZITTER stelt voor de agendapunten 17 en 20 te behandelen voor agendapunt 7 in verband met insprekers voor deze agendapunten.

De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld.

4 Verslag van de vergadering van 6 april 2017
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

5 Mededelingen vanuit samenwerkingsverbanden en over strategische projecten
Er zijn geen mededelingen.

6 Voortgang invoering Omgevingswet
Wethouder CORNELISSEN zegt dat het college in april de notitie “Voorbereiding implementatie Omgevingswet” heeft vastgesteld. Het is de bedoeling van het college in juni/juli te komen met een programmaplan, waarin de vervolgstappen zijn uitgewerkt. Verder wordt er een themadag georganiseerd voor de raad, waarin informatie wordt verstrekt over de rol van de raad en op locaties bepaalde situaties te bekijken.
Momenteel wordt er gewerkt aan het Omgevingsplan Buitengebied: ‘Van voorontwerp naar ontwerp’ en is er een start gemaakt met het Omgevingsplan Centrum.

17 Het dempen van een vijver en als bedrijventerrein in gebruik nemen (opiniërend; Cornelissen)
Mevrouw HARBERS spreekt in. De familie Harbers zijn de bewoners van Jutestraat 18 en vernamen via de plaatselijke krant van het verzoek van PRM (PRM Kunststoffen) tot aankoop van de vijver naast hun woning en het omzetten daarvan naar bedrijfsdoeleinden aan de Jutestraat 12-20 te Rijssen.
Al sinds langere tijd heeft de fam. Harbers contacten met buurman PRM. PRM heeft in een viertal gesprekken duidelijk gemaakt de woning c.q. het perceel van de fam. Harbers te willen kopen. De fam. Harbers heeft meermaals aangegeven, dat zij daarover wil meedenken, maar dat zij niet hóeft te vertrekken. PRM heeft na het laatste gesprek laten weten na te denken over de prijs die door de fam. Harbers is genoemd. In februari 2017 heeft de fam. Harbers aan PRM gevraagd of er was nagedacht over de prijs. PRM liet toen weten dat men afzag van het geheel en niet bereid was de genoemde prijs te betalen.
Tot grote verbazing van de fam. Harbers heeft PRM nu het verzoek gedaan tot aankoop van de vijver naast het perceel Jutestraat 18 en deze te laten omzetten naar bedrijfsdoeleinden van PRM. De fam. Harbers is daarmee nadrukkelijk niet akkoord en is zeer teleurgesteld dat PRM hen niet heeft ingelicht over deze stappen. Zij is het niet eens met het feit dat PRM een dergelijk verzoek neerlegt, ook omdat dit niet past binnen het geldende bestemmingsplan. Mogelijk is PRM verlegen om ruimte, maar als zij daarmee de buren van Jutestraat 18 dupeert, wordt er volgens de fam. Harbers een verkeerde weg ingeslagen.
Zoals uit het voorstel aan het college al blijkt, is totale bedrijfsverplaatsing van PRM de beste optie. De fam. Harbers sluit zich daar zeker bij aan. PRM zegt dat de kosten die daarmee gemoeid zijn vanwege de investeringen op de huidige locatie, te groot zouden zijn. Dat strookt volgens spreekster echter niet met het gegeven, dat de door de door de fam. Harbers aan PRM genoemde prijs om huis en haard te verlaten, voor PRM een te kostbare investering zou zijn. De verdere argumenten dat de vijver technisch niet nodig is en ook de overige genoemde punten bestrijdt spreekster eveneens. Zij is graag bereid dit te motiveren.
Door met het verzoek van PRM in te stemmen, worden de bewoners van Jutestraat 18 ernstig gedupeerd in hun woongenot en krijgen zij een forse waardevermindering van hun woning. Zij zullen dan ook zeker in beroep gaan bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State als het verzoek van PRM deels of geheel wordt gehonoreerd.

Vragenronde
De heer KLEIN VELDERMAN vraagt of de familie Harbers op een industrieterrein woont.
Mevrouw HARBERS zegt dat dat inderdaad het geval is. Zij hebben daar een tegelzetbedrijf.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat het niet vreemd is dat zich een bedrijf vestigt op een industrieterrein naast het tegelzetbedrijf. Hij vraagt wat precies het bezwaar is van de fam. Harbers.
Mevrouw HARBERS zegt dat PRM aan de linkerkant van het tegelzetbedrijf is gevestigd en dat er aan de rechterkant een vijver is. Als die vijver dicht gaat en PRM gaat daar bouwen, zit het tegelzetbedrijf er tussenin. Het tegelzetbedrijf was eerder op die locatie gevestigd dan PRM en het huis bij het tegelzetbedrijf is daar destijds gebouwd vanwege de plek. De fam. Harbers vreest met de plannen van PRM o.a. voor haar nachtrust en het uitzicht.

De heer G. KREIJKES vraagt hoe lang de fam. Harbers contacten heeft met PRM.
Mevrouw HARBERS zegt dat die contacten er sinds vijf jaar zijn geweest.

De heer G. KREIJKES vraagt vervolgens of er in die vijf jaar gesproken is over eventuele aankoop van het pand van de fam. Harbers.
Mevrouw HARBERS beaamt dat.

De heer G. KREIJKES vraagt of de fam. Harbers daartoe nog steeds genegen is.
Mevrouw HARBERS zegt dat dat inderdaad het geval is.

De heer G. KREIJKES zegt dat het volgens de inspreekster technisch gezien niet nodig is dat de vijver gedempt wordt. Spreker vraagt wat de argumenten hiervoor zijn.
Mevrouw HARBERS zegt dat de fam. Harbers altijd een goede band met PRM heeft gehad. Op 4 mei 2017 heeft zij de eigenaar laten weten niet akkoord te gaan met het nu voorliggende voorstel. Ongeveer een jaar geleden heeft PRM een grote loods gebouwd voor een speciale machine en aan de gemeente laten weten veel extra personeel in te moeten zetten. Als PRM nu een grote order heeft, wordt er overgewerkt. In de tijd dat PRM geen grote order heeft, werkt het personeel echter de normale uren. Verder wijst zij erop dat PRM ook eigenaar is van Tech-Wood. Op dit terrein staan bedrijfsbussen van Lammertink Schadebedrijf. PRM heeft Lammertink Schadebedrijf verzocht deze bedrijfsbussen weg te halen als hij bezwaar zou maken. De conclusie van spreekster is dat alleen het tegelzetbedrijf van de fam. Harbers bezwaar maakt tegen voorliggend voorstel. Lammertink Schadebedrijf zal geen bezwaar maken; dit bedrijf heeft zelf een tekort aan ruimte.

Eerste termijn
De heer G. KREIJKES zegt dat het beleid is van de gemeente, dat verkoop van industrieterrein gerelateerd is aan het te realiseren aantal arbeidsplaatsen. Spreker vraagt het college of en in hoeverre dat ook geldt bij dit voorstel over het dempen van de vijver.
Niet lang geleden heeft de raad in het kader van revitalisering van industrieterreinen een bustour gemaakt en daarbij ook de betreffende mooie locatie bekeken. Spreker begrijpt dan ook niet waarom het aanbod is gedaan tot het dempen van de vijver. Dat zou een stuk kapitaalvernietiging betekenen.

De heer MEIJERINK zegt dat in het voorstel bij punt 1.3 de vijvers worden opgevoerd als zijnde bergingscapaciteit voor het afkoppelen van hemelwater. Hier staat o.a.: “De capaciteit van deze hemelwaterbergingsvoorziening is echter nog steeds voldoende wanneer de vijver op het te verkopen perceel wordt gedempt.” Spreker wijst op de klimaatproblemen, de hoeveelheden neerslag en de neerslagpieken en vraagt of het college kan onderbouwen dat demping van de vijver toekomstbestendig is.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt of het een trend wordt naar behoefte vijvers op industrieterreinen te dempen.
Verder vraagt spreker of de opvangcapaciteit nog voldoende is. De vijver zal er al die tijd niet voor niets zijn geweest.

De heer H. KREIJKES zegt dat er bij Tech-Wood veel busjes staan. Hij vraagt of dit pand inderdaad van PRM is en zo ja, waarom het niet gebruikt kan worden door PRM voor uitbreiding.

De heer DE KOE sluit zich aan bij vragen over de vijver als waterberging. Hij vraagt of er volgens de normering voldoende groen is op het industrieterrein en of er elders op het industrieterrein ruimte is om groen c.q. waterberging te realiseren voor compensatie van de voorliggende situatie.

De heer BEUNK zegt dat er volgens de stukken een woning op Jutestraat 16 in gebruik is, maar dat dit strijdig is met het bestemmingsplan. Hij verzoekt het college daarop een reactie te geven.
Het college geeft aan dat het ‘weg’kopen van de fam. Harbers de beste oplossing is. Hij vraagt hoe het college zich ten opzichte van PRM hierin heeft opgesteld: is dat opnieuw ter sprake geweest of is het definitief van de baan?

Wethouder CORNELISSEN zegt dat het hier gaat om bestaand industrieterrein en dat er geen eis is met betrekking tot het aantal te realiseren arbeidsplaatsen. Er is vooral gekeken naar de bedrijfsontwikkeling van PRM en naar de verbinding, gevormd door de vijver, tussen de twee panden.

De heer G. KREIJKES zegt bij interruptie dat door demping van de vijver er een aantal vierkante meters wordt toegevoegd aan het huidige industrieterrein. Hij vraagt hoeveel arbeidsplaatsen dat oplevert.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat er arbeidsplaatsen ontstaan door de bedrijfsgroei. Er is geen eis gesteld betreffende het aantal arbeidsplaatsen per vierkante meter.

De heer G. KREIJKES zegt bij interruptie dat daarvoor binnen de gemeente normen zijn. Het college moet daarmee rekening houden. Spreker heeft het gevoel dat de groei van het aantal arbeidsplaatsen nihil is, omdat de genoemde machine al volop in productie is en het blijkbaar gaat om volumineuze producten.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat de machine, die er enige tijd staat, wordt aangewend voor een bijzonder productieprocedé. Het voormalige pand van Tech-Woord wordt op dit moment ook gebruikt door PRM. Voor het transport en dergelijke, juist in verband met de nieuwe machine, is de verbinding essentieel.
Eisen over een aantal arbeidsplaatsen worden met name gesteld bij nieuwe industrieterreinen.
Het dempen van een vijver is geen trend. Het college heeft in deze situatie een duidelijke afweging gemaakt.
Spreker heeft een gesprek gehad met mevrouw Harbers. Omdat zij niet was niet geïnformeerd over het voorstel, heeft hij haar gewezen op de mogelijkheid vanavond in te spreken. Het gaat om een principeverzoek en het is begrijpelijk dat mevrouw Harbers zegt een voorbehoud te maken over het indienen van een zienswijze in de bestemmingsplanprocedure.
De woning op Jutestraat 18 is een bedrijfswoning in tegenstelling tot de woning op Jutestraat 16. Het college heeft bedongen dat deze wegbestemd wordt in deze procedure.

De heer DE KOE vraagt bij interruptie of in de procedure een totale bedrijfsverplaatsing is besproken.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat dat is gesproken, maar dit bleek niet haalbaar te zijn. Daarom is naar voorliggende optie gekeken. Er zijn ook gesprekken geweest over het aankopen van Jutestraat 18. Daarover is men echter niet tot overeenstemming gekomen.
Er is door deskundigen gekeken naar de vijver als waterberging. Of de waterberging in de toekomst voldoende zal blijken te zijn, kan spreker niet zeggen.

Tweede termijn
De heer KLEIN VELDERMAN constateert dat de vijver er voor niets heeft gelegen en gewoon weggehaald kan worden.
Spreker refereert aan de foto die bij het voorstel is gevoegd en vraagt of met PRM is gesproken over een oplossing door een brug te bouwen over de vijver.

De heer MEIJERINK zegt dat hij eveneens het gevoel heeft dat de vijver er voor niets te geweest en dat het lijkt op gelegenheidsargumentatie. Het zou erg jammer zijn nu de vijver te dempen om over tien jaar te concluderen dat er een vijver bij moet komen.
Spreker heeft het idee dat de betrokken partijen niet uit onderhandeld zijn en doet de optie dat zij nog een keer met elkaar om de tafel gaan. Een opinie over het voorstel wil spreker daarom op dit moment niet geven.

De heer G. KREIJKES zegt dat er in de onderhandelingen is gesproken over een vierkante meterprijs en vraagt of het gaat om de verkoop van groen, blauw of industrieterrein. Anderzijds is dit voor spreker niet relevant, omdat hij van mening is dat de vijver moet blijven bestaan. De fam. Harbers is welwillend om mee te werken aan de uitbreiding van PRM door hun woning te verkopen, maar zij hoeft dat niet te doen. PRM heeft echter nog meer terreinen en verhuurt zelfs gebouwen. De gemeente faciliteert bedrijven daar waar dat nodig is, maar in dit geval zijn er voldoende mogelijkheden. De vijver moet niet dichtgegooid worden.

De heer OTTEN zegt dat de ChristenUnie terughoudend is met het geven van een opinie, omdat zij van mening is dat de bewoners eerst weer contact met elkaar moeten opnemen om te zien of zij onderling tot een oplossing komen. Het positieve punt uit het voorstel is dat de bedrijfswoning gesaneerd zou worden dan wel een andere bestemming krijgt. De ChristenUnie vindt eveneens dat de gemeente bedrijven moet faciliteren, maar in deze situatie zijn er nog andere mogelijkheden om de betreffende ondernemer ruimte te bieden.

De heer H. KREIJKES zegt dat het CDA zich aansluit bij de woorden van de heer Otten.

De heer BEUNK zegt dat volgens de wethouder woning nr. 16 met dit plan wordt ‘gerepareerd’; vanwege de strijdigheid met het bestemmingsplan. Als het plan echter niet doorgaat, is de vraag wat er dan gebeurt met deze woning.
Voor Gemeentebelang staat voorop dat bedrijventerreinen er zijn voor bedrijven, al spelen daar soms ook andere zaken mee. Het zou goed zijn als PRM en de fam. Harbers samen tot een oplossing komen, eventueel via bemiddeling, en dat zij beide water bij de wijn doen. Hoe de eerdere onderhandeling zijn verlopen is niet bekend en in feite ook niet relevant. Ook is niet duidelijk of het gaat om industrieterrein of om groen.

De heer DE KOE zegt dat de betreffende vijver nog niet zo lang geleden is aangelegd als waterberging. Het gaat wel ver die vijver nu plotseling dicht te gooien en er bedrijventerrein van te maken. Spreker geeft daarom nog geen opinie voor VVD Lokaal en adviseert de betreffende buren met elkaar in overleg te gaan om te kijken of een passende oplossing mogelijk is.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat het college de handschoen oppakt en de partijen weer aan tafel wil brengen. Mocht PRM tot een oplossing komen met de fam. Harbers, dan wil spreker graag weten hoe de commissie tegen het dempen van de vijver aankijkt.

De heer G. KREIJKES zegt dat de SGP niet wil dat de vijver gedempt wordt, maar dat deze moet blijven als waterberging en als verfraaiing van het industrieterrein. Er zijn voldoende alternatieven.

De heer H. KREIJKES zegt dat het CDA van mening is dat de vijver verkocht kan worden als PRM toch extra ruimte nodig mocht hebben.

De heer DE KOE zegt dat VVD Lokaal medewerking wil verlenen aan het laten vervallen van de vijver als waterberging als de partijen het met elkaar eens kunnen worden. Er moet in dat geval op een andere locatie een nieuwe waterberging komen.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat de vijver kan blijven. De vijver is blijkbaar nodig op die plek. Als er overeenstemming is tussen de fam. Harbers en PRM, kan er een brede fly-over gemaakt worden over de vijver.

De heer BEUNK zegt dat hij niet twijfelt aan het voorliggend voorstel van het ambtelijk apparaat. De vijver is blijkbaar momenteel niet nodig. Wat dat betreft gaan Gemeentebelang akkoord.
Op een industrieterrein gaat industrieel belang boven het woongenot. Voorts moet de gemeente niet op de stoel van de ondernemer gaan zitten. Als de ondernemer meent ruimte nodig te hebben en dat is niet mogelijk op een andere plek, dan moet de gemeente daarover nadenken. Het heeft echter de voorkeur van Gemeentebelang dat partijen als goede buren er samen uit komen.

De heer OTTEN zegt dat de vijver mag blijven, wat de ChristenUnie betreft, desnoods met een fly-over. De bewoners moeten er met PRM uit komen. Dan zijn er voldoende mogelijkheden om te kijken naar uitbreiding.

De heer MEIJERINK zegt dat de PvdA zich op dit moment aansluit bij de woorden van de heer G. Kreijkes.

Wethouder CORNELISSEN dankt de commissie voor de reacties. Voor de beide ondernemers is het belangrijk dat er duidelijkheid ontstaat.

20 Verzoek tot bestemmingsplanwijziging nabij Markeloseweg 115 te Rijssen (Het Schwarzwald) (opiniërend; Cornelissen)
De heer ROZEMULLER spreekt in namens bewoners van het Hollands Schwarzwald, Markeloseweg/A.H. ter Horstlaan. Zij maken ernstig bezwaar tegen de bestemmingswijziging van bos naar horeca bij Markeloseweg 115. Het Schwarzwald maakt deel uit van de EHS (Ecologische Hoofdstructuur), waarvan de kernkwaliteiten zijn:
-behoud en versterking van bos en natuurgebieden;
-vitaal en samenhangend stelsel van natuurgebieden;
-behoud en versterking van de biodiversiteit;
-ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid;
-beleving van rust voor bewoners en voor iedere wandelaar die zich op de paden begeeft.
Het gebied van Markeloseweg 115 valt onder deze gebiedsbescherming. Voor de EHS geldt dan ook: ‘nee tenzij’. Van een stuk bos, ook al is het niet zo groot, bestemming horeca maken, is gericht tegen de bescherming van het bos. De bewoners vragen juist aanvullende maatregelen te treffen om deze natuur te behouden en daarmee rust en ruimte te scheppen voor flora, fauna en bewoners.
Een wijziging van het bestemmingsplan heeft verder veel andere gevolgen voor allerlei bestaande activiteiten: nog meer rijden met buggy’s, scooters, oude VW-kevers, een bierwagen et cetera. Dus veel meer lawaai, ook op zondag. De zondagsrust is nu al ver te zoeken. Daarnaast is er bosgolf gekomen, waardoor het wild verstoord wordt.
Een belangrijk punt is het parkeren langs de A.H. ter Horstlaan met gevaarlijke situaties. Bij grote feesten staan de auto’s honderden meters deze laan in. De bewoners vinden deze situatie onverantwoord.
Er loopt momenteel een aanvraag voor een verplaatsbare opslag van twee keer 2x6 meter, waardoor op het eigen terrein nóg minder parkeerruimte ontstaat.
De bewoners betwisten het feit dat er al 15 jaar activiteiten zijn op het bewuste perceel, hoewel zij het niet kunnen hardmaken. Wel is hier volgens juristen geen sprake van overgangsrecht, omdat het in het huidige bestemmingsplan niet kon. De bewoners gunnen de ondernemer omzet en winst, maar dan wel binnen de wettelijke en maatschappelijk verantwoorde kaders.
In de kanttekening van de brief van de gemeente wordt gevraagd of de omgeving, dus de bewoners, hiervan op de hoogte zijn gebracht. Dat is niet het geval; met de naaste buren is over dit onderwerp nog nooit gesproken. Contact, laat staan overleg, is überhaupt erg moeilijk. De bewoners vragen de commissie met klem deze aanvraag niet te honoreren.
(Spreker overhandigt hierna 25 handtekeningen aan de voorzitter van de commissie.)

Vragenronde
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat er een EHS ligt in betreffend gebied. Hij vraagt wat er nog meer aan activiteiten te verwachten is als het bos bestemd wordt voor recreatiedoeleinden.
De heer ROZEMULLER zegt dat het college heeft aangegeven dat de huidige activiteiten zijn toegestaan met uitzondering van midgetgolf. Als de ondernemer zijn activiteiten promoot, zal hij naast wat hij doet in het stukje bos, ook het rijden met de buggy’s, scooters enzovoort verder promoten, waardoor deze activiteiten alleen nog maar toenemen.

De heer DE KOE vraagt wat de reden is van de slechte communicatie met de eigenaar.
Voorts vraagt hij wat de mening is van de heer Rozemuller als het stukje bos de bestemming horeca krijgt en de activiteiten duidelijk omkaderd worden door het college.
De heer ROZEMULLER zegt dat er meer activiteiten zullen komen, maar dat ook het aantal huidige activiteiten groter wordt. De ondernemer zoekt daarnaast telkens de ‘randen’ op van wat daar kan en mag, wat voor de buurt overlast oplevert. Spreker is met een naaste buurman op bezoek geweest bij de bedrijfsleider en de eigenaar van het Schwarzwald ten tijde van stankoverlast door de keuken en de riolering. In dat gesprek is ook het parkeren aangeroerd. De eigenaar heeft daarop de schoorsteen aangepast, wat echter onvoldoende was voor de buren. Voor het overige hebben de buren geen contact meer gehad met het bedrijf.

De heer BERKHOFF zegt dat de commissie vanavond spreekt over een stukje bosgrond, dat al vijftien jaar in gebruik is en waarvoor nu de formele bestemming recreatie wordt gevraagd. De bezwaren van de bewoners blijken echter veel verder te gaan.
De heer ROZEMULLER zegt dat de bewoners tegen de gevraagde bestemming zijn, omdat de EHS dit niet toestaat. Er is daarnaast onder de bewoners al jarenlang ergernis. De eigenaar gaat steeds verder in zijn activiteiten en overlegt niet met de bewoners.

De heer BEUNK concludeert dat de bewoners angst hebben voor de groei van het bedrijf, meer dan voor de bestaande situatie. Spreker vraagt of zij bij de gemeente hun bezwaren hebben aangegeven tegen de activiteiten.
De heer ROZEMULLER zegt dat de activiteiten in de afgelopen vijftien jaren nog niet heel groot van omvang waren. De bewoners hebben dat geaccepteerd, hoewel het bos de laatste zes jaar behoorlijk gekapt en geplaveid is.

Eerste termijn
Wethouder CORNELISSEN licht toe dat het voorstel op 19 januari 2017 in de commissie is besproken, waarbij spreker heeft aangegeven nader onderzoek te laten uitvoeren. Er is geen documentatie of fotomateriaal gevonden, niet voor en niet tegen het voorstel. Wel is er een verklaring van de vorige eigenaar aan de stukken toegevoegd. De activiteiten bestaan al langere tijd, zodat de provincie zal meewerken aan de ’nee tenzij’.
Het college heeft het voorstel met een positief advies in de commissie gebracht, met de aantekening dat in gesprek te willen gaan met de ondernemer over het geheel aan activiteiten die er plaatsvinden en over zaken die overlast geven voor de bewoners en in feite buiten het terrein liggen.

De heer TER KEURS zegt dat de SGP van harte staat achter de woorden van de wethouder over het in gesprek gaan met de eigenaar over de activiteiten buiten het terrein. Dit zal een deel van de onrust bij de omwonenden wegnemen.
Van belang is dat er duidelijkheid moet komen over wat er gaat gebeuren met het stukje bos achter het restaurant. Als dat het geval is, gaat de SGP mee met het voorliggende voorstel.

De heer DE KOE zegt VVD Lokaal eerder heeft gevraagd of de weergegeven zaken juist zijn. Omdat dat niet met zekerheid te zeggen is, kan VVD Lokaal haar mening daarop niet baseren.
In de huidige situatie zijn er activiteiten die men liever niet ziet in de EHS. Spreker verzoekt het college de activiteiten strak te omkaderen. Mochten er toch andere zaken gebeuren, dan moet er maar een hek geplaatst worden om het terrein van de eigenaar.

De heer BERKHOFF zegt dat de ChristenUnie bij de vorige behandeling van dit onderwerp heeft gezegd dat ongepast gedrag niet beloond moet worden en dat er in feite achteraf goedkeuring wordt gegeven voor iets wat men zich heeft toegeëigend. Als het voorstel echter zonder geschiedenis was voorgelegd aan de commissie, had men waarschijnlijk aangegeven dat recreatie belangrijk is. Het gebied ligt in de EHS, maar er is ook veel bebouwing. De provincie heeft laten weten niet veel bezwaar te hebben tegen het plan. De ChristenUnie kan daarom instemmen met het voorstel. De bezwaren van de omwonenden gaan veel verder dan het betreffende stukje bos. Het college moet daarover vooraf met de eigenaar en de omwonenden in gesprek gaan en de grenzen stellen. Ook qua handhaving moet goed naar dit voorstel gekeken worden.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat D66 tegen het gebruik is van de EHS. Er moet niet telkens een stukje afgeknibbeld worden.

De heer TER KEURS vraagt bij interruptie of de heer Klein Velderman op de hoogte is van de mountainbikeroute achter de betreffende locatie, waarvan wekelijks honderden moutainbikers gebruik maken. Dit legt eenzelfde druk op de natuur.
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat hij zich daarvan bewust is. Het gaat hier echter om een commerciële activiteit.

De heer BERKHOFF vraagt bij interruptie of de heer Klein Velderman tegen commerciële activiteiten is.
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat hij tegen commerciële activiteiten in de EHS is. De EHS moet beschermd worden door de provincie en door de gemeente. Op 5 december 2016 zijn er twee medewerkers van de provincie Overijssel op deze locatie geweest en hebben bekeken wat er ter compensatie nodig is om de verharding in het bos te kunnen legaliseren. Er is hierover echter niets vastgelegd en er is geen procedure gestart.

De heer BERKHOFF vraagt bij interruptie wat de mening van deze ambtenaren van de provincie was tijdens het werkbezoek.
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat hierover niets schriftelijk is vastgelegd. Zij hebben alleen bekeken en besproken wat er nodig is qua compensatie om het gebruik en de verharding in het bos te kunnen legaliseren.
Het stoort spreker dat in het collegevoorstel staat dat er al gebruik gemaakt wordt van het bosperceel, dat het EHS is, maar dat er niet veel groeit. Dat is echter wel de bedoeling van een EHS. Wat spreker betreft moeten de activiteiten aldaar gestopt worden en moet met de ondernemer overlegd worden over wat er wel mogelijk is. Het inpikken van een stukje grond moet niet beloond worden.

De heer H. KREIJKES zegt dat het Schwarzwald een van de mooiste stukjes natuur in Rijssen is, waarmee rekening gehouden moet worden. Het CDA is blij dat het college met de eigenaar in gesprek wil gaan om het geheel aan activiteiten beter in te kaderen, zodat er meer rust ontstaat voor de omgeving. Er moeten goede afspraken gemaakt worden, waar de ondernemer zich aan moet houden. Het CDA geeft een positieve opinie over voorliggende bestemmingsplanwijziging.

De heer MEIJERINK zegt dat de PvdA niet blij is met dit soort activiteiten binnen de EHS. In dit geval zijn deze activiteiten al vele jaren aan de gang en werden kennelijk gedoogd.
Het is goed dat er duidelijke kaders gesteld worden over wat er op de locatie toegestaan is als de commissie vanavond positief is over het voorstel. Onder die voorwaarde kan de PvdA instemmen.

De heer BEUNK zegt dat in het stuk wordt gesproken over de functie horeca, terwijl in de aanvraag staat: bestemming recreatief. Hij verzoekt de wethouder of er verschil zit in de gebruiksmogelijkheden tussen deze twee zaken.

Ook Gemeentebelang heeft geconstateerd dat niet hard gemaakt kan worden hoe lang er al activiteiten plaatsvinden op deze locatie. Spreker zegt dat van belang is wat de gemeente daar wel of niet wenst.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt bij interruptie dat iemand die tien of vijftien jaar dit soort activiteiten doet, dat zelf moet bewijzen.
De heer BEUNK zegt dat de vorige eigenaar hierover navraag heeft gedaan bij degene die daarvoor eigenaar was. Deze laatste zegt dat dat inderdaad het geval is geweest.
Het gaat nu om een principeverzoek. De wethouder heeft toegezegd in gesprek te gaan over de te stellen kaders. De omwonenden hebben blijkbaar al jarenlang de activiteiten gedoogd. Alles overwegende zegt Gemeentebelang dat in overleg met de eigenaar bekeken moet worden wat gedaan kan worden binnen de normale structuur die hiervoor geldt.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat duidelijk afgekaderd zal worden door de gemeente wat daar wel en niet is toegestaan.
De heer De Koe stelde dat er een hek geplaatst moet worden om een bedrijf als men zich niet houdt aan de regels. Spreker merkt op dat de gemeente bij overtredingen haar normale legitieme middelen heeft. Als het gebruik op deze locatie wordt afgekaderd, zal de gemeente hierop toezien.
D66 wenst geen commerciële activiteiten in de EHS. Er gebeuren op dit moment echter volop activiteiten in de EHS, die niet verboden worden.
In de raad is eerder gesproken over snippergroen, waarbij het ging om soms oneigenlijk gebruik van gemeentegrond. De gemeente heeft in dat proces soms medewerking verleend en afwegingen gemaakt of iets wel of niet mogelijk was.
Het is niet aan de provincie deze zaak te legaliseren. De gebruikelijke procedure is dat de gemeente vooroverleg heeft met de provincie. Legalisatie is een zaak voor de raad door het bestemmingsplan vast te stellen. De provincie kan daarop vervolgens een zienswijze geven.

Tweede termijn
De heer DE KOE zegt dat VVD Lokaal na de beantwoording van de portefeuillehouder instemt met het in procedure brengen van het voorstel, omgeven met zeer strikte en handhaafbare regels. Men weet waar men aan toe is en wat men kan verwachten.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat D66 geen illegále commerciële activiteiten in de EHS wil. D66 moedigt het college aan met de ondernemer in gesprek te gaan over wat mogelijk is. Iedereen mag gebruik maken van de openbare weg of van een fietspad, ook van mountainbikepaden die er zijn in de EHS. Het gaat hier echter om het illegaal aanleggen van paden en van een midgetgolfbaan.
De wethouder sprak over snippergroen. Dat is een heel andere zaak, die niets te maken heeft met de EHS.

De heer TER KEURS zegt dat twee zaken van belang zijn: mogelijkheden en ruimte voor de ondernemer en rust voor de omgeving en de bewoners.
Spreker merkt op dat zijn eerdere woorden betrekking hebben op het stukje grond waar het nu over gaat. De activiteiten wil hij bij deze ondernemer laten en geen zaken bevriezen.

De heer BERKHOFF zegt dat de boodschap vanavond duidelijk is en dat het college een stevig gesprek moet voeren met de ondernemer.

De heer H. KREIJKES zegt dat het CDA positief is over het voorstel onder de voorwaarde dat er goede afspraken worden gemaakt met de ondernemer om de rust in het gebied beter te waarborgen.

De heer BEUNK zegt dat de wethouder door moet gaan met het verzoek tot bestemmingsplanwijziging. Dat schept duidelijkheid voor de omwonenden. Er wordt goed gekeken naar de natuurwaarde en naar de verbetering daarvan. De wethouder heeft aangegeven zaken af te kaderen. Spreker doet de suggestie de BOA’s in te schakelen met betrekking tot de overlast van het parkeren.

Wethouder CORNELISSEN dankt de commissie voor de heldere opinie.

7 Raadsvoorstel vaststellen bestemmingsplan Wonen Holten, Larenseweg 60-62 (Cornelissen)
De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het raadsvoorstel vaststellen bestemmingsplan Wonen Holten, Larenseweg 60-62 als hamerstuk te behandelen in de raad.

8 Raadsvoorstel Actualisatie kosten update LTVV (Aanstoot)
Eerste termijn
De heer BEUNK zegt dat de onlangs gehouden informatieve bijeenkomst zeer verhelderend was. Er is kort gesproken over € 35.000. Spreker vraagt of dit bedrag geheel bestemd is voor prioriteit 2.


De heer HAASE zegt dat de SGP instemt met het raadsvoorstel, maar dat de gemeente moet blijven streven naar de uitvoering van de oorspronkelijke plannen. Zij ziet uit naar de discussie bij de kadernota, met name over het project Enterstraat/Oranjestraat.
Spreker vraagt de wethouder wat de status is van de noord-zuidfietsverbinding.

De heer H. KREIJKES zegt dat het CDA enerzijds van mening is dat de raad moet weten wat wel of niet in de begroting is opgenomen. Anderzijds twijfelt zij of een dergelijk zwaar middel ingezet moet worden en of er zoveel extra kosten gemaakt moeten worden voor het optuigen van een heel andere structuur. Spreker vraagt de wethouder dit toe te lichten, omdat in het beginstadium van een begroting voor iedereen duidelijk moet zijn wat er wel of niet is opgenomen. Dat lijkt het CDA een beter voorstel, dat veel minder kosten met zich meebrengt.

De heer BLAAZER zegt dat in het verleden interne uren niet werden doorbelast op projecten. Dat gaat nu wel gebeuren. Spreker vraagt wat er vroeger gebeurde met die interne uren.
Het geeft een duidelijk beeld als in de kadernota de projecten meegenomen worden. De ChristenUnie gaat ervan uit dat de extra te maken kosten terugverdiend worden bij het uitvoeren van het project door minder tegenvallers te hebben. Zij stemt in met het voorstel.

Wethouder AANSTOOT zegt dat er in het verleden wensen stonden bij Prio 3. Dat is op dit moment niet het geval. Er is een dekking van € 3.8 miljoen aan projecten die uitgevoerd worden. Er is geen dekking voor € 1.3 aan projecten. Het is de bedoeling een goede uitwerking te krijgen van deze laatste projecten naar een zodanig detailniveau, dat alles daarin is opgenomen. Een voorbeeld is de Boomkamp, waar een bedrag van € 658.000 krediet is opgenomen uit het Ltvv. De totale kosten worden geraamd op € 1.1 miljoen.
Als er werkzaamheden worden uitgevoerd, zoals rioleringswerkzaamheden, worden onderdelen van de noord-zuidfietsverbinding direct meegenomen. Dat geldt bijvoorbeeld als er werkzaamheden uitgevoerd worden in de Boomkamp richting station.
In de voorlichtingsbijeenkomst is duidelijk gemaakt dat de gemeente wil werken volgens een bepaalde kostensystematiekberekening, waar veel gemeenten en adviesbureaus mee werken. Het principe is dat op het moment dat de eerste pennenstreep voor een plan op papier wordt gezet en er vinden calculaties plaats, dat daaraan nog heel grote risico’s zitten. Die risico’s worden afgeprijsd, soms wel voor 40% of 50% van de vierkante meterprijs. Naar gelang de bestekfase naderbij komt, worden de risico’s beter in beeld gebracht en worden deze kleiner.
Het college denkt met de voorgestelde wijze van werken, dat wordt voorkomen dat er aan het eind van een project onvoldoende middelen blijken te zijn en dat er zaken worden uitgevoerd die niet voldoende in beeld waren. Dit moet leiden tot een reëlere prijsstelling bij de kredietaanvraag.
In het verleden werden de interne uren via de algemene dienst verrekend. In het kader van het Besluit Begroting en Verantwoording moeten gemeenten de interne uren echter toerekenen aan de projecten.
De projecten in het Ltvv voor de Rijssense infra zijn opgenomen. Het project Enterstraat/Oranjestraat valt buiten de financiering. Bij de kadernotadiscussie kan daarover verder gesproken worden.
Het college gaat ervan uit dat de kosten uiteindelijk terugverdiend worden door zorgvuldiger te kunnen werken. De kredietaanvragen zullen in de toekomst alle werkzaamheden bevatten.

Tweede termijn
De heer H. KREIJKES vraagt of de wethouder een inschatting kan maken van de hoeveelheid extra kosten die jaarlijks gemaakt worden door deze werkwijze goed in te regelen en of deze kosten opwegen tegen de missers van de afgelopen jaren.
Wethouder AANSTOOT zegt dat hij daarvan geen concrete inschatting kan maken. Het aantal overschrijdingen zal in elk geval verminderen door beter in control te zijn.

De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het raadsvoorstel Actualisatie kosten update LTVV als hamerstuk te behandelen in de raad.

9 Raadsvoorstel vaststelling bestemmingsplan “Buitengebied Holten, Oude Deventerweg” (Cornelissen)
De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het raadsvoorstel vaststelling bestemmingsplan ”Buitengebied Holten, Oude Deventerweg” als hamerstuk te behandelen in de raad.

10 Raadsvoorstel Vaststellen grenzen bebouwde kommen Wet Natuurbescherming (Aanstoot)
Wethouder AANSTOOT deelt mee dat in het oorspronkelijke raadsvoorstel onder punt 5, draagvlak, de suggestie stond dat een en ander ter inzage gelegd moest worden en dat de reacties meegenomen zouden worden. Het gaat hier echter om een aanpassing van de eigen regelgeving op wetgeving van de rijksoverheid, namelijk de inwerkingtreding van de Wet Natuurbescherming. Inhoudelijk gaat het niet om een verzwaring of versoepeling van de houtopstanden. Het college heeft gemeend dat daarover geen procedure voor terinzagelegging opgenomen hoeft te worden. Het raadsvoorstel is hierop inmiddels aangepast.

De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het raadsvoorstel grenzen bebouwde kommen Wet natuurbescherming als hamerstuk te behandelen in de raad.

11 Raadsvoorstel Vaststellen Kapverordening 2017 (Aanstoot)
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat hij de lijst van waardevolle bomen van 2009 heeft vergeleken met de nieuwe lijst en tot een schokkend resultaat is gekomen. In Holten stonden in 2009 194 waardevolle bomen. In de nieuwe lijst staan er nog 137. Dat betekent niet dat er 57 bomen gekapt zijn. Er zijn ongeveer 90 bomen gekapt en er zijn kennelijk 33 nieuwe bomen gekomen. In Rijssen waren er in 2009 226 bomen. Volgens de nieuwe lijst zijn er 137. Tweederde van de waardevolle bomen is gekapt in acht jaar. In totaal zijn het 243 bomen.
D66 volgt sinds een jaar alle kapvergunningen en heeft deze geanalyseerd. Er zijn 40 kapvergunningen afgegeven. Een kapvergunning wordt afgegeven als een boom op de lijst staat of als de gemeente zelf wil kappen. Met de 40 kapvergunningen zijn er 142 bomen gekapt. Bij vier kapvergunningen ging het in één jaar om totaal 17 waardevolle bomen, vijf bomen hadden te maken met ziekte en 61 bomen werden gekapt in verband met nieuwe ontwikkelingen. 25 bomen werden gekapt vanwege overlast.
Spreker vraagt zich af wat de zin is van de lijst met waardevolle bomen. Voor spreker gaat het bij een waardevolle boom om de gedachte dat er alles aan gedaan wordt de boom te beschermen. In de kapverordening staat hierover dat een vergunning geweigerd mag worden als er sprake is van een natuurwaarde, een landschappelijke waarde of een beeldbepalende waarde. Dat geldt in feite voor alle bomen op de lijst, maar kennelijk wordt er niet vaak een vergunning geweigerd. Spreker vraagt wat de mening van de commissie hierover is. Verder vraagt hij de wethouder of het niet tijd wordt na te denken over een bomenbeleid, waarin precies wordt vastgelegd hoe met bomen wordt omgegaan, en of de wethouder een evaluatie wil laten uitvoeren van de kapverordening in de laatste negen jaar. Daardoor is de gemeente beter in staat de bomen te beschermen en de waardevolle bomen in stand te houden.

De heer BERKHOFF vraagt wat de heer Klein Velderman precies wil evalueren.
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat er eerst geëvalueerd moet worden om te zien wat het effect van de kapverordening in de afgelopen jaren is geweest. Op basis van die cijfers kan er bomenbeleid gemaakt worden en kan er beter gestuurd worden. De commissie kan dat in een volgende commissie bespreken.

De heer BERKHOFF zegt dat hij zich aansluit bij de vraag van de heer Klein Velderman over wat de lijst met waardevolle bomen waard is als na een aantal jaren veel bomen gekapt blijken te zijn.

De heer NIJKAMP zegt dat in 2009 uitvoerig is gediscussieerd in de commissie over de samenstelling van de lijst, over bomenbeleid en over criteria. Dat geldt nog steeds voor spreker.
De heer Klein Velderman heeft een onderzoek gedaan naar het kappen van waardevolle bomen. De uitkomst daarvan kan spreker niet weerleggen, maar het lijkt hem goed een evaluatie te doen om te zien hoe hiermee de afgelopen acht jaar is omgegaan en daarover te discussiëren. Spreker heeft zelf andere ervaringen en wil de lijst met waardevolle bomen handhaven zoals deze is bedoeld.

De heer MEIJERINK zegt dat hij benieuwd is naar de reactie van het college op de woorden van de heer Klein Velderman. Een evaluatie lijkt op zijn plaats, ook gezien de grote CO²-doelstelling. Bomen kunnen daarin een cruciale rol spelen.
In de kapvergunning staat dat de gemeente een herplantplicht kán opleggen. Spreker vraagt de wethouder dit toe te lichten.

De heer VAN DEN BERG zegt dat het goed is dat de heer Klein Velderman actief is geweest om de lijsten te vergelijken. Spreker sluit zich aan bij de vraag van de heer Berkhoff wat de waarde is van deze lijst.
Verder wijst hij op de boomonvriendelijk geprinte bomenlijsten van de heer Klein Velderman.
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat de lijst tweezijdig is geprint. De lijsten toont hij als een middel om dit punt onder de aandacht te brengen.

De heer MULLER vraagt zich af wat de stand van zaken omtrent de waardevolle bomen zou zijn als er geen lijst geweest was. Voorts vindt spreker het jammer dat de informatie die de heer Klein Velderman zojuist gaf, niet vooraf is verstrekt. Als hij dat had gedaan, had op dit moment gediscussieerd kunnen worden.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt toe de informatie rond te sturen, om er op een later tijdstip nogmaals over te spreken.

De heer BERKHOFF zegt dat hij op dit moment benieuwd is naar de reactie van het college.

Wethouder AANSTOOT zegt dat het goed is dat de commissie een kritische houding heeft. Spreker is zelf ook voorstander van het behoud van houtopstanden. Hij wil over de effecten van het kapbeleid op dit moment geen conclusies trekken. Zeker in 50% van de gevallen wordt er een herplantplicht opgelegd en er is zeker de laatste jaren heel veel nieuw aangeplant.

De heer MEIJERINK vraagt bij interruptie wat de overwegingen van het college zijn als een herplantplicht wordt opgelegd.
Wethouder AANSTOOT zegt toe dat hij het antwoord daarop via een NB aan de commissie laat weten.
In 2009 is uitvoerig gediscussieerd over het kapbeleid. Het lijkt spreker op zijn plaats dat beleid te evalueren. Hij stelt voor het voorliggende voorstel aan te nemen in de raad van 23 mei 2017 en in de loop van 2017 het kapbeleid van 2009 te evalueren. Of het kapbeleid aangepast moet worden, kan op dat moment besproken worden.
NB.: Op 26 juni 2017 is de notitie criteria herplantplicht aan de raadsleden gemaild.

Tweede termijn
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat D66 instemt met het voorstel van de wethouder. De evaluatie kan volgens spreker snel uitgevoerd worden. Als de verordening opnieuw vastgesteld moet worden, moet dit gebeuren voor het voorjaar van 2018.

De heer HAASE zegt dat de SGP instemt met het voorstel van de wethouder. Het kan geen kwaad een boom op te zetten over de kapverordening. De SGP ziet de evaluatie tegemoet.

De heer NIJKAMP zegt dat het CDA zich kan vinden in het voorstel van de wethouder om de twee zaken te splitsen.
Spreker verzoekt het college een reactie te geven op de cijfers die de heer Klein Velderman heeft genoemd. Als die cijfers iets suggereren, moet het college dat kunnen weerleggen.

De heer BERKHOFF zegt dat de ChristenUnie zich kan vinden in het voorstel van de wethouder. De evaluatie kan in het najaar besproken worden, waarbij de voorlopige conclusies van de heer Klein Velderman meegenomen moeten worden. Er moet op dat moment geen discussie ontstaan over mogelijk verschillende cijfers en verschillende onderzoeken.

De heer VAN DEN BERG zegt dat VVD Lokaal positief staat tegenover het raadsvoorstel en de evaluatie graag tegemoet ziet.

De heer MULLER zegt dat Gemeentebelang akkoord gaat met het raadsvoorstel.

Wethouder AANSTOOT zegt op de woorden van de heer Nijkamp dat hij op dit moment geen andere, harde cijfers kan geven. Het college zal die echter meenemen in de evaluatie.

De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het raadsvoorstel vaststellen Kapverordening 2017 hamerstuk te behandelen in de raad.

12 Raadsvoorstel voorbereidingsbesluit houtopstanden buiten de bebouwde kom Wet natuurbescherming (Cornelissen)
De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het Raadsvoorstel voorbereidingsbesluit houtopstanden buiten de bebouwde kom Wet natuurbescherming als hamerstuk te behandelen in de raad.

13 Raadsvoorstel het ontwerpbestemmingsplan “Buitengebied Rijssen, herontwikkeling Lichtenbergerweg 6a en8”, ongewijzigd vaststellen (Cornelissen)
De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het Raadsvoorstel ontwerpbestemmingsplan “Buitengebied Rijssen, herontwikkeling Lichtenbergerweg 6a en8”, ongewijzigd vaststellen” als hamerstuk te behandelen in de raad.

14 Raadsvoorstel Subsidieregeling gevelverfraaiing centrum Rijssen (Tijhof/Cornelissen
Eerste termijn
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat er een mooi voorstel voorligt, waarin gepoogd wordt ontsierende gevels in Rijssen te verfraaien. Spreker vraagt waarom het voorstel alleen van toepassing is voor Rijssen.
Spreker vraagt of het college met dit voorstel een bepaald beeld wil uitstralen voor het centrum en de intentie heeft oude panden in ere te herstellen.
 
Mevrouw DEIJK zegt dat VVD Lokaal van mening is dat er een sympathiek voorstel voorligt. Wel heeft zij enige vragen en opmerkingen.
In punt 2 van het raadsvoorstel staat: “Verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit in het centrum van Rijssen door ondernemers te stimuleren hun panden te ontluifelen en hun gevel te verfraaien.” In punt 3.1 staat dat er € 75.000 beschikbaar is. In de bijlagen 2 en 3 staan veel panden die in aanmerking komen voor de regeling. Er kunnen volgens spreekster zeven panden in aanmerking komen voor de regeling. Zij vraagt zich af wat het totaalplan is en of hier geldt “wie het eerst komt, het eerst maalt”.

De heer BLAAZER sluit zich aan bij de vragen van mevrouw Deijk. Het is een prima initiatief, een stukje verfraaiing van de gevels en het levert mogelijk werkgelegenheid op. Verder vraagt hij hoe de pandeigenaren op de hoogte worden gebracht van deze subsidiemogelijkheid.
In de stukken staat dat men eerst een omgevingsvergunning moet indienen alvorens er subsidie wordt verstrekt. Dat kan betekenen dat men kosten moet maken, dat de vergunning te laat komt en men buiten de boot valt. Spreker vraagt hoe hiermee omgegaan wordt.

De heer MULLER zegt dat bij de opstart van ‘Rijssen-Holten Werkt!’enkele thema’s zijn benoemd, waaronder gevelaanpassingen op bedrijventerreinen en in winkelcentra. Het begrote en toen genoemde indicatieve budget was € 80.000 en kwam uit het oude Deltaplan. Spreker vraagt of door voorliggend voorstel alle andere initiatieven met betrekking tot gevelaanpassingen worden stopgezet of dat er misschien nog middelen beschikbaar zijn uit bijvoorbeeld het budget dat beschikbaar was voor de nieuwe winkelstraat. Voor het voorstel is actief contact gezocht met de Habi om de winkelstraat in zijn totaliteit te verbeteren. Spreker vraagt of er ook met andere partijen, zoals ondernemersverenigingen en de Holtense Handelsvereniging, contact is geweest. Ook op de Smidsbelt in Holten zijn er gevels die een opknapbeurt kunnen gebruiken.

De heer HAASE zegt er een goed plan voorligt, waarover de SGP enkele vragen heeft. In de stukken staat dat de gemeente van mening is dat de betreffende regeling voorziet in een substantiële bijdrage. Spreker vraagt of dat ook de mening is van de Habi. Verder vraagt hij of er een inschatting is gemaakt van de animo voor het plan.
Het is goed te streven naar het verfraaien van de gevels in de gemeente, maar er moet tegelijkertijd een verdere vervuiling van de gevels worden voorkomen. Spreker vraagt of daarin voorzien is.
De financiering komt uit ‘Rijssen-Holten Werkt!’, dat is gericht op het versterken van de lokale economie, de lokale werkgelegenheid en behoud van arbeidsplaatsen. De gemeente profiteert maximaal als dit wordt gekoppeld aan lokale ondernemers die het werk uitvoeren. Spreker vraagt of het college daarover heeft nagedacht.

De heer H. KREIJKES zegt dat er een prima voorstel voorligt. 30 panden kunnen in aanmerking komen voor de regeling. Als er echter meer ondernemers willen meedoen dan zeven of acht, moet bekeken worden of er in de toekomst extra geld beschikbaar gesteld kan worden.

Wethouder TIJHOF zegt dat hetgeen voorligt een uitwerking is van ‘Rijssen-Holten Werkt!’. Daarin staat samen met de samenleving projecten te willen opzetten, die aan de daarvoor geldende criteria voldoen. De vraag om met dit project aan de slag te gaan, komt vanuit de projectgroep, waarin met name de Habi actief is. Daarnaast is het onderdeel van de structuurvisie voor het centrum van Rijssen. Er is geen blokkade dit ook te doen in Holten. Holten staat echter nog aan de vooravond van de uitwerking van de structuurvisie voor haar centrum en het zou ook in Holten in de loop van de tijd daarvan een onderdeel kunnen worden.
‘Rijssen-Holten Werkt!’ is een project met veel facetten. In de voorloper hiervan, het Deltaplan, waarbij gevelaanpassingen op het bedrijventerrein en in de centra zijn gerealiseerd, bleken ook kleine bijdragen op goede manier te werken. Dat geld is op. Met ‘Rijssen-Holten Werkt!’ is geld beschikbaar gesteld, dat ingezet kan worden voor ontluifeling.
Het plan is samen met de middenstand opgezet en de middenstand is vanaf het begin hierbij betrokken.
Er is een beperkt budget. Wie het meest daadkracht toont, komt het eerste aan de beurt.
Het betrekken van lokale ondernemers is geen voorwaarde. Spreker wil daarover wel een signaal afgeven, maar de gemeente is bij dit soort projecten niet de opdrachtgever.
Er wordt gesproken met alle betrokkenen en men zou waarschijnlijk graag een hogere bijdrage krijgen. Om het geld echter op een goede manier te kunnen verdelen, ligt er een redelijk voorstel voor, waarin ook de Habi zich kan vinden.
Ondernemers moeten inderdaad een omgevingsvergunning aanvragen. Wat de gemeente aanbiedt, is niet doorslaggevend, maar moet gezien worden als een extra bijdrage en een stimulans om een ondernemer over de streep te trekken. In de meeste gevallen zijn zij al van plan die stap te zetten en te investeren.
Het tegengaan van verdere vervuiling is onderdeel van de structuurvisie, waarin een aantal ruimtelijke kwaliteiten is afgesproken. Binnen het centrum van Rijssen wordt gewerkt aan een project voor de nieuwe winkelstraat en wordt met inwoners en ondernemers bekeken hoe het centrum functioneel en leefbaar kan blijven.

Tweede termijn
Mevrouw DEIJK vraagt zich af waarom de gemeente geld beschikbaar stelt als de ondernemers toch al van plan zijn hun gevels aan te passen.
Wethouder TIJHOF zegt dat er nog veel kansen liggen. Volgens de bijlagen bij het voorstel zijn dat er zeker meer dan zeven. Spreker hoopt dat de regeling een aanjaagfunctie krijgt, waardoor er mooie, historische gevels terugkomen en er een aantal lelijke luifels verdwijnen.

De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het Raadsvoorstel Subsidieregeling gevelverfraaiing centrum Rijssen als hamerstuk te behandelen in de raad.

15 Raadsvoorstel Instellen gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Twente (Aanstoot)
Eerste termijn
De heer MULLER zegt dat niemand momenteel zit te wachten op een nieuwe gemeenschappelijke regeling. Hij vraagt wat er gebeurt als de raad geen toestemming geeft aan het college.

De heer TER KEURS zegt dat de raad niet om dit voorstel heen kam. Het is echter belangrijk dat samenwerking een kostenvoordeel en een efficiëntievoordeel oplevert. In voorliggend stuk staat dat de tarieven worden vastgesteld op basis van de gemiddelde tarieven van de deelnemers. Rijssen-Holten is een efficiënt werkende gemeente. Als er op deze manier gerekend wordt, ook bij andere verplichte samenwerkingsverbanden, kost dat altijd geld voor Rijssen-Holten. De SGP roept op dit ter sprake te brengen en te proberen de tarieven voor een samenwerkingsverband op de meest efficiënte gemeente af te stemmen. Dat kan een uitdaging zijn voor de andere deelnemende gemeenten en kan een forse kostenbesparing zijn.
Er moeten geen plustaken afgenomen worden. De SGP gaat voor de minimale optie.

De heer H. KREIJKES zegt dat uitgegaan moet worden van het afnemen van het minimale pakket. Als de gemeente sommige specialismen voor extra taken niet of onvoldoende in huis heeft, kunnen deze via de markt ingehuurd worden en gaan voor de goedkoopste tarieven.

Wethouder AANSTOOT zegt dat het hier gaat om een wettelijke gemeenschappelijke regeling voor de Omgevingsdienst. De gemeente heeft drie jaar gewerkt in een netwerkomgeving, waarbij de personeelsleden bij partners, gemeenten en provincie in dienst bleven en vervolgens voor de RUD taken uitvoerden.
Nog maar drie jaar gelden hadden 23 netwerk-RUD’s in Nederland een WGR-constructie. IJsselland, Twente en Noord-Limburg kregen de kans te blijven werken met een netwerk-RUD. Dat was een goede constructie met lage kosten. Toch moeten zij nu van de wetgever een verplicht basistakenpakket onderbrengen in een WGR-constructie. Gemeenten kunnen overstappen naar een andere omgevingsdienst, maar moeten dan ook uit de veiligheidsregio stappen. Dat is geen optie. Niet meedoen, betekent dat de overheid een aanwijzing doet.
In alle ambtelijke en bestuurlijke gremia heeft Rijssen-Holten altijd gezegd te gaan voor de laagste kosten en de gemeente die het beste presteert op onderdelen te nemen als leidraad. Deels is daarnaar wel geluisterd, hoewel er toch overheadkosten zijn gepresenteerd die Rijssen-Holten niet gewend is. Spreker zegt dat er ambtelijk en bestuurlijk overleg is op 2 juni 2017, waarbij de uitwerking van de werkgroepen betrokken wordt. Deze zaken worden opgenomen in het bedrijfsplan. Op 23 juni 2017 zal Rijssen-Holten de regeling aangaan.
Spreker zegt toe in ambtelijke en bestuurlijke overleggen duidelijk te maken dat Rijssen-Holten gaat voor een laag kostenniveau, voor een hoge kwaliteit en voor robuustheid en dat zij tegen het hoge kostenpatroon is.
In de regeling staat duidelijk dat er geen bevoegdheden worden overgeheveld. Gemeente en provincie blijven het bevoegd gezag. De Omgevingsdienst is een uitvoeringsorganisatie.

Tweede termijn
De heer MULLER zegt dat Gemeentebelang akkoord gaat met het voorstel. Een belangrijk punt zijn de stijgende kosten. Spreker mist in de stukken een indicatie of een begroting waarmee straks gewerkt wordt.

Wethouder AANSTOOT benadrukt dat het college alleen de wettelijke basistaken bij de Omgevingsdienst neerlegt. Bij facultatieve taken bekijkt het college of dat op een andere manier kan. Via een dienstverleningsovereenkomst kan de gemeente dit jaarlijks aanpassen en er jaarlijks mee stoppen.
Spreker gaat ervan uit de begroting tijdig bekend is. Dat wordt echter de bevoegdheid van die entiteit.

De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het Raadsvoorstel Instellen gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Twente als hamerstuk te behandelen in de raad.

16 Het realiseren van 9 seniorenwoningen aan de Gaardenstraat 29-35 in Holten (opiniërend; Cornelissen)
Eerste termijn
De heer HAASE zegt dat de agendapunten 16 en 18 betrekking hebben op seniorenwoningen of levensloopbestendige woningen. Spreker vraagt hoe dit samenvalt met de appartementenvisie, die de raad nog tegemoet kan zien, en met name betrekking heeft op ouderen.
Deze agendapunten, waaronder ook agendapunt 19, maken gebruik van de knelpuntenpot. Spreker vraagt wat dit betekent voor deze knelpuntenpot in Holten, ook in relatie met de plannen voor het Enkcoterrein. In de onlangs vastgestelde woonvisie staan voor Holten 65 woningen tot en met 2065. Door in te stemmen met deze drie agendapunten, worden er 20 afgesnoept. Spreker vraagt of het dan nog steeds mogelijk is die zaken te realiseren die de raad graag wil doen.

De heer NIJKAMP zegt dat het CDA herhaaldelijk aandacht heeft gevraagd voor seniorenhuisvesting in Holten, daarbij doelend op appartementen en grondgebonden woningen in zowel de koop- als de huursector. De heer Haase verzoekt het college in feite te komen met een visie voor seniorenappartementen.
De betreffende locatie is volgens het CDA bij uitstek geschikt voor seniorenhuisvesting. Het CDA kan zich uitstekend vinden in het voorstel.

Mevrouw KUIPER zegt dat Gemeentebelang dit eveneens een goed voorstel vindt, omdat er inderdaad vraag is naar seniorenwoningen.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat D66 van harte instemt met de bouw van de elf woningen, om de uittocht uit Holten van senioren tegen te gaan.

Mevrouw DEIJK zegt dat dit voorstel volgens VVD Lokaal voorziet in een behoefte en daarover positief adviseert.

De heer MEIJERINK zegt dat ook de PvdA positief is over het voorstel. Spreker is benieuwd naar het antwoord van het college op de vraag van de heer Haase.

De heer OTTEN zegt dat er een mooi plan op een mooie locatie voorligt. De ChristenUnie is positief over dit plan, maar sluit zich aan bij de vraag van de heer Haase over de appartementenvisie.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat bij de bespreking van de woonvisie is aangegeven dat bij de appartementenvisie de ontwikkelingen rondom de Enkco worden betrokken. Deze visie komt binnenkort naar de commissie toe. De commissie heeft eerder al opgeroepen breder te kijken dan alleen naar appartementen voor senioren. Dit voorstel lijkt dan ook een goede aanvulling te zijn. In het totaal aantal te realiseren appartementen houdt het college de vinger aan de pols bij de ontwikkeling van de vraag. In de woonvisie staat hierover dat er een verwachting is wat betreft de trek richting appartementen. Dat is echter ook afhankelijk van de beweegredenen van mensen, waarbij ook nog afgewacht moet worden hoe het nieuwe kabinet zal omgaan met zorg. Op dit moment vragenmensen echter met name wanneer de schop de grond ingaat.
In de nieuwe woonvisie is bewust ruimte geboden om dit soort knelpunten op te lossen.
Een specifieke situatie betreft de strategische aankoop van de Enkco. Het college heeft niet direct aangegeven dat daar woningbouw moet plaatsvinden. Duidelijk is dat er een goede monitoring plaatsvindt naar de vraag, met name voor seniorenhuisvesting.

De heer HAASE merkt bij interruptie op dat in de woonvisie de relatie met de knelpuntenpot en de ontwikkeling van het Enkcoterrein expliciet is benoemd. Hij vraagt of dat inderdaad het geval is.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat er voor appartementen specifiek een aantal eenheden apart zijn opgenomen, die niet zozeer betrekking hebben op de knelpuntenpot, en die gerealiseerd kunnen worden op het Enkcoterrein. Voordat het Enkcoterrein in beeld kwam, is er al uitgebreid over de voorliggende locatie gesproken. Voor het oplossen van dit soort knelpunten, heeft het college gezegd daarvoor extra ruimte te bieden. Dat is meegenomen in de vastgestelde woonvisie.

Tweede termijn
De heer HAASE zegt dat de SGP positief is over het voorliggende plan.

De heer KLEIN VELDERMAN verzoekt de wethouder te proberen het gebouw dat er nu staat te ‘oogsten’ en voor een deel te hergebruiken bij de bouw van seniorenwoningen.

De heer NIJKAMP merkt bij interruptie op dat niet haalbaar lijkt bij dit plan.

De VOORZITTER concludeert dat het voorstel te zijner tijd terugkomt in de commissie.

18 Het bouwen van 11 levensloopbestendige woningen op de locatie Vosman in Holten (opiniërend; Cornelissen)
De heer KLEIN VELDERMAN toont een foto van het pand Vosman en geeft een toelichting op de ontstaansgeschiedenis van het pand. Spreker wil zich sterk maken om dit gebouw, dat welhaast een bescherm dorpsgezicht is, of het beeld dat het gebouw oproept, in het plan terug te laten komen in de elf appartementen, bijvoorbeeld door gevels te laten staan en daarachter nieuw te bouwen.
Er is altijd veel moeite gedaan de mooie boom voor het pand te behouden bij de aanleg van het Wansinktracé. Op de tekening bij het principebesluit komt deze boom echter niet terug. Spreker roept het college op in het plan rekening te houden met deze boom.

De heer NIJKAMP zegt dat het o.a. gaat om de sloop van een markant pand met een hoge stedenbouwkundige kwaliteit. Het pand staat al geruime tijd leeg en de functie horeca/kantoren is niet langer realistisch. In die zin kan spreker meegaan met een andere bestemming voor het terrein. Het CDA is echter kritisch op de kwaliteit. De structuur van de panden aan de Oranjestraat is van hoge kwaliteit. De elf geplande woningen met 22 parkeerplaatsen vindt spreker ‘gepriegel op de vierkante meter’ en een dissonant in het geheel. De woningen zijn laag qua nok- en dakgoothoogte.
Het ging in eerste instantie om acht woningen uit de knelpuntenpot. Dat zijn er met dit plan elf geworden. Spreker stelt voor op dit terrein woningen te ontwikkelen die meer uitstraling hebben dan de nu geprojecteerde woningen.

De heer BLAAZER zegt dat de ChristenUnie voorstander is van vernieuwing van het terrein. Het moet in de omgeving en in de straat passen.

De heer BEUNK zegt dat levensloopbestendige woningen op deze locatie nabij het centrum voor Gemeentebelang een uitstekend plan is. Spreker gaat ervan uit dat er bij de uitwerking nog volop gelegenheid is te discussiëren over het aantal woningen.
 
Mevrouw DEIJK zegt dat iedere Holtenaar zijn of haar herinneringen heeft aan de locatie Vosman. Desalniettemin is een horecafunctie in de toekomst niet langer reëel. VVD Lokaal heeft sympathie voor het voorstel van D66. Spreekster vraagt of het college heeft nagedacht om iets van het pand terug te laten komen in het nieuwe plan.

De heer MEIJERINK deelt de kritische vragen van de heer Nijkamp. De suggestie van de heer Klein Velderman verdient wellicht een nadere studie.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat het pand Vosman bij veel Holtenaren bekend is, maar ook in Holten is er het een en ander veranderd, o.a. door de keuze voor het Wansinktracé. Kwalitatief moet het plan een goede uitstraling hebben. Of dat betekent dat er elementen van het gebouw terug moeten komen, wil spreker niet zeggen, maar het moet wel aansluiten bij het karakter van de Oranjestraat. Het college heeft daarom bewust aangestuurd op dit type woningen, mede om geen concurrentie te laten ontstaan met de Kol.
De heer Klein Velderman toonde o.a. een boom op zijn foto. Daarop is ook het fietspad te zien. Ook daar zal in de planvorming naar gekeken moeten worden.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt bij interruptie of de boom blijft staan.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat de raad daarover gaat. Hij heeft niet de indruk dat de boom per se moet wijken voor de ontwikkeling op deze locatie. Het fietspad is ter plekke om de boom heen gelegd. Dit komt naar voren in de uitwerking en het komt terug in de bestemmingsplanprocedure.
Gesproken is over beschermd dorpsgezicht. Dat is een discussie die nog gevoerd moet worden. Hiervoor gelden specifieke regels, zoals deze ook gelden voor rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en karakteristieke woningen. Het college is uiterst terughoudend over het geven van een nieuwe invulling aan een bepaalde locatie. Hier gaat het echter om een zorgelijke locatie, zoals ook door de omgeving is aangeven. Het college denkt dat een goede invulling van de locatie een opwaardering van de Oranjestraat en de entree van Holten inhoudt.

Tweede termijn
De heer HAASE zegt dat de SGP een positief advies geeft over dit principeverzoek. Het kan echter nooit kwaad extra aandacht te vragen voor dit specifieke gebouw in het dorpsgezicht en te komen tot een goede ruimtelijke inpassing in de omgeving.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat het plan inderdaad een verbetering is van deze locatie. Hij verzoekt het college daarbij iets van Vosman terug te laten komen, zoals dat ook aan de orde was bij het agendapunt over gevelverfraaiing, waarbij de oorspronkelijke sfeer van oude panden terugkeert.

De heer NIJKAMP zegt dat voor het CDA verbetering van de kwaliteit voorop staat. Er zitten aan dit pand bepaalde sentimenten vast. De realiteit gebiedt echter daaroverheen te stappen.
Spreker vraagt de heer Beunk hoe zijn opmerking over het aantal woningen geïnterpreteerd moet worden.

De heer BEUNK zegt dat hij bedoelde dat het ook mag gaan om minder woningen op deze locatie.

De heer BLAAZER zegt dat de ChristenUnie positief staat tegenover het plan, waarbij zij aandacht vraagt voor de kwaliteit en de omgeving waarin de woningen gebouwd worden. Het is een mooie locatie, vlakbij het centrum van Holten, voor levensloopbestendige woningen

Mevrouw DEIJK zegt dat VVD Lokaal zich aansluit bij de woorden van de SGP en D66. Het zou mooi zijn als iets van het karakter van het pand terugkomt.

De heer BEUNK zegt dat voorop staat dat er geen verpaupering ontstaat. Het is daarnaast belangrijk dat er gebouwd wordt voor de doelgroep. Dat er elementen van het gebouw terug moeten komen, is geen voorwaarde voor Gemeentebelang.

De heer MEIJERINK zegt dat het mooi zou zijn als er inderdaad iets van het pand Vosman terugkomt in het plan. Spreker wil met nadruk de woorden “kwaliteit” en “uitstraling” onderstrepen.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat het aantal woningen niet alles zegt over de kwaliteit. Het aspect kwaliteit neemt spreker mee en is ook door het college voorop gezet.
In Rijssen wordt momenteel gebouwd op de locatie Otje van Potje. Die naamgeving zal waarschijnlijk altijd blijven bestaan. Dat zal wat spreker betreft ook het geval zijn voor de locatie Vosman, al is het aan de initiatiefnemers een naam te koppelen aan het plan. De opmerkingen uit de commissie neemt het college mee.
 
De VOORZITTER concludeert dat de commissie een positieve opinie geeft over het voorstel.

19 Verzoek gebruikmaken van de nieuwe knelpuntenregeling om bestaande zorgwoningen te transformeren tot reguliere woningen Schoolstraat 6 en 8 te Holten (opiniërend; Cornelissen)

Eerste termijn
Mevrouw DEIJK zegt dat na de twee vorige agendapunten met het oog op vergrijzingen, het nu gaat om het omzetten van bestaande zorgwoningen naar reguliere woningen. Zij vraagt hoe zij dit moet zien.

De heer MEIJERINK wijst op de toenemende parkeerdruk op de openbare ruimte, met name in relatie met de basisschool aan de Schoolstraat.

De heer BLAAZER zegt dat bij de vorige functie van het pand, namelijk zorg, er ook altijd veel auto’s werden geparkeerd. De ChristenUnie verwacht niet dat de parkeerdruk groter wordt. Het gaat hier om een bestaande situatie, die lastig om te zetten is naar iets nieuws om daar een parkeernorm op te leggen. De ChristenUnie is positief over het plan.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat D66 positief is over deze ontwikkeling. De school ligt tegenover deze locatie. Er is daar al een groot parkeerprobleem en wordt nog vergroot door deze functieomzetting. Spreker verzoekt het college daar goed naar te kijken en met een oplossing te komen.

De heer NIJKAMP zegt dat er inderdaad al veel parkeerproblemen zijn rondom school de Regenboog. Er wordt in het plan gesproken over vier parkeerplaatsen in de openbare ruimte. Spreker wijst op de achterkant van het gebouw, waar een openbaar parkeerterrein ligt, die een directe verbinding met deze locatie heeft. Spreker vraagt of er op die manier een oplossing te vinden is voor het parkeerprobleem. Hij zou graag zien dat de Regenboog ontlast wordt van extra parkeerplaatsen.

De heer MULLER zegt dat het uitgangspunt van leegstand en verpaupering op deze manier wordt opgelost. De doelgroep is gunstig. Gemeentebelang had in eerste instantie het parkeren niet als een ernstig probleem ingeschat. De voorstellen die nu hierover voorliggen, zal zij zeker steunen.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat er steeds meer zorgvastgoed vrij komt, dat niet opnieuw ingevuld kan worden met een zorgfunctie. Dat geldt ook voor deze locatie. Met dit plan worden in tegenstelling tot twee andere agendapunten waarbij het ging over seniorenwoningen, kleine woningen gecreëerd voor een specifieke doelgroep.
Het parkeren is ook een aandachtspunt voor het college. Het college heeft afgesproken dit op te lossen in de openbare ruimte. Er zal specifiek gekeken worden naar de achterkant van het gebouw, de parkeerplaats achter het Kulturhus, waar mogelijk een ontsluiting gecreëerd kan worden. Het college gaat daarover met de initiatiefnemer in gesprek.

Tweede termijn
De heer MEIJERINK zegt dat de PvdA na de woorden van de wethouder ten aanzien van het parkeren, akkoord gaat met het plan.

Mevrouw DEIJK zegt dat VVD Lokaal positief is over het plan na de woorden van de wethouder.

De heer HAASE zegt dat de SGP positief is ten aanzien van dit plan, maar het zou de SGP een lief ding waard zijn als de wethouder stappen onderneemt om de parkeerdruk in de omgeving zoveel mogelijk te verlichten.

De heer BLAAZER zegt dat de ChristenUnie een positieve opinie geeft over het plan.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat D66 en positieve opinie geeft. De parkeerdruk is een aandachtspunt. De parkeerplaatsen nabij de Regenboog zijn openbare parkeerplaatsen. Spreker roept de wethouder op hier nog een keer goed naar te kijken en te komen met een oplossing.

De heer NIJKAMP zegt dat het CDA eveneens positief is ten opzichte van het plan. Zij verbindt haar opinie aan de voorwaarde dat het parkeerprobleem wordt opgelost door de parkeerplekken aan de Tuinstraat hierin mee te nemen.

De VOORZITTER concludeert dat de commissie positief adviseert over het voorstel.

21 Actiepuntenlijst
- Verkeersveiligheid Akkerdijk:
- Planning en communicatie over werkzaamheden centrum Holten.
Beide actiepunten zijn beantwoord en worden van de lijst afgevoerd.

22 Rondvraag
De heer HAASE stelt de volgende vragen over informatief stuk b, het Handhavingsjaarverslag 2016:
- Waarom worden er geen cijfers gepresenteerd over het aantal meldingen en het aantal uitgedeelde proces-verbalen in de gemeente.
- Heeft de wethouder zicht op deze cijfers van het jaar 2016?
- Wil de wethouder deze cijfers beschikbaarstellen aan de commissie?
- Hoe gaat de wethouder met deze cijfers om in 2017?
- Is de wethouder van mening dat deze cijfers belangrijk zijn voor monitoring en sturing van de handhaving, ook gezien de onlangs gestarte campagne in verband met overlast van hondenpoep. Hiervoor is het belangrijk te beschikken over het aantal meldingen en proces-verbalen. De gemeente streeft namelijk een lik-op-stuk-beleid na.
Wethouder AANSTOOT zegt toe de vragen te beantwoorden via een NB.
NB.: Op 26 juni 2017 is de beantwoording van het college en de bijbehorende bijlage verstrekt aan de raadsleden. 

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat de gemeente een campagne is gestart “Houd het schoon, dat is gewoon”. Hondenbezitters worden hierin opgeroepen elkaar aan te spreken op het opruimen van hondenpoep. Er moet dan echter wel de mogelijkheid zijn de hondenpoep op te ruimen. Volgens spreker ontbreken er nogal wat afvalbakken.
Wethouder AANSTOOT zal het aantal afvalbakken controleren. De gemeente heeft redelijk goed in beeld waar de concentraties van de vervuiling zijn. Daarop wordt de controle door de BOA’s ingezet.

Mevrouw DEIJK verzoekt, met een voorbehoud, informatief stuk c te agenderen: onderzoek bermverharding wegen buitengebied.

De heer BEUNK vraagt aandacht voor handhaving op het parkeren van caravans op openbare parkeerplaatsen. Hiervoor is een richtlijn, maar het lijkt erop dat deze ruim overschreden wordt.

De heer BLAAZER zegt dat hij heeft geconstateerd dat er kinderen klauteren op de leuning onder de tunnel Otje van Potje, het deel dat langs het fietspad van de Molenstalweg loopt. Spreker vraagt of hiervan meerdere meldingen zijn geweest.
Wethouder AANSTOOT zegt dat hem geen meldingen bekend zijn. Spreker zegt toe aandacht te schenken aan deze verontrustende situatie.

De heer NIJKAMP zegt dat in Provinciale Staten een amendement is aangenomen, waarbij de verantwoordelijkheid voor recreatiewoningen bij de gemeenten wordt neergelegd. Spreker is benaderd door een aantal eigenaren van recreatiewoningen met de vraag wat dit voor hen betekent en verzoekt het college hierover informatie te verstrekken.
Wethouder CORNELSSEN zegt toe de vraag van de heer Nijkamp schriftelijk te beantwoorden.
NB.: Op 26 juni 2017 is de notitie mbt de Omgevingsverordening Overijssel 2017 verstrekt aan de raadsleden.

23 Sluiting
De VOORZITTER sluit de vergadering om 22.30 uur.

Aldus vastgesteld in de vergadering van de Commissie Grondgebied van Rijssen-Holten op 29 juni 2017

raadsvergadering-raad Anonymous vergadering-raad Anonymous