Gemeente Rijssen-Holten
Laden...

Gemeente Rijssen-Holten
Postbus 244
7460 AE
T: (0548) 85 48 54
E: gemeente@rijssen-holten.nl

Commissie Grondgebied 21 mei 2015 (19:30 uur)

Datum: 21-05-2015Tijd: 19:30 - 20:40Zaal: RaadzaalOpenbaarheid: OpenbaarVoorzitter: J. van VeldhuizenGriffier: H.A.J. van de VliertNotulist: E.J.H. Linssen-NijlandGenodigden: AanwezigNaamSGPG....

Zoekresultaten

Wordt geladen...

Commissie Grondgebied 21 mei 2015 (19:30 uur)

Datum: 21-05-2015
Tijd: 19:30 - 20:40
Zaal: Raadzaal
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: J. van Veldhuizen
Griffier: H.A.J. van de Vliert
Notulist: E.J.H. Linssen-Nijland
Genodigden:
AanwezigNaam
SGPG. Kreijkes, ir. A.S. Haase en J. ter Keurs
CDAH. Kreijkes RA CISA en H.J. Nijkamp
ChristenUnieJ. Berkhoff, N.J. Otten en B.J. Blaazer
GemeentebelangW.J.M. Muller, J. Beunk en J. Kuiper-Ruitenberg
PvdAJ.J.A. ter Keurst en R.W. Meijerink
VVDF.W. Noordam, E.J.W. Deijk en A.J. Kevelam
Lokaal LiberaalR.A. de Koe, E. Heuver-Harbers en D.J.K. van der Sanden
D66ir. H. Klein Velderman en J. van Veen
Het collegeA.J. Aanstoot, R.J. Cornelissen
Pers1
Publiek20

1 Opening
De VOORZITTER opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom.

2 Inventarisatie spreekrecht
Er hebben zich geen sprekers gemeld.

3 Vaststellen definitieve agenda
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

4 Verslag van de commissie Grondgebied van 16 april 2015
Naar aanleiding van:
De heer MEIJERINK refereert aan agendapunt 6, waarbij hij gepleit heeft voor een moderne erfpacht- constructie. De wethouder heeft daarbij toegezegd hiernaar te zullen kijken. Spreker mist deze toezegging op de actiepuntenlijst.
De GRIFFIER zegt dat de Woonvisie opiniërend is besproken, daarbij is hij ervan uitgegaan dat de wethouder dit punt zal meenemen in de verdere ontwikkeling van de Woonvisie. Als deze ter vaststelling wordt voorgelegd zal hier een reactie op komen. Hij zag de opmerking van de heer Meijerink dus meer als een opinie om mee te geven bij de verdere ontwikkeling van de Woonvisie.

Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

5 Mededelingen vanuit samenwerkingsverbanden en over strategische projecten
De heer AANSTOOT deelt mee dat de gemeente het perceel aan de Stationsstraat 8 heeft gekocht. De koopovereenkomst is vanochtend ondertekend.

6 Raadsvoorstel gewijzigd vaststellen van de ‘Aanvulling op de Kadernota landelijk gebied’ (Cornelissen)
De heer KEVELAM zegt dat een nota zo duidelijk moet zijn dat technische vragen niet noodzakelijk zijn, gelet hierop stelt hij de volgende zaken aan de orde:

  • Pag. 3: beëindigen intensieve tak rood voor rood. Hier staat dat de extensieve tak niet mag uitbreiden, ook niet in de toekomst. Maar er staat niet bij wat niet mag worden uitgebreid. Gaat dit bijvoorbeeld om grond, dieren of emissie.
  • Pag. 5: waardevolle karakteristieke en monumentale panden komen niet voor sloop in aanmerking. Er zijn blijkbaar twee soorten karakteristieke panden, nl. waardevolle en niet waardevolle. Hij vindt dit een subjectief gegeven en de VVD vindt dit niet goed uit te leggen. 
  • Pag. 6: niet bouwen binnen waardevolle gebieden (natuurgebied en bosgebied). Spreker zegt dat in deze regeling dan elk natuurgebied/bosgebied als waardevol kan worden aangemerkt. De VVD vindt dit niet juist en subjectief.
    In het taxatieverslag wordt bosgebied/natuurgebied gewaardeerd op € 1 m2,  dus in dat opzicht is het niet waardevol maar waardeloos.
  • Pag. 7: nevenactiviteiten. Als deze worden uitgevoerd door een bedrijf dat met Rood voor Rood heeft meegedaan dan mag er extra 150 m2 aan bijgebouw worden gebouwd. Dit betekent dus bovenop de 75 tot 150 m2 die normaal bij een woonbestemming mag worden gebouwd aldus spreker. Het gaat dan om 225 tot 300 m2. Spreker vraagt of dit juist is.
  • Pagina 7 en 8: terugbouwen bedrijfsruimte ook op locatie woonbestemming. Er wordt over gesproken dat men niet alleen een gebouw af mag breken en een woning in de plaats mag bouwen, maar men mag er ook een bedrijfsruimte voor terugbouwen elders. Mag dat dan ook op een woonbestemming? Daar wordt in deze nota niet over gesproken. Als dat niet mag gaat het dan om niet agrarische of wel agrarische activiteiten?

Dit zijn allemaal onduidelijkheden in een nota die eigenlijk duidelijk had moeten zijn. Daarnaast heeft een spreker een paar niet-technische vragen:

  • Pag 8: 50% terugbouwen van bedrijfsgebouwen met een maximum van 500 m2. In de eerste regeling stond 75% en 750 m2. Spreker vraagt naar de argumentatie waarom dit is verlaagd.
  • Spreker gaat in op de VAB’s (vrijkomende agrarische bouwwerken) en concludeert dat men  ook de mogelijkheid heeft een bedrijfsactiviteit te ontplooien op een agrarisch bedrijf, waarbij de agrarische activiteit in stand blijft. Echter wordt vermeld dat het agrarisch bedrijf op slot komt te staan. Er wordt daarbij verwezen naar een bijlage. Daarin worden ook nevenactiviteiten genoemd, zoals een caravanstalling, recreatie en kinderopvang. Geldt voor die bedrijven dan ook dat het agrarische gedeelte op slot komt? Of juist niet?
  • Pag 16: grootschalig, m.b.t. agrarische omvang, wordt gezien als 1,5 ha bouwblok, terwijl elders in de nota telkens wordt uitgegaan van 2 ha.

Verder vindt spreker de uitdrukkingen “gebiedsvreemd”, “beetje gebiedsvreemd” en “niet gebiedsvreemd” niets zeggend.
Hij heeft een lijst met vragen en zaken die onduidelijk zijn aangegeven of anders geïnterpreteerd kunnen worden. Hij stelt voor dat het voorstel nogmaals goed wordt doorgelezen en daar waar nodig wordt gewijzigd.

De heer BERKHOFF vindt bij interruptie dat de heer Kevelam de lijst met technische vragen eerder had kunnen indienen, dan was inmiddels een antwoord ontvangen en kon de tijd besteed worden aan het behandelen van de nota.
De heer KEVELAM zegt dat de tekst helder moet zijn om zo te voorkomen dat zaken op verschillende manieren geïnterpreteerd kunnen worden.

De VOORZITTER verzoekt de heer Kevelam de volgende keer een scheiding aan te brengen tussen technische en niet-technische vragen.

De heer BEUNK geeft complimenten over de  wijze waarop de wijzigingen duidelijk gearceerd zijn aangebracht en weergegeven. Dit waardeert Gemeentebelang zeer en ze zien dit als een voorbeeld voor komende gewijzigde voorstellen. De fractie is blij met voorliggend voorstel en omdat er geen zienswijzen zijn ingediend kan de fractie zich er wel in vinden. De provincie vindt het moeilijk in te schatten wat het kwalitatief resultaat van de KGO-berekening is. De provincie wijst het voorstel niet af, maar wil in de praktijk zien hoe de berekening leidt tot een kwalitatief resultaat qua groene omgeving.
Spreker stelt de volgende vragen:
a. hoe lang blijft de provincie schouwen?
b. wat zijn de criteria voor het meten van het resultaat?
c. wat te doen als de provincie deze methode alsnog afwijst?
Hij geeft aan dat er in 2.4 wordt gesproken over een compensatiewoning op de slooplocatie, waarbij is aangegeven dat de nieuw te bouwen woning qua uiterlijke vormgeving moet aansluiten bij de naast-gelegen bestaande woning(en) en passend is op de locatie. Hij wijst er daarbij op dat dit afhankelijk is van de beoordelaar. Gemeentebelang wil graag dat hier ruimhartig mee wordt omgegaan. Als de buurt op voorhand niet tegen een ontwerp is, dan moeten er wel zwaarwegende argumenten zijn om hiermee niet akkoord te gaan. Hij vraagt om een toezegging dat hiermee met de juiste zorgvuldigheid wordt omgegaan.
Hij gaat in op de woorden van de heer Kevelam over “gebiedsvreemd” en zegt begrepen te hebben dat hier geen discussie over is of komt in de praktijk. Hoewel hij klein, middel en groot ook vage begrippen vindt.

De heer TER KEURS zegt dat de SGP instemt met de aanvulling op de nota die voorligt. Hij merkt op dat de geschetste rekenmethode niet volledig objectief is en dat ook de provincie niet geheel overtuigd is van deze rekenmethode. Hij vindt dat er een andere rekenmethode gekozen moet worden als de huidige niet blijkt te werken.
Wat het gemeentelijk fonds betreft merkt spreker op dat er oog moet zijn voor de gestelde eisen en dat de landschappelijke inpassing niet wordt afgekocht.

De heer OTTEN zegt dat de ChristenUnie kan instemmen met de aanvullingen, ook omdat er al vaker over gesproken is.

De heer VAN VEEN zegt dat D66 het prettig vindt dat er een richtlijn is opgesteld in samenwerking met WT4 en stemt in met het voorstel.

Wethouder CORNELISSEN twijfelt een beetje omdat de voorzitter de conclusie trok dat het vooral de opinie was als het gaat om de kwaliteit van de nota waar de VVD op heeft gedoeld, of dat nu betekent of de technische vragen nu moeten worden beantwoord.

De VOORZITTER geeft aan dat de heer Kevelam heeft verzocht om het stuk terug te nemen om een verduidelijking te kunnen geven.

Wethouder CORNELISSEN vindt het jammer dat de door de heer Kevelam gestelde vragen niet eerder zijn gecommuniceerd. Dan had de beantwoording er gelegen en had spreker de mogelijkheid gehad om de heer Kevelam te overtuigen van het feit dat de nota wel voldoende duidelijk is.
Hij stelt voor door te gaan met de behandeling, omdat de overige commissieleden geen andere mening zijn toegedaan.

De heer BERKHOFF geeft bij interruptie aan dat hij het vreemd zou vinden als de nota wordt teruggetrokken omdat één van de fracties de technische vragen niet op tijd heeft ingediend.

De heer TER KEURS geeft bij interruptie aan dat ook de SGP hier ook geen voorstander van is.

De VOORZITTER vraagt de wethouder de niet-technische vragen te beantwoorden.

Wethouder CORNELISSEN zegt de vinger aan de pols te houden over de meetmethodiek. Deze is immers niet op voorhand afgekeurd door de provincie. Mocht de provincie uiteindelijk niet akkoord gaan met deze systematiek dan komt het college zeker terug bij de commissie.

De VOORZITTER geeft aan dat het wellicht goed is dat de heer Kevelam en de wethouder een keer om tafel gaan voor nadere toelichting.

De heer KEVELAM vraagt naar het verschil tussen  technische en niet technische vragen en vraagt of de vraag gesteld over de niet toegestane uitbreiding een technische of politieke vraag is. Dit staat in de regeling, dus met deze nota wil het college nu al aangeven dat een bedrijf nooit meer mag uitbreiden, tot in eeuwigheid. Spreker vraagt zich af of dit wel zo kan en mag worden geregeld.
Hij vraagt zich ook af hoe hij de twee soorten karakteristieke panden moet interpreteren en is van mening dat dit geen technische vragen zijn.

De heer G. KREIJKES stelt voor dat dit raadsvoorstel als bespreekpunt in de raad van 4 juni wordt behandeld en dat de heer Kevelam ondertussen met de wethouder/ambtenaar om tafel gaat om onduidelijkheden weg te nemen.
De heer KEVELAM zegt dat dit een commissievergadering is, waarbij de raad geadviseerd moet worden over het voorstel dat in de raad wordt behandeld. In de nota staan een aantal zaken die de VVD onjuist vindt en daarom stelt de fractie voor dit hier te bespreken, omdat de commissievergadering naar zijn mening daarvoor bedoeld is.

De heer G. KREIJKES geeft aan dat duidelijk is dat de VVD nog vragen heeft. De overige fracties hebben deze vragen blijkbaar niet. Als de VVD het wil bespreken dan is dat prima, dat kan als bespreekstuk in de raad.  

De heer MULLER zegt dat het vanavond gaat om de aanvullingen op de Kadernota landelijk gebied. Deze staan geel gearceerd. De punten die de heer Kevelam aandraagt waren volgens spreker in 2013 ook al onderdeel van de nota “Aanvulling op de Kadernota landelijk 
gebied".

De VOORZITTER concludeert dat de commissie adviseert het raadsvoorstel gewijzigd vaststellen van de ‘Aanvulling op de Kadernota landelijk gebied’ als bespreekstuk te behandelen in de raad.

7 Het realiseren van een recreatiebungalowterrein aan de Wildweg 1 en 2-4 in Holten (opiniërend; Cornelissen)
De heer HAASE zegt dat de SGP de uitwerking met belangstelling tegemoet ziet en op voorhand niet tegen is.

De heer NIJKAMP zegt dat het CDA kan instemmen met het voorstel en gaat in op de inflatie qua aantallen. Eerst werd er gesproken over 20 en nu over 65 vakantiewoningen. Is dit het maximum aantal woningen?

De heer DE KOE zegt dat Lokaal Liberaal positief tegenover het voorstel staat. Hij gaat in op de overcapaciteit, vraagt naar de precedentwerking en naar de implicaties voor de toekomst.

De heer OTTEN laat weten dat de ChristenUnie instemt met het voorstel en van mening is dat dit een mooie impuls voor de gemeente is.

De heer VAN VEEN zegt dat D66 positief tegenover het voorstel staat maar ook bedenkingen heeft. Hij wijst daarbij op een krantenartikel uit 2010, waarin de ontwikkelaar aangaf eind 2010 één woning te zullen realiseren. Dit is volgens spreker niet gebeurd. D66 is van mening dat de gemeente al veel tijd aan deze plannen heeft besteed en stelt voor dat er in de anterieure overeenkomst een betaling wordt gevraagd van de ontwikkelaar om de druk wat op te voeren.

De heer BEUNK zegt dat het voorliggende plan aansluit op een eerder genomen besluit en ook op de ambitie om het aantal overnachtingen in onze gemeente te laten toenemen. Het spreekt Gemeente-belang aan dat op basis van de omgevingsvisie van de provincie Overijssel medewerking kan worden verleend. Er staat ook in de stukken dat er sprake is van een innovatief concept, dat spreekt Gemeentebelang ook aan. De fractie merkt daarbij wel op dat schetstekeningen niet altijd illustreren wat er later ingediend wordt. Zoals de plannen nu voorliggen ziet het er volgens Gemeentebelang zeer fraai uit en de fractie wil dan ook niet dat het een standaard park wordt en stelt voor dat in een hardheidsclausule wordt opgenomen dat permanente bewoning niet is toegestaan.

Mevrouw DEIJK zegt dat de VVD positief is over de plannen. Zij vraagt zich af waarom 60 recreatiewoningen niet en 65 woningen wel rendabel kunnen zijn.

De heer TER KEURST zegt dat de 5 extra woningen alleen worden gebouwd om de exploitatie rond te krijgen. Dit moet ook worden aangetoond volgens spreker. De PvdA vindt het een mooi plan, dat goed is voor de werkgelegenheid en het toerisme.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat de onderbouwing van de exploitatie nog moet worden ingediend door de ontwikkelaar. In het voorstel staat dat er een privaatrechtelijke overeenkomst wordt gesloten waarin zaken als permanente bewoning worden geregeld. In het raadvoorstel wordt hier ook over gesproken.
Hij is het eens met de woorden van D66 en heeft hier met de initiatiefnemers over gesproken. De situatie is volgens spreker nu anders omdat de eigenaar de aanvraag nu zelf heeft ingediend en voorheen heeft hij dit met anderen gedaan. Er is sprake geweest van een faillissement en de huidige eigenaar wil het nu verder zelf ontwikkelen.

De heer DE KOE zegt dat er gesproken wordt over overcapaciteit, waarbij gerefereerd wordt aan camping De Keizer. Hij snapt niet waarom deze verbinding wordt gelegd. Dit plan mag volgens hem niet goedgekeurd worden om vervolgens andere plannen ook goed te kunnen keuren.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat camping De Keizer wordt genoemd omdat daar ook een principeverzoek is geweest, waarbij ook meer onderbouwing werd gevraagd.
65 recreatiewoningen is het maximum aantal volgens spreker, tenzij de raad met het vaststellen van het bestemmingsplan vindt dat er meerdere woningen gerealiseerd mogen worden.

De VOORZITTER concludeert dat de commissie instemt met het voorstel en dat gestart kan worden met de planologische procedures.

8 Het wijzigen van de bestemming van het perceel Beusebergerweg 47 in Holten (opiniërend; Cornelissen)
De heer G. KREIJKES wijst erop dat het gaat om een bestemmingsplanwijziging in het LOG gebied, waar intensieve veehouderij mogelijk is. Het LOG gebied is schaars. Uit dit voorstel komt duidelijk naar voren dat er weinig ruimte is voor uitbreiding van de intensieve tak. Daarom wil de SGP het voorstel op voorhand niet frustreren, maar wil wel duidelijk aangeven dat de gemeente zuinig moet zijn met het  LOG gebied en dit werkelijk moet inzetten voor mogelijkheden tot uitbreiding van de intensieve veehouderij. Voorkomen moet worden dat de gemeente straks een eventuele aanvraag daardoor moet afwijzen.

De heer H. KREIJKES zegt dat het CDA het een goede ontwikkeling vindt intensieve veehouderij naar deze bestemming om te zetten.

De heer BLAAZER laat weten dat de ChristenUnie zich kan vinden in het voorstel. Hij vraagt aandacht voor de woorden van de heer G. Kreijkes en vindt de eventuele uitbreiding van werkgelegenheid ook een positief punt.

De heer DE KOE zegt dat het gaat om een ontwikkeling in het LOG gebied die niet met intensieve veehouderij te maken heeft. Uit de stukken blijkt echter dat dit niet conflicteert. Als de wethouder dit kan bevestigen kan Lokaal Liberaal instemmen.

De heer VAN VEEN geeft aan dat D66 zich kan verenigen met de voorgestelde wijzing en wijst erop dat op het industrieterrein ook terrein beschikbaar is.

Mevrouw KUIPER zegt dat de fractie van Gemeentebelang instemt en dit een uitstekende locatie vindt voor de voorgestelde activiteit.

De heer KEVELAM zegt dat de VVD het een goed plan vindt en kan instemmen omdat het aan de rand van het LOG gebied ligt.

Wethouder CORNELISSEN bevestigt dat het college voorzichtig met het LOG gebied omspringt en er ook zuinig op is.  Gezien de locatie en hetgeen zich er wil vestigen kan het college hiermee instemmen

De VOORZITTER concludeert dat hier ook gestart kan worden met de planologische procedures.

9 Transitie Nationaal Park de Sallandse Heuvelrug (opiniërend; Cornelissen)
De heer MEIJERINK zegt dat de PvdA instemt met het voorstel. Hij vindt het vreemd dat de gemeente verantwoordelijkheid moet nemen voor het Nationaal Park. Spreker heeft uit de stukken van de provincie vernomen dat er een motie is aangenomen rondom behoud van educatie. Hier is de PvdA blij mee gelet op de motie die de fractie ook heeft ingediend over behoud van het educatieaspect.
Hij roept het college op om met Hellendoorn te gaan praten over welke stappen Hellendoorn gaat zetten om uitvoering aan de motie te geven.

De heer MULLER zegt dat Gemeentebelang de ambitie deelt om ambitieniveau 3 te realiseren, ook vanwege het feit dat hiermee aanvullende provinciale bijdragen kunnen worden verkregen. Hij refereert aan de waarde van het begrip Nationaal Park, vraagt naar de financiële gevolgen na 2016 en vraagt of de transitie betekent dat de gemeente uiteindelijk een taak moet uitvoeren voor minder geld  met een beter resultaat.
Hij stelt de volgende aanvullende vragen:

  • De 2 raden zijn maar enkele van de partijen. Kunnen de andere partijen het ambitieniveau wijzigen?
  • Het Nationaal Park wordt gezien als inkomstenbron. Worden deze inkomsten uitsluitend ingezet voor de verbeterslag of ook t.b.v. regulier onderhoud?
  • Bij trede 3 zijn projectmatige subsidies mogelijk vanuit Provinciale Staten. Gaat die subsidie altijd naar de gemeenten of kunnen andere partijen deze ook aanvragen?
  • Speelt de Regiocoördinator Toerisme Recreatie N-W Twente hierbij een rol?

In de nota staat dat Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer in een eventuele nieuwe structuur een bijdrage willen leveren in het gastheerschap. Gemeentebelang pleit ervoor om ook de Stichting Natuurdiorama te betrekken. Dit museum is volgens spreker al een officieel informatiepunt voor het zuidelijke deel van het Nationaal Park en Staatbosbeheer voor het noordelijke deel. Ook voor het educatieve aspect is Natuurdiorama van groot belang, naast de IVN. Hij vraagt hoe het college de rol van Stichting Natuurdiorama ziet.
Spreker refereert aan de commissiebehandeling in Hellendoorn, waarbij geen standpunt is bepaald en besloten is een thema-avond te organiseren. Hierbij werd overwogen ook de raad van Rijssen-Holten uit te nodigen. Spreker vraagt of het college hiervan op de hoogte is en of een uitnodiging is ontvangen.

De heer BLAAZER gaat in op het feit dat de zorg naar de gemeente toekomt en wijst op de kans om ambitievergroting qua toerisme te realiseren. Hij wijst op het belang van een goede taakverdeling wanneer de kar samen met Hellendoorn wordt getrokken. De ChristenUnie staat achter het voorstel.

De heer HAASE zegt dat de SGP de mening van het college deelt dat de Sallandse Heuvelrug waardevol is en in stand gehouden moet worden op een bepaald niveau, meer dan alleen gebiedsbeheer. De gemeente moet hierin ook haar verantwoordelijkheid nemen en vraagt in hoeverre dit voorgenomen ambitieniveau de druk op de natuur vergroot. De toegankelijkheid van het park is van groot belang volgens spreker, maar de natuur en de rust in het gebied moeten gewaarborgd worden en blijven. Er moet daarom volgens de SGP zeer terughoudend omgaan worden met nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen die de natuur op welke wijze dan ook kunnen schaden.
In de stukken staat dat in het kerngebied geen ruimte voor nieuwe ontwikkelingen is maar wel ruimte voor complementaire ontwikkelingen. Dit vraagt volgens spreker om duidelijke kaders: waar kan dat plaatsvinden, hoe kan dat plaatsvinden, onder welke voorwaarden, etc.
In de stukken wordt volgens spreker ook gesproken over het formeren van een werkgroep om tot een stimuleringsagenda te komen. De SGP vindt dat ook bewoners hierbij betrokken moeten worden.
De SGP is volgens spreker niet overtuigd van de noodzaak van het voorgenomen ambitieniveau. Nu ligt deze tussen trede 1 en 2. In feite is de SGP tevreden met de mate van infrastructuur  zoals die er nu ligt. Vindt het college het huidige niveau onvoldoende? Wat missen we dan precies? 
De SGP vraagt zich af wat de stimuleringsagenda precies inhoudt en ook de motivatie vindt de fractie enigszins ondoorzichtig. De fractie vraagt om een heldere en concretere toelichting, maar wil het college wel de ruimte geven een stimuleringsagenda op te stellen, om te komen tot een doorontwikkeling van het Nationale Park.

De heer NIJKAMP zegt dat ambities geld kosten en zeker als je ze wilt vergroten. Hij is benieuwd naar de beantwoording van de vragen van de SGP.
In regioverband ondersteunt de gemeente ook een aantal openlucht recreatieve voorzieningen (Lage Veld, Rutbeek, Hulsbeek). Hier betaalt de gemeente Rijssen-Holten dus aan mee. Ziet het college mogelijkheden voor het Nationale Park ook geld binnen te halen vanuit de regio of tot  uitruil te komen?

Mevrouw DEIJK zegt dat de VVD hier positief instaat, ervan uitgaande dat de twee gemeenten elkaar kunnen versterken, verbeteren en aanvullen.

De heer VAN VEEN laat weten dat D66 grote waarde hecht aan het realiseren van trede 3. Daarbij is de zekerheid dat er geld gegenereerd kan worden en dat trede 3 ook gehaald wordt van groot belang. Ook hij vraagt naar de mogelijkheden tot financiering door de regio, maar vindt het allereerst van belang dat Hellendoorn en Rijssen-Holten achter hetzelfde ambitieniveau staan. Het genereren van middelen is daarbij een vervolgstap.

Wethouder CORNELISSEN gaat in op de door de PvdA genoemde motie over de educatie en zegt dat er sprake was van incidenteel geld. Er is wel gekeken naar een vervolgtraject. Er is over gesproken in het overleg met natuurbeheer en de organisaties die de educatie op zich nemen en met Hellendoorn. Daarbij is onderschreven dat educatie belangrijk is en dat dit onderdeel moet worden van de stimulerings-agenda, waarbij de kanttekening is gemaakt dat men van mening is dat dit ook een bijdrage van de provincie verdient. Er wordt in gesprek gegaan met de provincie om te kijken of de incidentele middelen ook een structureel karakter kunnen krijgen. Met het oog op het beleidsakkoord ‘Overijssel Werk’ ziet spreker hier wel mogelijkheden voor, want daarin heeft het Nationaal Park een plek gekregen.
Spreker gaat in op de opmerking dat ambities kunnen verschillen en geeft aan dat in de eerste gesprekken van het transitieteam naar voren kwam dat er behoorlijke ambities liggen om te investeren in het Nationaal Park. Hij refereert hierbij aan Heerlijk Holten, het Groentransferium en het Belevingspad, waarbij is geconcludeerd dat trede 3 voor Rijssen-Holten al dichtbij is. Een van de punten die opgepakt wordt is het samen communiceren naar buiten toe, zoals het gezamenlijk adverteren met de gemeente Hellendoorn.
Wat de stimuleringsagenda betreft zijn er al stappen gezet. Rijssen-Holten is immers bezig met het maken van een verbinding en de as van het dorp is al gedraaid. De vraag van de provincie is of Rijssen-Holten en Hellendoorn willen investeren en spreker heeft daarbij gevraagd op welke trede er gewerkt moet worden als Rijssen-Holten en Hellendoorn er samen niet uitkomen. De vraag is daarbij ook of de gemeente wel kan blijven rekenen op subsidie van de provincie. De provincie heeft dit toegezegd. Provinciale Staten heeft daarbij duidelijk aangegeven dat ze de verantwoording aan de gemeenten willen overdragen, maar aan de andere kant wel de vinger aan de pols wil houden. Dat leverde wel wrijving op tijdens het gesprek met de provincie volgens spreker.
Hellendoorn vraagt zich daarbij nog wel af wat de investering precies moet zijn, terwijl bij Rijssen-Holten genoemde projecten al lopen.
Subsidies zoals voor het Groentransferium lopen via de gemeente, maar er is ook de zgn. PNPC-constructie waar bedrijven ook gebruik van kunnen maken. De gebiedscoördinator kan hier bij uitstek voor worden ingezet. Er is ook aangegeven in het overleg met de regio dat het Rijssen-Holten om het totale gebied gaat (Reggestreek en Sallandse Heuvelrug), waarbij een ieder die zich daarbij wil aansluiten van harte welkom is.
De rol van Natuurdiorama wordt meegenomen in de verder uitwerking, met name als het gaat om onderwijs en educatie, waarbij moet worden gekeken in hoeverre zaken praktisch uitvoerbaar zijn.
Er is nog geen uitnodiging voor een thema-avond vanuit Hellendoorn ontvangen.
(NB: inmiddels is de uitnodiging binnengekomen).
Er worden regelmatig zaken met elkaar afgestemd over het Nationaal Park, ook in WT4-verband en dan wordt er vaak vanuit de ambtelijke organisatie van een van de gemeenten iemand aangewezen die de kar trekt.
Spreker gaat in op punt 2 van trede 3 en zegt dat ook de provincie erop let dat datgene wat in het Nationaal Park wordt geïnvesteerd passend is en geen afbreuk doet aan de natuur.
Hij zal de opmerking over het betrekken van inwoners in de werkgroep zeker meenemen.
In regioverband wordt bijgedragen aan de diverse recreatieparken. Als portefeuillehouder heeft spreker bij de regio aangegeven dat het vreemd is dat de regio niet bijdraagt aan de Sallandse Heuvelrug en wel aan de recreatieparken. Bekeken zal worden hoe de provincie en de regio in het vervolgtraject kunnen worden betrokken.

Tweede termijn
De heer VAN VEEN ziet Rijssen-Holten als de poort van Twente maar ook als de poort naar de Sallandse Heuvelrug, gelet op de ontwikkeling hoe het park kan worden benaderd.

De VOORZITTER concludeert dat het college verder kan gaan met voorliggende plannen.

10 Actiepuntenlijst
De VOORZITTER geeft aan dat beide actiepunten zijn beantwoord.

11 Rondvraag
De heer NOORDAM laat weten in deze commissie vragen te hebben gesteld over de tweede uitrit Vletgaarsmaten. Hij complimenteert het college dat ze geluisterd heeft naar de ondernemers. De sluiproute is inmiddels afgesloten. Burgemeester Hofland heeft aangegeven dat er om reden van veiligheid sprake moet zijn van een tweede ontsluiting.
Het paaltje staat er weer, dus spreker vraagt of er nu op een andere plek een ontsluiting wordt gecreëerd.
Hij zal in het presidium aandacht vragen voor de niet-democratische behandeling van agendapunt 6. Er is immers onduidelijkheid over wat precies technische vragen zijn.
(NB: aanvullende informatie is als bijlage 1 toegevoegd aan het verslag.)

Mevrouw DEIJK vraagt wat er aan de hand is op Smidsbelt. Alles ligt weer overhoop.
Wethouder AANSTOOT wijst op de wandelvierdaagse. De werkzaamheden zijn verder afgerond volgens spreker.

Mevrouw HEUVER zegt dat onlangs aan de Enterstraat een hoofdleiding van Vitens is gesprongen. Het gaat hierbij om zeer verouderde asbestbuizen, die in slechte staat zijn. Spreekster weet dat het de verantwoordelijkheid van Vitens is,  maar met het oog op de volksgezondheid vraagt ze het college uit te zoeken hoeveel van dergelijke buizen er nog aanwezig zijn in de gemeente.
Wethouder AANSTOOT bevestigt dat dit de verantwoordelijkheid van Vitens is, maar zal navragen hoe het vervangingsplan van Vitens eruit ziet.
(NB: de beantwoording is als bijlage 2 toegevoegd aan het verslag.)

12 Sluiting
De VOORZITTER sluit de vergadering om 20.40 uur.


  

Aldus vastgesteld in de vergadering van de Commissie Grondgebied van Rijssen-Holten op 18 juni 2015

raadsvergadering-raad Anonymous vergadering-raad Anonymous