Gemeente Rijssen-Holten
Laden...

Gemeente Rijssen-Holten
Postbus 244
7460 AE
T: (0548) 85 48 54
E: gemeente@rijssen-holten.nl

Commissie Grondgebied 4 december 2014

Datum: 04-12-2014Tijd: 19:30 - 22:50Zaal: RaadzaalOpenbaarheid: OpenbaarVoorzitter: J. van VeldhuizenGriffier: H.A.J. van de VliertNotulist: E.J.H. Linssen-Nijland AanwezigNaamSGPG....

Zoekresultaten

Wordt geladen...

Commissie Grondgebied 4 december 2014

Datum: 04-12-2014
Tijd: 19:30 - 22:50
Zaal: Raadzaal
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: J. van Veldhuizen
Griffier: H.A.J. van de Vliert
Notulist: E.J.H. Linssen-Nijland
AanwezigNaam
SGPG. Kreijkes, ir. A.S. Haase en J. ter Keurs
CDAH.J. Nijkamp en H. Kreijkes RA CISA
ChristenUnieB.D. Tijhof, J. Berkhoff en B.J. Blaazer
GemeentebelangW.J.M. Muller, J. Beunk en J. Kuiper-Ruitenberg
PvdAJ.J.A. ter Keurst en R.W. Meijerink
VVDF.W. Noordam, E.J.W. Deijk en A.J. Kevelam
Lokaal LiberaalR.A. de Koe, E. Heuver-Harbers en D.J.K. van der Sanden
D66ir. H. Klein Velderman en J.B. Emmens
Het collegeA.J. Aanstoot, R.J. Cornelissen
Publiek35

1 Opening
De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom.

2 Inventarisatie spreekrecht
De heer Meijer heeft zich gemeld voor het spreekrecht over agendapunt 5: raadsvoorstel gedeeltelijk vaststellen bestemmingsplan Beumersteeg 1 en Maneschijnsweg ongenummerd.
De heren Ten Velde, namens de Holtense Handelsvereniging, en De la Haye hebben zich gemeld voor het spreekrecht over agendapunt 6: kredietaanvraag voor de verbindingsroute Kalfstermansweide-Dorpsstraat.
Fam. Jansen en de heren Troost en Pol hebben zich gemeld voor het spreekrecht over agendapunt 8: bouw van 20 appartementen locatie Otje van Potje

3 Vaststellen definitieve agenda
De heer KLEIN VELDERMAN voegt een agendapunt toe: openbaar maken van het verslag van de besloten commissie Grondgebied van 23 juni 2014.

De VOORZITTER stelt voor dit punt voor agendapunt 6 te behandelen.

De agenda wordt gewijzigd vastgesteld.

4 Verslag van de vergadering van 9 oktober 2014
Naar aanleiding van
Mevrouw EMMENS refereert  aan de informatie van wethouder Aanstoot over trillingen. Zij zegt dat dit wel speelt in Rijssen omdat er onder Rijssen een veenpakket ligt. Huizen hebben last van trillingen en D66 dringt erop aan deze trillingen te monitoren.
Wethouder AANSTOOT schaart zich achter de brief die namens de aanliggende gemeenten gestuurd is aan het ministerie en wacht de reactie hierop af.

Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

5 Raadsvoorstel gedeeltelijk vaststellen bestemmingsplan Beumersteeg 1 en Maneschijnsweg ongenummerd (Cornelissen)
De heer MEIJER spreekt in. Hij woont aan de Maneschijnsweg nr. 1, op minder dan 200 meter van wat in dit bestemmingsplan bekend is als Maneschijnsweg ongenummerd. Hij is geen relevante belanghebbende partij voor het onderdeel Beumersteeg, maar nadere bestudering van de onderliggende stukken geven hem aanleiding tot een andere conclusie.
Spreker is van mening dat de partiële vaststelling een opmaat is voor het kunnen vaststellen van het tweede deel van het bestemmingsplan; Maneschijnsweg ongenummerd. Hierdoor is hij ineens wel een relevante partij. Hij vindt dat zijn rechten en belangen niet met voeten getreden kunnen worden omdat hij in een LOG-gebied woont.
Spreker is van mening dat rond dit bestemmingsplan voortdurend sprake is van bewuste misleidende “manipulatie”, naar hem en naar de commissie toe.
Hij citeert uit een memo van de afd. WOEV van 4 maart 2013: “De situering van het huidige bedrijf is zodanig, dat verdere bedrijfsontwikkeling in de intensieve veehouderij mogelijk is” en “Met het verlenen van de vergunning is voor wat betreft het geuraspect rekening gehouden met de uitbreiding van Dijkerhoek” en “Noteboom zal dan wel zijn stal emissiearm moeten maken”.
Dit memo wijst volgens spreker uit dat Noteboom aan de Beumersteeg nog ontwikkelingsmogelijk-heden heeft om de IV-activiteiten uit te breiden, zonder dat dit de beoogde uitbreiding van de kern Dijkerhoek tegenhoudt of in gevaar brengt. Het argument dat het verwijderen van de IV-aanduiding op het perceel Beumersteeg de uitbreiding van Dijkerhoek waarborgt, is dan ook niet juist en misleidend. De verdere bewering, dat na de uitbreiding aan de Beumersteeg alles op slot zit, is nooit onderzocht noch met cijfers gestaafd volgens spreker. Het betreffende memo intussen uit het digitale dossier van de gemeente is verdwenen.
Naast deze “manipulatie” van feiten wordt volgens spreker in het bestemmingsplan geschermd met het juridische kader van de reconstructiewet, waarbij hij meerdere malen heeft aangegeven dat dit een onjuiste interpretatie en onrechtmatig gebruik van de reconstructiewet is. Toepassing van de reconstructiewet is volgens spreker aan voorwaardenstellende kaders gebonden, zoals:
- er moet publiekelijk belang mee gediend zijn;
- het moet gaan om de verplaatsing van een volwaardig bedrijf.
Aan geen van beide voorwaarden wordt in dit bestemmingsplan voldaan.
Door dit “gemanipuleer” is spreker achterdochtig geraakt over hetgeen voorligt. Daarom heeft hij de raad en de commissie op 27 november 2014 enkele schriftelijke vragen voorgelegd, die moeten verduidelijken in hoeverre de partiële vaststelling van het deel Beumersteeg een daadwerkelijke koppeling betekent. Ook heeft hij de raad en de commissie nog eens gewezen op de onjuiste informatie die is gebruikt en de onrechtmatigheid van de toepassing van de reconstructiewet.
Spreker geeft aan dat acceptatie van het deelplan Beumersteeg 1 betekent dat hij door de gemeente op het verkeerde been wordt gezet. Hij blijft daarom oppositie voeren tegen het nu voorgenomen vaststellingsbesluit, gelet op het feit dat de gemeente krampachtig vasthoudt aan de onrechtmatige en onjuiste koppeling tussen Beumersteeg 1 en Maneschijnsweg ongenummerd.
Hij zegt dat als de raad en het college hem de verzekering geeft – en dan praat hij ook namens de andere reclamanten -  dat de vaststelling van het nu voorliggende deel van het bestemmingsplan geen enkele precedentwerking heeft op het deel Maneschijnsweg ongenummerd en dat dit deel van het bestemmingsplan t.z.t. op haar eigen merites zal worden beoordeeld dan is er geen aanleiding meer tegen de vaststelling van het nu voorliggende deel van het bestemmingsplan in beroep te gaan.
Wel dienen alle verwijzingen, planregels en verbeeldingen die in het bestemmingsplan staan en die betrekking hebben op de Maneschijnsweg ongenummerd vóór de vaststelling van het deelplan Beumersteeg 1 te zijn verwijderd. Dit betekent wellicht extra werk en een geringe vertraging in de procedure, maar het is voor Noteboom volgens spreker een betere oplossing dan het risico te lopen op een langdurige juridische planologische strijd.
Volgens spreker heeft de gemeente die intentie echter niet, gelet op de schriftelijke reactie van
29 november 2014. De daarin beschreven voorgestelde werkwijze, om pas na vaststelling door de raad over te gaan tot de door hen geëiste ontkoppeling, is volgens spreker juridisch en planologisch onmogelijk en bestuurlijk onjuist en lijkt hem ook bestuurlijk niet acceptabel.
De reclamanten gunnen Noteboom zijn uitbreiding en betreuren het dat de hele gang van zaken rond dit ongelukkige bestemmingsplan, hen geen andere keuze laat.

De VOORZITTER bedankt de heer Meijer voor zijn inbreng.

Eerste termijn
De heer NIJKAMP gaat in op de woorden van de heer Meijer over de relatie tussen beide plannen. In de stukken staat dat Maneschijnsweg ongenummerd wordt losgekoppeld van Beumersteeg, daar wil spreker een toelichting op.

De heer DE KOE refereert aan de worden van de heer Meijer over manipulatie, onjuiste informatie en een verdwenen memo. Hij vraagt om een toelichting, dan wel een ontkrachting van deze woorden door het college.

Mevrouw EMMENS vraagt of het mogelijk is het bestemmingsplan Beumersteeg vast te stellen zonder de uitwerking van het gedeelte Maneschijnsweg ongenummerd en zonder dat er sprake is van precedentwerking. Zij vraagt naar de motivering waarom het separaat moet worden vastgesteld.

De heer MULLER vraagt een reactie op de onrechtmatige interpretatie van de reconstructiewet. Hij vraagt of het college in overleg met de partijen alternatieven ziet om zaken op te lossen.

De heer KEVELAM refereert aan de vraag van de heer Nijkamp en geeft aan nieuwsgierig te zijn wat er ter inzage is gelegd. Hij krijgt de indruk, gelet op de zienswijzenota, dat het totale plan ter inzage is gelegd. Hij vraagt of het gedeelte Maneschijnsweg verder kan worden afgehandeld als de eigenaar, na ontkoppeling van Beumersteeg, ergens in 2015 een plan indient en vraagt wat er dan met de zienswijzen gebeurt die tegen het totale plan zijn ingebracht.

De heer KLEIN VELDERMAN verwijst naar de bijlage overeenkomst grondexploitatie, vraagt of de gemeente deze heeft ondertekend, wat de voordelen zijn en wat de motivatie van het college was om hieraan mee te werken.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat er een bewuste keuze is gemaakt om een knip te maken zodat eerst alleen het bestemmingsplan voor de Beumersteeg wordt vastgesteld. Daarna kan het bestemmingsplan Maneschijnsweg op zijn meritus worden beschouwd en worden behandeld als een apart c.q. nieuw bestemmingsplan. Hij zegt toe dat er voor de raadsvergadering van 18 december meer duidelijkheid is, hoe het plan er ziet zonder de Maneschijnsweg.
In de aantijgingen door de inspreker kan hij zich niet vinden en hij hoopt een deel van de zorgen door deze toezegging weg te nemen.
De bijlage grondexploitatie is getekend, de ongetekende versie in het dossier is slechts bedoeld om de inhoud te tonen.
Spreker zegt dat het totale plan ter inzage is gelegd en dat daarna besloten is zaken op te splitsen. Vanavond wordt het bestemmingsplan Beumersteeg behandeld, de zienswijzen die betrekking hebben op Beumersteeg zijn daarin meegenomen. Mocht t.z.t. het bestemmingsplan Maneschijnsweg worden vastgesteld dan worden de betreffende zienswijzen erbij betrokken.

De heer DE KOE informeert naar het verdwenen memo en vraagt of er losgekoppeld kan worden zonder dat er een consequentie aan zit.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat er losgekoppeld kan worden. Dit is al eerder gedaan bij de Landuwerweg. Hierbij is toen ook het totale plan ter inzage gelegd en is later een scheiding m.b.t. de woningen aangebracht. Hij weet niet welk memo bedoeld wordt, waarvan gezegd is dat het uit het dossier is verdwenen.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat in het contract wel verwezen wordt naar Maneschijnsweg ongenummerd. Als besloten wordt zaken ook juridisch los te koppelen en uit elkaar te trekken, dan moet er een nieuw contract met de familie Nooteboom worden opgesteld. Hij citeert: ”Uitgangspunt voor het inrichten van het perceel Beumersteeg 1 in Holten vormt een verbeelding bij het bestemmingsplan Buitengebied Holten, Beumersteeg 1 en Maneschijnsweg ongenummerd”, daar ligt volgens spreker al een verbintenis.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat de verbintenis de naam van het bestemmingsplan betreft en vraagt naar mogelijke verdere consequenties in het stuk.
De heer KLEIN VELDERMAN citeert: ”Met betrekking tot de inrichting van het perceel Beumersteeg 1 in Holten is overeengekomen dat de erfinrichting wordt ingericht binnen 1 jaar nadat  het bestemmingsplan Buitengebied Holten, Beumersteeg 1 en Maneschijnsweg ongenummerd onherroepelijk is geworden”. Daar wordt dus gesproken over de vaststelling van het bestemmingsplan Maneschijsweg ongenummerd.
Wethouder CORNELISSEN zegt dat het hierbij gaat om de naam van het bestemmingsplan dat nu voorligt. Het bestemmingsplan Maneschijnweg ongenummerd zal t.z.t. een nieuwe naam krijgen.

Tweede termijn
De heer KEVELAM is het niet eens met de gang van zaken. Als de naam van het bestemmingsplan luidt: “Beumersteeg 1 en Maneschijnweg ongenummerd” en als het totale bestemmingsplan onherroepelijk wordt verklaard dan geldt dit voor Beumersteeg 1 én Maneschijnsweg.

De heer TER KEURS zegt dat, met de toezegging die de wethouder gedaan heeft,  de SGP zich in het voorstel kan vinden.

De heer NIJKAMP vindt dat vastgesteld moet worden dat hier gesproken wordt over het bestemmingsplan Beumersteeg om verwarring te voorkomen en verzoekt het college goed naar de overeenkomst en naamgeving te kijken. Het CDA gaat akkoord met voorliggend voorstel.

De heer BERKHOFF is blij met de toezegging van de wethouder om de bezwaarmaker en de commissie tegemoet te komen door vooraf duidelijkheid te geven over wat nu wordt vastgesteld. Hij sluit zich bij vorige sprekers aan en ondersteunt het voorstel.

De heer DE KOE zegt te kunnen leven met het voorstel, inclusief de toezegging door de wethouder hoewel hij de juridische complicaties niet geheel kan overzien. Hij gaat ervan uit dat deze overwogen zijn.

De heer KLEIN VELDERMAN is blij met de toezegging door de wethouder maar D66 wil eerst het nieuwe contract zien voordat zijn fractie kan instemmen.

De heer MULLER zegt dat volgens hem de oplossing die de wethouder biedt ook in het besluit van het raadsvoorstel moet worden verwoord. Gemeentebelang stemt niet in met het voorstel zoals dat er nu ligt.

De heer TER KEURST wijst op artikel 5 in de ondertekende overeenkomst en vindt dat de koppeling eerst moet worden losgelaten, waarna er een besluit kan worden genomen. Hij sluit zich aan bij de woorden van de heren Klein Velderman en Muller.

De heer KEVELAM gaat in op de reconstructiewet in relatie tot het feit dat een gemengd bedrijf in een verwevingsgebied wordt ontmengd en dat het intensieve deel naar een LOG-gebied wordt verplaatst. De feitelijke constatering is dat het moeilijk is in een LOG-gebied nieuw vestiging te realiseren, dat splitsing nodig maakt. Hij heeft begrip voor de juridische kant van de zaak en vindt dat het college daar goed naar moet kijken. De VVD gaat akkoord met het vaststellen van het bestemmingsplan Beumersteeg 1.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat het bestemmingsplan Beumersteeg 1 en Maneschijnweg ongenummerd heet. In het voorstel wordt verwezen naar een gedeeltelijke vaststelling. Daarmee verandert de naam van het bestemmingsplan echter niet. Juridisch gezien heet het bestemmingsplan Beumersteeg 1 en Maneschijnweg ongenummerd.
Spreker zegt toe dat de nieuwe stukken voor de raadsvergadering van 18 december a.s. beschikbaar zijn. Daarin zal in het voorstel de argumentatie onder  4.1 exploitatieplan worden uitgebreid met de extra punten. Hij hoopt dat de zorgen hiermee zijn weggenomen.

De VOORZITTER concludeert dat de commissieleden adviseren het raadsvoorstel gedeeltelijk vaststellen bestemmingsplan Beumersteeg 1 en Maneschijnsweg ongenummerd als bespreekstuk te behandelen in de raad.

Extra agendapunt: opheffen geheimhouding stukken 23 juni 2014

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat het onderwerp dat op 23 juni is besproken nu in de openbaarheid ter bespreking wordt voorgelegd. Hij vindt het daarom goed en transparant om de geheimhouding van de vergadering en het verslag ook op te heffen, zodat in de openbaarheid over deze kwestie kan worden gesproken. Hij vraagt de commissie de geheimhouding op te heffen.

De heer KREIJKES vraagt naar de reden en wijst op een besluit dat de raad over geheimhouding 3 jaar geleden heeft genomen.

De heer NIJKAMP sluit aan bij woorden van de heer Kreijkes. In de raad is afgesproken hoe wordt omgegaan met de notulen van besloten vergaderingen. Dit onderwerp zal opnieuw besproken moeten worden in de commissie ABZM om de gedragslijn te kunnen veranderen. Hij vindt dat er niet zomaar kan worden teruggekomen op eerdere gemaakte afspraken.

De heer Berkhoff sluit zich aan bij de vorige sprekers en hecht aan de vertrouwelijkheid van de bespreking.

De heer DE KOE vindt dat als er in beslotenheid wordt vergaderd een ieder erop moet kunnen vertrouwen dat de inhoud vertrouwelijk blijft. Iedereen die deelneemt aan een besloten vergadering moet kunnen vertrouwen op gemaakte afspraken.

De heer MULLER sluit zich aan bij de woorden van de heer De Koe.

De heer TER KEURST wacht op de motivering van de heer Klein Velderman.

De heer KLEIN VELDERMAN wijst op het openbaar bestuur en vindt dat er besloten vergaderd kan worden als het gaat om een gevoelig onderwerp dat niet naar buiten kan, bijvoorbeeld over grond-aankopen, bestemmingswijzigingen, financiële zaken of privacygevoelige zaken.
Wel vindt hij dat de beslotenheid moet worden opgeheven als de vertrouwelijkheid niet meer van toepassing is. Er is op dit moment geen reden meer op het verslag van 23 juni besloten te laten.
Hij kan in deze vergadering niet verwijzen naar zaken die op 23 juni zijn gezegd. Dit geldt ook voor alternatieven die toen aan de orde zijn geweest.

De heer MULLER vindt dat de heer Klein Velderman zich mag uitspreken over alle oplossingen die hij wel of niet steunt.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat hij standpunten van anderen niet kan herhalen. Hij snapt dat er soms in beslotenheid moet worden vergaderd, maar liever niet en daar waar het kan pleit hij voor direct opheffen van de geheimhouding.

De heer KREIJKES zegt geen argument te horen waarom het verslag van 23 juni openbaar moet worden. Hij vindt ook dat zaken die in beslotenheid worden besproken vertrouwelijk moeten blijven, ook gelet op het feit dat daar soms zaken gezegd worden waarvan niet gewenst is dat ze openbaar worden. De SGP is daarom geen voorstander van het voorstel van D66.

De heer NIJKAMP wijst erop dat de spelregels zijn vastgesteld, de status van verslag en vergaderingen is  bepaald en heeft geen behoefte aan openbaarmaking.

De heer BERKHOFF zegt dat de ChristenUnie aan beslotenheid hecht. Onderwerpen die in beslotenheid zijn besproken moeten vertrouwelijk blijven volgens spreker.

De heer DE KOE zegt er geen problemen mee te hebben dat de spelregels opnieuw besproken worden, maar vindt wel dat dan ook de manier van vergaderen moet worden aangepast.

De heer TER KEURST is ook voor discussie op een ander moment om de spelregels aan te passen en dat niets de heer Klein Velderman in de weg staat om zijn standpunten te herbenoemen.

De heer KEVELAM legt de fictieve casus voor dat in een besloten commissievergadering advies wordt uitgebracht en dat naderhand het college hetzelfde voorstel in een openbare vergadering doet. Is dat dan gepast of is het dan zuiverder de tweede vergadering ook een besloten vergadering te laten zijn of de eerste niet meer als besloten te beschouwen?

De heer KREIJKES zegt dat het dan wel zo is dat in de besloten vergadering andere dingen kunnen worden gezegd dan in de openbare vergadering.

De heer NOORDAM vraagt om een schorsing om 20.15 uur.

De VOORZITTER heropent de vergadering en geeft het woord aan de heer Noordam.

De heer NOORDAM verzoekt het woord aan de heer Klein Velderman te geven.

De heer KLEIN VELDERMAN constateert dat er geen meerderheid is voor het openbaar maken van het besloten verslag van 23 juni, spreker komt terug op de gemaakte afspraken in een vergadering van de commissie ABZM.

6 Kredietaanvraag voor de verbindingsroute Kalfstermansweide-Dorpsstraat (Aanstoot)
De heer TEN VELDE spreekt in. Namens de HHV spreekt hij zijn waardering uit over de best mogelijke oplossing voor een tweede ontsluiting van de Kalfstermansweide. Uiteraard  blijven ze de definitieve schetsen en inrichting van de nieuwe AH volgen, maar ze hebben er alle vertrouwen in dat de afronding van Kalfstermansweide in combinatie met het Belevingspad de komende jaren wordt gerealiseerd. Hij spreekt zijn complimenten uit over het voorstel.

De heer DE LA HAYE spreekt in. Hij refereert aan het raadsbesluit van 9 november 2013 betreffende de aanleg van de verbindingsweg Industriestraat – Kalfstermansweide. Op 19 november 2013 besloot het college de verbindingsweg nog niet aan te leggen maar wel ruimte en middelen te reserveren. Op 9 december 2013 werd het voorstel opiniërend behandeld in de commissie en aangehouden. In het voorjaar van 2014 heeft AH een varianten-analyse gedaan: Dorpsstraat, Meermanspad, Kalfstermansweide, het Rode Plein en het Zwarte Pad. Het college heeft op 25 maart 2014 variant 2 serieus genomen door te zeggen dat het een vervanging kan zijn van het raadsbesluit van 9 november 2013. Ze heeft ook gevraagd een notitie op te stellen. Hierin worden 4 varianten vergeleken. Variant 0, geen verbindingsweg (zoals AH het oorspronkelijk zou willen hebben), Industriestraat-Kalfstermansweide (het raadsbesluit), de Kerkhofsweg of Dorpsstraat-Kalfstermansweide zoals nu voorligt. Bij elke variant zijn in de notitie de gevolgen beknopt aangegeven. In deze notitie staan ook een aantal argumenten; verkeerskundig, maatschappelijk, financieel en gebruikswaarde. Hij heeft een matrix gemaakt waarin alle varianten objectief aan de gevolgen kunnen worden getoetst en waarbij de gevolgen op elke variant zijn toegepast.
Spreker gaat in op nut en de noodzaak en zegt dat in de gemeentelijke notitie alleen vanuit de verkeersaantallen bezien, gesteld wordt dat een tweede verbinding Kalfstermansweide niet noodzakelijk is. Hij refereert aan de financiën, vermeld in het raadsvoorstel ad 4. kanttekening 2.1, waarin gesteld wordt dat de verbindingsweg Industriestraat-Kalfstermansweide goedkoper is dan de verbindingsroute via de Dorpsstraat.
Spreker heeft Holten in 4 sectoren verdeeld: de westsector met 1800 woningen, de zuidsector met 200 woningen, de oostsector met 700 woningen en het centrum. Vanuit de zuidwestkant wordt gereden over de Larenseweg. In de notitie staat dat de nieuwe verbindingsroute via de Dorpsstraat 1000 motorvoertuigen per etmaal heeft, maar hij denkt dat dat een vergissing is, omdat er dan via de Larenseweg sprake zou zijn van 2600 motorvoertuigen en dan zouden er op de Kalfstermansweide 3600 motorvoertuigen geparkeerd moeten worden. Dit lijkt spreker erg veel, omdat dan elke parkeerplaats 9 keer per dag gebruikt zou worden, volledig bezet. Spreker denkt dat de 1000 voertuigen betrekking hebben op het Kalfstermansplein. Dan is er aan de oostkant sprake van 300 motorvoertuigen en aan de westkant (Zwartepad) 700 motorvoertuigen.
Spreker zegt dat er op dit moment een volwaardige ontsluiting is in de vorm van het Zwartepad en een tweede ontsluiting is relatief makkelijk volwaardig te maken, nl. de Kerkhofsweg. Een derde ontsluiting is het Rode plein, deze zou bij calamiteiten en festiviteiten een rol kunnen spelen. Een vierde ontsluiting is van toepassing bij een integrale aanpak van de zuidoosthoek (Dorpsstraat 1, Dorpsstraat 3 en Dorpsstraat 3a). Wat hiermee bedoeld wordt is terug te vinden op het kaartje.
Op dit moment is bevoorrading van AH een knelpunt; op 9 november 2013 is een wijs raadsbesluit genomen, namelijk de verbindingsweg welke in het eindbeeld gezien kan worden als de beste situatie. Het tijdspad daarbij is dat het vrij snel gerealiseerd wordt en het voorstel is een tweede volwaardige oplossing, waarbij nut en noodzaak niet zijn vastgesteld.
Spreker brengt het MAC-pad als alternatief naar voren. Dit is de verbinding tussen Kalfstermansweide en de Kerkhofsweg. De commissie en de raad heeft als taak te staan voor passende oplossingen die 40 tot 60 jaar meegaan. Dit alternatief heeft hij ook in een tekening uitgewerkt. Opmerkelijk is dat die variant in strijd met eerder gemaakte afspraken zou zijn. Het heeft hem verbaasd te vernemen van aanwonenden dat ze niet door de gemeente benaderd zijn om over die gemaakte afspraak te praten. Spreker zegt dat er een gemaakte afspraak ligt van medio 2011, maar er is met de 3 aanwonenden die hij gesproken heeft geen contact opgenomen om te overleggen of het bespreekbaar is dat de gemaakte afspraak op een andere manier vorm krijgen. Dit vindt hij jammer. Het gaat daarbij om de afspraak om in een richting het MAC-pad te kunnen verlaten; van Kalfstermansweide naar de Kerkhofsweg, maar niet andersom.
Spreker stelt voor dat de gemeente in gesprek gaat met aanwonenden en dat de structuur wordt verstevigd en hersteld. Als de commissie instemt met voorliggend plan dan betekent dat dat Dorpsstraat 3 en 3a van de kaart verdwijnen en dat er een gat ontstaat in de lintbebouwing tussen de Kolweg en de Smidsbelt. Hij vraagt zich af of dit een gunstige ontwikkeling is.
Spreker zegt dat de commissie staat voor een keuze: of een structurele verslechtering voor de komende 40 tot 60 jaar, om een korte termijn probleem op te lossen, of het alternatief dat uiteindelijk in het gewenste eindbeeld kan worden opgenomen.

De heer KLEIN VELDERMAN bedankt de heer De la Haye voor zijn uiteenzetting en vraagt hem uit te leggen waar de 1000 motorvoertuigen vandaan zouden komen en of hiermee mensen uit de woonwijken of toeristen worden bedoeld.
De heer DE LA HAYE zegt dat hij zich beperkt heeft tot de bebouwde kom van Holten en daarbij is een scheiding gemaakt tussen de Larenseweg, Dorpsstraat zuid- en noordkant en Wansinktracé en de hoek Wansinktracé – Dorpsstraat noordkant, dit is de Kol en daar heeft hij 700 woningen geteld. Ten westen van de Larenseweg heeft hij 1600 woningen kunnen tellen, inclusief de Beuseberg en Lukensveld die via de rotonde, via de Larenseweg naar de westelijke ingang van de Kalfstermansweide rijden. Daarnaast is er een zuidkant, met ca. 200 woningen, waarbij spreker ervan uitgaat dat bewoners van de Pastoriestraat eerder naar de Larenseweg dan binnendoor naar het Wansinktracé rijden.
De heer KLEIN VELDERMAN concludeert dat de nieuw te realiseren toerit die voorligt een aanzuigende werking heeft en een heleboel ongewenst verkeer in de het dorp veroorzaakt.
De heer DE LA HAYE kan zich wel vinden in deze gedachte, echter niet voor het dorp maar voor het stuk tussen het Wansinktracé (ter hoogte van tankstation Stukker) tot voorbij “Boer Biet:  over de Kolweg heen, maar niet verder. Het streven is om het verkeer dan via het Meermanspad naar de Kalfstermansweide te laten rijden. Eigenlijk is dit onlogisch, want via de Kolweg moeten automobilisten dan over de kruising rijden die de raad fietsvriendelijk en –veilig wil hebben.

De heer MULLER vraagt of het MAC-pad eenrichting- of tweerichtingsverkeer is in de visie naar de toekomst toe
De heer DE LA HAYE zegt dat hij als eindbeeld de ontsluitingsweg Kalfstermansweide-Industriestraat ziet. Tot aan die tijd stelt hij voor dat op het MAC-pad in twee richtingen mag worden gereden met een kleine manoeuvreerruimte bij AH.

De heer KEVELAM zegt dat er nu al sprake is van een soort verbindingsweg naar de parkeerplaats van  AH. Door de  bulten eruit halen ontstaat een verbindingsweg naar Kalfstermansweide.
De heer DE LA HAYE zegt dat het hier over privaat terrein gaat, dus medewerking van de eigenaren is nodig. Er heeft een versmalling plaatsgevonden d.m.v. een paaltje, waardoor de weg niet meer breed toegankelijk is. Het is niet de bedoeling dat er automobilisten rijden, maar het wordt aangelegd voor het bevoorradingsverkeer, de vrachtwagens voor AH, de Hema, e.d.

De heer NIJKAMP is blij dat er een voorstel ligt en het CDA gaat voor een toekomstbestendige oplossing, waarbij een tweede volwaardige ontsluiting van Kalfstermansweide belangrijk is. Hierdoor vindt scheiding van verkeersstromen plaats en zal een deel van Smidsbelt beter functioneren en zullen er betere laad- en losmogelijkheden voor AH zijn. Het CDA is tegen laden en lossen aan de Dorpsstraat. Hij vraagt naar het aantal extra parkeerplaatsen en naar de financiën hiervan

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat D66 een aantal alternatieve oplossingen mist.
Spreker toont een foto, waarbij hij refereert aan de weg aan de rechterkant, het MAC-pad. Dit is een geasfalteerde weg waar een vrachtwagen overheen kan. Op die manier hoeven vrachtwagens de parkeerplaats niet over, hoeven ze het Belevingspad niet te kruisen en worden er ook geen verkeersstromen gemengd. Op 19 augustus 2011 heeft er een gesprek plaatsgevonden met de omwonenden waarbij is afgesproken, om geluidsoverlast te voorkomen vooral in de ochtenduren, dat het pad in een richting wordt afgesloten en er geen vrachtwagens mogen rijden.
Hij zegt dat de situatie er nu heel anders uitziet en hij kan zich daarom voorstellen dat de gemaakte afspraken kunnen worden bekeken, gezien de huidige situatie en gezien maatregelen die nog getroffen kunnen worden. In dat geval is bevoorrading van AH vanaf een andere kant mogelijk. Dit scheelt volgens spreker zo’n € 630.000. Hij vraagt de wethouder dit gesprek te gaan voeren en de commissie hierover op een later tijdstip te informeren.
Spreker geeft aan dat in het plan de keuze wordt gemaakt om vrachtwagens via de Dorpsstraat te laten rijden. Wat het plan echter niet aangeeft is waar deze vrachtwagens vandaan komen. Rijden ze door het dorp heen of helemaal om? Er ontstaan volgens spreker rare verkeersbewegingen die niet gewenst zijn en vooral niet op dat punt.

De heer MULLER vraagt waarom alleen vrachtwagens voor AH over het MAC-pad zouden rijden en niet ook alle andere vrachtwagens.
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat het gaat om een ontwerpfout, waarbij de vrachtwagens vergeten zijn bij het realiseren van winkels en parkeerplaatsen. Het vorige college heeft besloten de vrachtwagens te laten stoppen op de parkeerplaats naast het Belevingspad en dan is het volgens spreker niet wenselijk dat er ook nog vrachtwagens van AH langsrijden.

De heer MULLER vraagt de heer Klein Velderman uit te gaan van de situatie zoals deze nu is en niet zoals hij dit gewenst had. Hij refereert daarbij ook aan de wettelijk geregelde geluidsnormen.
Hij deelt de zorgen dat er vrachtverkeer de Dorpsstraat inrijdt aan de kant van Vosman. Hier zal dan wel het een en ander aangepast moeten worden als men vanuit Markelo komt en de Oranjestraat in wil rijden.
Wat Gemeentebelang betreft zijn er volgens spreker 2 alternatieven nl: een doorsteek vanaf de Industriestraat naar Kalfstermansweide of het voorstel zoals dat nu voorligt. Alle voor- en tegenargumenten zijn daarbij in de stukken terug te vinden. De voorkeur gaat uit naar het voorliggende voorstel.

De heer NOORDAM zegt dat het niet de bedoeling is dat vrachtwagens via Vosman het dorp inrijden, dus hij vraagt de heer Muller of hij ook rekening houdt met de huidige situatie.
De heer MULLER geeft aan dat deze situatie aangepast kan worden. Hij gaat ervan uit dat álle vrachtwagens en niet alleen die voor AH gebruik gaan maken van het MAC-pad en dat lijkt hem niet de juiste oplossing.

De heer TER KEURST gaat in op de nadelen die met dit voorstel gepaard gaan. Stedenbouwkundig wordt er een gat geslagen in de lintbebouwing aan de Dorpsstraat, daar is de PvdA op tegen.
Het verkeer wordt uitgenodigd gebruik te gaan maken van de Dorpsstraat, omdat hier een sluiproute wordt gecreëerd. Fietsers en ook voetgangers worden opnieuw geconfronteerd met vrachtwagencombinaties die links- of rechtsom moeten afslaan om te gaan lossen en laden dan wel vrachtwagens die terugrijden i.v.m. herbevoorrading vanuit het centrale depot. Hij wijst hierbij op het gevaar voor fietsers. Een alternatief is de Kerkhofsweg – MAC-pad. Hiermee wordt € 629.000 bespaard. Fiets- en voetgangers worden dan niet gehinderd door, hetzij sluipverkeer hetzij vrachtwagencombinaties. De Dorpsstraat blijft verkeersluw en de lintbebouwing blijft in takt. Een nadeel is het opofferen van ca. 15 parkeerplaatsen. Hij vraagt hierop een reactie van het college.

De heer KEVELAM sluit zich aan bij woorden van de heer Ter Keurst en verbaast zich erover dat voorliggend voorstel wordt gedaan. Kalfstermansweide kent op dit moment 4 ontsluitingswegen. Het voorstel van het college is verkeerskundig gezien niet noodzakelijk, omdat het gaat om een gering aantal motorvoertuigen en een 4-tal vrachtwagens voor AH om te lossen en laden. € 630.000 is volgens spreker ook niet genoeg.
Er is ook geen noodzaak om panden aan te kopen en geen gronden om een onteigeningsprocedure te starten. Deze panden zullen dan minnelijk moeten worden aangekocht tegen een hoger bedrag. De gevel van “Boer Biet”, die nu niet in zicht is, moet opgeknapt worden. Daarbij is aan de orde dat de inrit vanaf de HJ Wansinkstraat naar de Oranjestraat aangepast moet worden en dat betekent dat er veel meer geld nodig is dan de € 630.000. Hij vindt het een slecht voorstel, maar hij heeft vernomen dat de coalitiepartijen het voorstel van het college zullen steunen.

Wethouder AANSTOOT zegt dat het college kiest voor een toekomstbestendige en duurzame oplossing. Ze wil een scheiding van de verkeersstromen  bewerkstelligen door in de toekomst de verbinding tussen de Smidsbelt en de Kalfstermansweide, die nu open is voor autoverkeer, te sluiten. De voetgangers hebben dan voldoende ruimte hun inkopen te doen en zo wordt invulling gegeven aan het Belevingspad.
Hij zegt dat er ca. 30 parkeerplaatsen kunnen worden gerealiseerd. Hiermee gaat een bedrag van
€ 75.000 gemoeid. Hij gaat in op de foto van de heer Klein Velderman en het gebruik van de Kerkhofsweg in 2 richtingen en zegt dat hierover in 2011 afspraken met bewoners zijn gemaakt en het college wil hier niet op terugkomen. De afspraken zijn ook verwerkt in verkeersbesluiten. Wat de bewegingen van het vrachtverkeer bij de Dorpsstraat betreft zegt spreker dat het de bedoeling van het college is dat er twee ontsluitingen komen aan de kant van de Kalfstermansweide; de huidige ontsluiting aan de Stationsstraat en de voorliggende ontsluiting. Dit zijn 2 volwaardige ontsluitingen waarvan het vrachtverkeer gebruik kan maken. Zo heb je een oplossing voor het personenverkeer en het vrachtverkeer voor alle winkels, behoudens voor de Aldi.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt om een toelichting hoe de vrachtwagens daarna verder rijden. Wethouder AANSTOOT noemt de toerit vanaf de Stationsweg en zegt dat de beoogde route is dat ze via het nieuwe tracé richting de Dorpsstraat rijden en vervolgens richting de Oranjestraat, dus niet richting Smidsbelt. Verkeer dat vanuit het westen het centrum nadert gaat via de Stationsstraat en het verkeer vanuit het oosten gaat via de Oranjestraat en de kruising bij de Kolweg over de nieuwe route.
Bekeken wordt in hoeverre de bocht bij Vosman – HJ Wansinkstraat moet worden aangepast.
De meerwaarde van voorliggende variant is dat het centrum ‘geraakt’ wordt en automobilisten het centrum zien. De auto’s komen dichter bij het centrum, zonder dat ze verder richting Smidsbelt rijden.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt of spreker de parkeerplaats bedoelt, omdat de auto’s dan al in het centrum zijn.
Wethouder AANSTOOT zegt dat het erom gaat dat automobilisten de Smidsbelt zien.
De heer KLEIN VELDERMAN vraagt of het college dus een toerit wil creëren om de zichtbaarheid te organiseren richting het centrum.
Wethouder AANSTOOT legt uit dat het vooral gaat om de recreanten die niet vaak in Holten komen. Die wil het college zo dicht mogelijk bij het centrum betrekken en op Kalfstermansweide laten parkeren.

De heer KEVELAM vraagt of de bocht bij Vosman dus voor alle verkeer wordt aangepast, zodat dat een logische route wordt.
Wethouder AANSTOOT zegt dat mensen daar kunnen kiezen hoe ze gaan rijden.
Hij gaat in op de lintbebouwing en onderkent dat Dorpsstraat 3 en 3a verworven moeten worden. Daar wordt de ontsluiting gerealiseerd en dat heeft een gat in de lintbebouwing tot gevolg. Dit wordt in de toekomst, wanneer “Boer Biet” en Waterloo ontwikkeld gaan worden, weer opgevuld.
Er is geen sprake van verkeersaantrekking in de Dorpsstraat, omdat het verkeer vanuit westelijke richting via de Stationsstraat rijdt en de inrit aan de Stationsstraat pakt en het verkeer vanuit het oosten de nieuwe route neemt. Automobilisten op Kalfstermansweide die aan de westkant van Holten wonen, zullen deze route niet pakken maar de route terug via de Stationsstraat en zullen dan hun weg vervolgen.
Qua vormgeving zal er volgens spreker voor gezorgd worden dat er een bocht komt en dat er sprake is van goede zichtbaarheid van het langzaam verkeer.
Wat het MAC-pad betreft is spreker van mening dat er dan twee ontsluitingen worden gecreëerd die aan de noordkant vlak naast elkaar liggen, terwijl er behoefte is aan een ontsluiting aan de noordwest- en zuidoostkant.
Hij bevestigt dat er op dit moment sprake is van 4 ontsluitingen van de Kalfstermansweide, maar daarvan wordt de ontsluiting richting Smidsbelt gesloten voor gemotoriseerd verkeer. De variant richting de Industriestraat is volgens spreker niet afdwingbaar.

Tweede termijn
De heer NIJKAMP vindt het voorstel een goede oplossing die toekomstbestendig is. Het CDA gaat ervan uit dat de totale kosten binnen het VSP worden gedekt, waarbij de helft al was uitgetrokken voor de verbindingsweg Kalfstermansweide-Industriestraat. Het CDA is akkoord met het voorstel en gaat ervan uit dat de verwerving van Dorpsstraat 3 en 3a op een correcte manier gebeurt.

De heer DE KOE vindt het voorstel een redelijk goede oplossing voor het laden en lossen bij AH, waarbij er sprake is van een scheiding van verkeersstromen. Hiermee worden eerder toezeggingen aan bewoners en omwonenden van het plein nagekomen.

De heer NOORDAM zegt dat verkeersstromen juist gebundeld worden, waarbij de heer Ter Keurst het gevaar voor fietsers heeft genoemd.
De heer DE KOE zegt dat dit de mening van de heer Ter Keurst is.
De heer NOORDAM vindt dat als er vrachtverkeer in de Dorpsstraat wordt toegelaten c.q. gedwongen dan is er geen sprake van een scheiding.
De heer DE KOE zegt dat winkels nu eenmaal bevoorraad moeten worden, dus zal er sprake zijn van verkeer. Het voorliggende voorstel is daarbij de beste optie volgens spreker. De genoemde opties zijn volgens Lokaal Liberaal geen betere dan het voorstel dat nu voorligt. Hij wijst daarbij ook op de woorden van de heer Ten Velde namens de HHV. Wel dient de routing zo goed mogelijk worden aangegeven in het centrum, om te voorkomen dat er onnodig verkeer ontstaat op plekken waar dat niet gewenst is.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat het dorp al vergeven is met parkeerrouteborden en pleit voor minder borden.
De heer DE KOE stelt voor dat hier eens goed naar gekeken wordt en dat het college dit aanpast.

De heer KLEIN VELDERMAN vindt het voorliggende voorstel een slecht plan, omdat niet alle opties zijn meegenomen. Hij vindt ook dat het niets te maken heeft met onbetrouwbaar bestuur om in goed gesprek op afspraken met bewoners terug te komen. Hij vindt het jammer dat dit niet gebeurt en vindt het ook een gemiste kans.
De heer NOORDAM refereert aan de foto die de heer Klein Velderman heeft getoond, de woning die daarop te zien is en die grenst aan het MAC-pad en vraagt of de aanschaf van deze woning goed-koper is dan het voorstel dat voorligt.

De heer KLEIN VELDERMAN weet dit niet, maar hij denkt niet dat de aanschaf van deze woning de zorgen bij de resterende bewoners wegneemt. Er is daarbij al sprake van geluidsoverlast en hij denkt dat als de scenario’s naast elkaar worden gelegd deze keuze ook in beeld komt.  Er kan ook voor gekozen worden de € 630.000 in het VSP te laten zitten, waardoor er meer geld is voor andere zaken zoals de vergroening van het centrum. Hij roept de wethouder op om meer opties in dit plan mee te nemen en een zorgvuldige afweging te maken.

De heer MULLER zegt dat de raad in 2012 unaniem heeft ingestemd met de verbindingsweg. Het was een breed gedragen oplossing voor de problematiek van toegangswegen naar Kalfstermansweide. Toen zijn ook alternatieven besproken en Gemeentebelang ziet dit voorstel als een verbetering.

De heer TER KEURST merkt op dat het college met dit voorstel vermenging van verkeersstromen in de Dorpsstraat op de koop toeneemt. Ook hij is van mening dat de bocht aan de HJ Wansinkstraat – Dorpsstraat moet worden aangepast, omdat deze met een personenauto al lastig te nemen is, laat staan met een vrachtwagen. Dit betekent dat het bedrag van € 630.000 moet worden verhoogd.
Wat het gat in de lintbebouwing betreft merkt spreker op dat het gat opgevuld kan worden door herstellen van de lintbebouwing en dan zal er dus een alternatieve route voor het verkeer gecreëerd moet worden. Dat betekent dat het voorliggende voorstel niet duurzaam is maar slechts een tijdelijke oplossing.

De heer KEVELAM blijft erbij dat het voorliggende voorstel een slecht plan is. Hij merkt op dat er ingezet is op een verkeersluw deel Oranjestraat tot aan de Kolweg, met een erf over de Smidsbelt. Nu wordt voorgesteld om de toerist toch weer tot aan het centrum te brengen moet de bocht bij Vosman worden verwijderd zodat er een routing komt zoals deze vroeger was naar het centrum. Met deze oplossing kan de gemeente een deel van de HJ Wansinkstraat opbreken en de grond weer gebruiken voor woningen, want die is met deze inrit niet meer nodig. De € 630.000 is volgens de VVD te laag ingeschat. Hij waarschuwt dat het budget dat gereserveerd is in het VSP hiermee wordt overschreven en dat wil spreker niet, gelet op de andere wensen die integraal moeten worden afgewogen, zoals de bouw van de Haarschool.

De heer HAASE zegt dat de SGP steeds heeft aangegeven moeite te hebben met het voorstel, gelet op de motivering en de meerkosten.  Laden en lossen op de Dorpsstraat is in de opinie van de SGP een aantrekkelijke optie, maar helaas bestaat hiertegen grote weerstand. Zijn fractie ziet de meerwaarde van dit voorstel ten opzichte van het realiseren van een laad- en loslocatie aan de Dorpsstraat. Wat betreft het realiseren van een extra ontsluiting en het verkeersluw maken van het centrum is de vraag of dit € 630.000 meer waard is dan de bevroren optie. Of zou de vraag eigenlijk moeten luiden of dit voorstel € 220.000 meer waard is dan de optie Dorpsstraat plus de aanleg Kalfstermansweide – Industriestraat waartoe al in 2012 is besloten was.
De SGP-fractie vindt dat het tijd is om vooruit te gaan, de tijd van meer alternatieven is voorbij en daarom stemt de SGP schoorvoetend in met het voorstel omdat er binnen het VSP in 2012 besloten is tot een oostelijke ontsluiting. De SGP heeft hier destijds ook mee ingestemd en de verbinding Dorpsstraat – Kalfstermansweide vormt daarvoor een goed alternatief. Dit voorstel lijkt te kunnen rekenen op draagkracht bij betrokken partijen (omwonenden en HHV) en dat voorkomt verdere vertraging en tijd is geld. Spreker is van mening dat het project zo snel mogelijk voortgang moet krijgen. Gezien het feit dat het voorliggende voorstel, met meerkosten, kan worden uitgevoerd met gereserveerde middelen, binnen het VSP, wordt hiermee de financiële positie van Rijssen-Holten niet in negatieve zin beïnvloed. De SGP maakt een voorbehoud bij het instemmen, namelijk dat de hele uitvoering van dit plan niets meer mag kosten dan begroot en daarmee valt en staat de steun van de SGP voor het plan.

De heer BERKHOFF zegt dat de ChristenUnie in het verleden kritisch is geweest over allerlei varianten en voorstellen. Er zijn veel alternatieven bedacht, maar alle hebben voor- en tegenargumenten. Ook zijn fractie is van mening dat er nu doorgepakt moet worden. Het is een luxe optie, maar deze kan wel worden gerealiseerd binnen het budget dat ervoor staat. Zijn fractie stemt in, maar maakt ook het voorbehoud dat er geen financiële overschrijding komt.

De heer NOORDAM wijst op het kruispunt bij Vosman dat niet geschikt is voor vrachtverkeer. Daarmee zijn de SGP en de ChristenUnie tegen het voorstel, want deze kosten komen er nog bij.
De heer BERKHOFF zegt dat er een schatting is gemaakt binnen de begroting en hij neemt aan dat het college binnen het budget blijft. Dit is ook een taak die ze het college wil meegeven.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt blij te zijn met de woorden van de SGP en de ChristenUnie. Hij houdt ze ook aan het voorbehoud. Hij vindt het wel triest te moeten constateren dat door het uitstellen van slechte plannen partijen zeggen dat ze willen doorpakken en dus stemmen ze maar in, in plaats van het signaal af te geven dat wat steeds is voorgesteld niet goed is. 

De heer TER KEURST vraagt of de wethouder kan garanderen dat voor de geraamde € 629.000 alles kan worden uitgevoerd en refereert aan zijn woorden dat hij geconstateerd heeft dat er een tijdelijke oplossing wordt voorgesteld en dat er daardoor sprake is van meerkosten.

Wethouder AANSTOOT zegt toe dat er op een correcte manier wordt verworven. Het college zal erop toezien dat de routing goed wordt aangegeven. Hij is van mening dat de opties goed zijn onderzocht en op basis daarvan is de voorliggende variant eruit gekomen.
Het college zal ervoor zorgen dat de kosten van de aanpassing bij Vosman binnen het budget blijven.
De heer MEIJERINK vraagt of de wethouder dit kan garanderen.
Wethouder AANSTOOT zegt dat er gewerkt wordt op basis van kostenramingen/begrotingen en hij denkt dat hier een reële raming ligt. Dus de commissie kan ervan uitgaan dat het gevraagde krediet nodig is en niet meer.
Spreker onderkent dat als er een gat in de lintbebouwing wordt aangebracht en dat dit van structurele aard zal zijn, want de weg wordt wel aangelegd voor de komende 40 à 50 jaar.
De heer TER KEURST wijst op de eerdere woorden van wethouder Aanstoot waarbij hij zegt dat het gat mogelijk hersteld kan worden, vandaar zijn conclusie dat het zou gaan om een tijdelijke oplossing.
Wethouder AANSTOOT zegt dat de infrastructuur voor de komende 30 tot 50 jaar wordt aangelegd, dan zal dus het gat in de lintbebouwing blijven bestaan. Hij heeft daarbij wel gedoeld op toekomstige ontwikkelingen.

De VOORZITTER concludeert dat de commissieleden adviseren de kredietaanvraag voor de verbindingsroute Kalfstermansweide-Dorpsstraat als bespreekstuk te behandelen in de raad.

7 Kredietaanvraag voor het aanpassen van fietskruispunten in de wijk Veeneslagen (Aanstoot)
De heer HAASE zegt dat de SGP, bij het vaststellen van de fietsvisie, gevraagd heeft om aandacht voor de fietskruispunten in Veeneslagen. Hij vindt het prettig te vernemen dat er nu al aandacht voor de veiligheid van deze fietskruispunten wordt gevraagd. Hij refereert aan de begeleidende brief, waarin het college stelt dat hij de laatste tijd meerdere signalen ontvangt over toenemende onveiligheid op de fietskruispunten en  vraagt een toelichting. Daarnaast wordt in een brief aan de raad en in het collegevoorstel de suggestie gewekt dat de meest urgente fietskruispunten worden aangepakt. Maar uit de quickscan blijkt dat er 8 kruispunten zijn onderzocht en dat die zijn beoordeeld, maar daarin wordt geen ranglijst opgesteld betreffende de veiligheid. De drie kruispunten die nu worden aangepakt zijn kruispunten waarvoor infrastructurele aanpassingen noodzakelijk zijn volgens spreker. De overige kruispunten kunnen volgens de quickscan worden aangepakt met eenvoudige beheersmaatregelen. De SGP roept het college op ook deze kruispunten aan te pakken en te verbeteren en vraagt een toezegging van de wethouder.

De heer H. KREIJKES zegt dat ook het CDA al een paar keer aandacht heeft gevraagd voor de verkeerssituatie in Veeneslagen. Ze staan positief tegenover het zo snel mogelijk uitvoeren van de voorgestelde maatregelen. In de quickscan staan een aantal aanvullende opmerkingen, bijvoorbeeld over voldoende verlichting. In de voorgestelde maatregelen kan hij hierover niets terugvinden en hij vraagt of dit betekent dat er al voldoende verlichting is of dat het zonder meerkosten wordt meegenomen?

De heer BLAAZER laat weten dat verlichting ook voor de ChristenUnie een aandachtspunt is. In de quickscan worden nog een aantal andere gevaarlijke situaties genoemd, die in 2016 zullen worden aangepakt. Dit vindt de ChristenUnie laat, gezien de gevaren die er soms ontstaan. Hij verzoekt het college dit eerder uit te voeren.

De heer BEUNK wijst op het opgestelde stappenplan, waarin een locatie is bezocht, deze is getoetst aan de zichtlijnen, waarbij de oplossingsrichting is bepaald. Hier spelen volgens spreker zaken die aandacht behoeven en wel zo snel mogelijk. Het voorstel voor verbetering van de verlichting ondersteunt Gemeentebelang van harte, omdat ze dit ook als een knelpunt ziet. Ook is de snelheid daar hoog, met name op de kruising bij de nieuwe Julianaschool De Stroekeld. Ze wil daarbij meegeven dat het beter is het zebrapad naar boven te verplaatsen, waarbij de zichtbaarheid van met name de kinderen die er gebruik van maken verbetert.
Hij gaat in op de snelheid van het vermeende sluipverkeer van busjes, die lang niet altijd uit onze gemeente komen en benadrukt dat het verstandig is ook de snelheid aan te pakken. Hij vraagt een toelichting van de wethouder op de communicatie met omwonenden.

De heer MEIJERINK geeft het college een compliment voor de voortvarendheid waarop ze zaken heeft aangepakt. Het blijkt dat de raad er verstandig aan heeft gedaan de rooilijn van de Julianaschool terug te brengen, anders waren de problemen nog groter geweest. De PvdA stemt in met het voorstel.

De heer NOORDAM refereert aan de discussie over de Melkweg in Holten, waarbij hij enige steun van Gemeentebelang had verwacht voor de maatregelen die de VVD heeft voorgesteld. Er wordt daarbij ook gemeten op snelheid, waar de veiligheid niet echt in het geding komt. Hij zegt dat er dus beter op snelheid in de woonwijken kan worden gemeten.
De heer MULLER zegt dat controle in woonwijken mogelijk is, maar een overtreding is een overtreding.

Wethouder AANSTOOT zegt dat er de laatste anderhalve maand fietsongelukken hebben plaatsgevonden, die mede aanleiding gaven om maatregelen genoemd in de quickscan naar voren te halen. In de aanneemsom is bedongen dat ook de andere kruisingen, waar beheersmaatregelen moeten worden getroffen, snel uitgevoerd worden. De genoemde 3 worden voor de winterperiode aangepakt.
Hij zegt dat de verlichting verkeerskundig in het rapport is beoordeeld en niet op basis van wel of niet voldoende verlichting. Dit wordt meegenomen en zo nodig worden er aanpassingen doorgevoerd. Spreker gaat in op de Stroekeld, dat een 50 km weg is en waar men snel harder rijdt dan 50 km/uur. Hij zal dit meenemen bij het overleg met de verkeersoverleggroep en bekijken of daar maatregelen kunnen worden genomen dan wel metingen kunnen worden verricht.
Bekeken zal worden of het veiliger is  de voetgangersoversteekplaats bij de nieuwe Julianaschool hoger aan te leggen.
Er zal bij de verkeersoverleggroep aandacht worden gevraagd voor het sluipverkeer, wellicht dat er kentekenmetingen kunnen worden verricht, waarbij wordt bekeken of dit zich ’s morgens en ’s avonds voordoet.
Spreker zegt dat er tijdig gepubliceerd is dat de wegen tijdelijk gestremd zijn. Met de werkvolgorde wordt er rekening mee gehouden dat de Stroekeld en Veeneslagen niet gelijktijdig afgesloten zijn. Inmiddels is er tijdelijke bebording aangebracht en als de commissie akkoord gaat met het versneld uitvoeren, dan kan er, behoudens vorst, maandag aanstaande worden gestart.
NB.: Op 18 maart 2015 is over de snelheid op De Stroekeld de volgende reactie gegeven door het college:
Beantwoording actiepunt over hoge snelheid De Stroekeld (pdf)


De VOORZITTER concludeert dat de commissieleden adviseren de kredietaanvraag voor het aanpassen van fietskruispunten in de wijk Veeneslagen als hamerstuk te behandelen in de raad

8 Bouw van 20 appartementen locatie Otje van Potje (opiniërend; Cornelissen)
De VOORZITTER bedankt de insprekers voor het geduld en geeft het woord aan de fam. Jansen.

De heer JANSEN spreekt in. Hij dankt de commissieleden dat hij in de gelegenheid wordt gesteld zijn zienswijze, zorgen en bezwaren kenbaar te maken.
Spreker gaat in op zijn persoonlijke bezwaar en zegt dat als de bouwplannen op de huidige manier vormgegeven worden dan moeten hij en zijn gezin zoveel leefbaarheid en woongenot inleveren, dat het voor hun desastreus is. Hij refereert daarbij aan de hoge muur die op het zuiden getekend staat. Ze hadden al niet veel zon, maar nu wordt de inval van zonlicht totaal weggenomen. Ook wanneer er een bouwlaag minder wordt gebouwd komt het gevoel van een luchtplaats bij een gevangenis naar boven. De familie was graag in gesprek gegaan met de projectontwikkelaar, maar door het niet tijdig ontvangen van bericht is dit vooralsnog niet gelukt. Er kwam van VAB een ongeadresseerde brief die per abuis bij het oud papier geraakt. Zo moesten ze uit de krant en via via vernemen wat er te gebeuren staat. Hier is de familie van geschrokken omdat het net lijkt alsof alles al in kannen en kruiken is.
Spreker gaat in op de verkeersongevallen die nu al plaatsvinden op de rotonde bij Otje van Potje  in relatie tot de toename van het verkeer op het fietspad door bewoners, bezoekers, etc. Hij vindt dat er te massaal wordt gebouwd op een te drukke locatie en wijst daarbij op de kwetsbaarheid van fietsers. Hij vraagt de commissie dit te laten meewegen in haar besluit.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt hoe hoog de muur precies wordt die vlak naast het huis van fam. Jansen gepland staat.
De heer JANSEN zegt dat dit niet duidelijk op de tekening staat; er staan wel stramienmaten op maar de hoogtes worden niet aangegeven. Als hij een vergelijking maakt met de hoogte van zijn huis dan zal het ca. 10 meter hoog worden. Hij wijst erop dat een aantal raadsleden de situatie heeft bekeken, waar ze zeer dankbaar en erkentelijk voor zijn en waarbij werd aangegeven dat ze de huidige muur al hoog vinden. Spreker zegt dat als deze muur nog dichterbij komt dit een onoverkomelijk bezwaar is.

De heer BEUNK vraagt of de heer Jansen in wezen voor of tegen ontwikkeling van deze hoek is.
De heer JANSEN zegt dat ze op zich niet tegen bouwen zijn. Hij begrijpt wel dat er gebouwd wordt, maar het wordt te dicht op zijn woning gerealiseerd, zodat de leefbaarheid van de woning sterk verslechtert en deze onverkoopbaar wordt. 

De heer DE KOE vindt het jammer dat de heer Jansen niet eerder overleg heeft gehad met de ontwikkelaar. Hij vraagt of het laten vervallen van het laatste bouwblok een oplossing zou kunnen zijn.
De heer JANSEN bevestigt dit en vult aan dat het het  mooist zou zijn dat het hoogste bouwblok een verdieping wordt opgeschoven. Dan blijft er sprake van zonlicht. Hij verwacht de verlichting te moeten aandoen bij minder mooi weer als het blijft zoals gepland.

De heer G.KREIJKES spreekt zijn waardering uit voor het geduld van de insprekers. Hij wijst op de brief die hij heeft ontvangen en vraagt of deze deel uitmaakt van de inspraak. Hij refereert aan de niet geadresseerde brief van VAB en vraagt ernaar of de inhoud bekend is.
De heer JANSEN zegt dat het ging om een uitnodiging voor vanmiddag om de plannen te komen bekijken.
De heer G. KREIJKES vraagt naar het contact met de ontwikkelaar over de voorliggende plannen.
De heer JANSEN zegt twee keer contact te hebben gehad met de ontwikkelaar; een keer over het feit dat de ontwikkelaar eigenaar is van het perceel en plannen heeft om te gaan bouwen en de tweede keer toen het eerste plan niet doorging en hij langskwam om aan te geven dat ze nog buren kregen omdat hij geen leegstand wilde.
De heer G. KREIJKES vraagt  of de heer Jansen bereid is alsnog met de ontwikkelaar in gesprek te gaan en of hij ideeën heeft voor een gezamenlijke oplossing.
De heer JANSEN bevestigt dit en zegt ideeën voor de ontwikkelaar te hebben om gezamenlijk tot een oplossing te komen.  Hij denkt dat er teveel wordt gebouwd. Hij wijst ook op de onderdoorgang waar auto’s elkaar passeren moeten en waar 3 parkeerplaatsen gerealiseerd worden. Hij verwacht niet dat mensen daar graag parkeren vanwege het risico op beschadiging.

De heer KEVELAM kijkt naar de tekening en concludeert dat de inspreker op de Jan ter Horsstraat 43 woont, met een lagere gevel en waar op een nieuwe plek een nieuwe gevel wordt gebouwd. Hij vraagt of het bestemmingsplan de gewenste hoogte nu al toelaat.
De heer JANSEN bevestigt dit en zegt dat de huidige gevel zo’n 2 meter hoog is en dat de hoge muur 2 meter verderop richting de rotonde komt. Deze situatie komt volgens spreker bedreigend over.
De vraag over het bestemmingsplan kan hij niet beantwoorden.

De heer TROOST spreekt in en is de vader en schoonvader van de fam. Jansen. Hij bedankt voor de mogelijkheid om in te spreken.
Inhoudelijk heeft hij niet veel aan de woorden van de heer Jansen toe te voegen. Hij geeft aan dat het levensgeluk van zijn kinderen op dit moment op zijn kop staat en ook het perspectief op toekomstig woongenot is ten gevolge van de voorgenomen plannen volgens spreker niet meer aanwezig.
Het is een hardwerkend gezin, dat zuinig leeft en door hard werken iets heeft bereikt. Hij geeft aan blij te zijn met de verduidelijkende vraagstelling en geeft aan dat de fam. Jansen nooit dwarsliggers zijn geweest.
Bij deze plannen hadden ze graag een partij willen zijn. Ook bij het realiseren van de tunnel hebben ze hun medewerking destijds verleend en spreker vindt het heel vervelend dat het nu zo moet lopen, zonder enkel overleg. De familie Jansen heeft de hulp van de commissie hard nodig, spreker vraagt geen medewerking te verlenen aan de plannen zoals deze nu voorliggen en hoopt dat na overleg met alle betrokkenen een situatie kan worden gecreëerd waarmee een ieder gelukkig kan zijn.

De heer POL spreekt in. Hij bedankt voor het spreekrecht en zegt dat hij aan de Jan ter Horststraat 37 woont. Hij zegt dat door voorliggende plannen de privacy enorm benadeeld wordt en daar heeft hij veel moeite mee. Op dit moment heeft hij nauwelijks last van inkijk, maar straks, als het appartement gerealiseerd is, zal er veel inkijk zijn en naar verwachting zal dit de hele dag zijn. Hij heeft zich verbaasd over de hoeveelheid appartementen en zegt dat met name de hoogte van het gebouw zorgt voor de grote privacy schending; soms is er sprake van 4 lagen met een punt er bovenop.
Spreker is wel aanwezig geweest bij de voorlichting en heeft daar de vraag gesteld hoe hoog het gebouw wordt. Daar heeft men op geantwoord dat het ongeveer 15 meter aan de voorkant is. Spreker vraagt zich af of dit mogelijk is op de geplande plek. Hij heeft gemaild met de griffie en via de griffier is hij op de hoogte gebracht van de procedure van vanavond.
Hij refereert aan de parkeernorm en zegt dat er maar 23 parkeerplekken worden gerealiseerd. Hij vraagt zich af hoe het parkeerprobleem wordt opgelost. De auto’s moeten daarbij over een weg dat eigenlijk als een fietspad is ingericht en bedoeld om het huis te bereiken.
Spreker geeft aan zich niet te herinneren wat hem eerder heeft bereikt: de uitnodigingsbrief van VAB of de publicatie door de gemeente.
Hij gaat in op de stukken op de website en refereert aan het routingformulier bestuursvoorstel, waarbij bij punt 5, draagvlak, nvt staat. Wellicht is dit zo omdat de commissie hier eerst een oordeel over moet geven. Bij punt 8, communicatie, staat echter ook nvt. En op zijn vraag waarom er niet gecommuniceerd is, stelde de heer Berkhoff dat het bewust is gedaan omdat het een keuze van hun is.
Ook hij en zijn gezin zijn er niet op tegen dat het plan bij Otje van Potje anders wordt ingevuld, ook hij bedankt de commissieleden die zijn komen kijken en wijst op het slechte uitzicht op dit moment.
Hij refereert aan een stedenbouwkundig advies van 2010 over de Haarstraat, dat luidde dat er niet kon worden gebouwd omdat het karakter van de Haarstraat verloren zou gaan. Hij vraagt zich af of dit advies nu ook van toepassing is, wat er met dit advies is gedaan en hoopt dat de commissie daarom niet instemt met voorliggend voorstel.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat ook dit verhaal helder maakt dat de gemeente een probleem heeft met communiceren en zegt dat wanneer een projectontwikkelaar een bouwplan presenteert een eerste vraag zou moeten zijn wat de buren ervan vinden. Hij vraagt wat bespreekbaar is, gelet op de hoogte en de inkijk.
De heer POL zegt dat het gaat om privacy, waarbij de hoogte een grote rol speelt. Bij standaard woningen zou er geen sprake zijn van inkijk. Alle bouwwerken onder de 2 lagen komen wat hem betreft in aanmerking. Een derde en vierde laag, met balustrade, vindt spreker erg. Hierdoor heeft hij de hele dag inkijk.

De VOORZITTER bedankt de insprekers voor hun inbreng.

De heer KEVELAM vraagt welke hoogte is toegestaan volgens het huidige bestemmingsplan.

De heer MEIJERINK gaat in op de plaatjes bij het plan, die ook verschenen zijn in diverse kranten en vraagt of dit een getrouwe weergave is van de plannen. Hij vraagt wat er gaat gebeuren met het fietspad en of er nu gesproken wordt over definitieve plannen of over een nieuw plan, wanneer de gesprekken met de belanghebbenden hebben plaatsgevonden.

De heer BEUNK sluit zich aan bij de woorden van de heer Meijerink over de plaatjes en zegt dat Gemeentebelang graag meegaat in de plannen, omdat ter plaatse een stedenbouwkundige verfraaiing wenselijk is. Hij vindt met de bewoners de huidige plannen niet fraai en er moet nog een brede belangenafweging plaatsvinden. Spreker roept het college op aan de ontwikkelaar mee te geven een constructief gesprek met de bewoners te voeren, zodat er een voor beide partijen bevredigende invulling wordt gecreëerd. Het kan toch niet de bedoeling zijn om buren achter een 10 meter hoge muur te metselen.
Gemeentebelang heeft ook twijfels over de verkeersafwikkeling. Van een volwaardige ontsluiting over de J.H. ter Horstlaan kan geen sprake zijn gelet op de breedte van de weg. Het fietspad vormt de ontsluiting op dit moment en is slechts 3 meter breed. Ook de aansluiting vanaf de rotonde is slechts 3 m breed. Deze 3 meter is ook nodig om het grote aantal fietsers af te wikkelen, er is immers sprake van een “dubbelzijdige befietsing”. In de huidige situatie is geen sprake van een volwaardige en veilige ontsluiting. Zijn fractie roept het college op dit samen met de projectontwikkelaar nader te onderzoeken, en geeft als suggestie voor de fietsontsluitingsroute te kijken naar de overkant van de tunnelbuis, aan het zgn. schelpenpad. Dit is ook al eerder door de SGP-fractie benoemt. Deze fietsontsluiting komt ook de veiligheid op de rotonde ten goede.
Gemeentebelang zet vraagtekens bij het aantal parkeerplekken en vraagt waar de parkeernorm op gebaseerd wordt. De voorgelegde berekening is spreker niet helemaal duidelijk.

Mevrouw EMMENS gaat in op de ontsluiting aan de kant van de Jan ter Horstlaan. Hier gaat het om een fietsontsluiting met een stukje weg om de 2 onder 1 kappen te ontsluiten, maar dit is ook een belangrijke weg voor de fietsers. Spreekster geeft aan dat het voorstel aangeeft dat ontsluiting aan de kant van de Haarstraat niet wenselijk is omdat daar de fietsstrook begint in het nieuwe ontwerp voor de rotonde. Maar D66 denkt dat aansluiting op de parallelweg bij de Haarstraat wel mogelijk is. Spreekster vindt de ontsluiting op het fietspad bij de Jan ter Horstlaan niet wenselijk.
Ze heeft ook twijfels over de parkeernormen, waaraan een vreemde berekening ten grondslag ligt. Gesteld wordt dat 600 m2 winkelruimte verdwijnt en de parkeerdruk daardoor afneemt.  Ze vraagt naar de afspraken van destijds, toen de rotonde is aangelegd, want op dat moment zijn alle parkeerruimten voor Otje van Potje al verdwenen. Deze kunnen niet nu nog een keer verdwijnen.

De heer DE KOE zegt het planologisch een mooie oplossing te vinden: het verdwijnen van m2 detailhandel en woonruimte ervoor terugkrijgen. Het ingediende plan ziet er op zichzelf mooi uit, maar past niet helemaal in buurt waar het komt te staan. Ook de insprekers hebben dit aangegeven. Hij geeft het college de opdracht mee om in overleg met alle partijen te bekijken wat mogelijk is om te komen tot een oplossing die voor alle partijen wenselijk is.  
Naar aanleiding van de verkeerskundige kant vraagt spreker een toelichting van de wethouder waarom deze oplossing wordt voorgelegd en waarom het een verbetering is van de huidige situatie.

De heer TIJHOF wijst op het feit dat er nu een principeverzoek ligt waarover iedereen een opinie mag geven, het is dan ook belangrijk dat buren en commissie- en raadsleden de knelpunten naar voren brengen.  De fractie van de ChristenUnie deelt een aantal knelpunten met de omwonenden en er is een aantal knelpunten van verkeerskundige aard. Het belangrijkste is dat er in samenspraak met de omwonenden en ontwikkelaar een goed plan op tafel komt.
Spreker zegt dat Otje van Potje een begrip is en dat er daarom een situatie gecreëerd moet worden waar we de komende jaren mee vooruit kunnen.
Hij geeft aan dat er voor wat betreft de ChristenUnie knelpunten zijn, met name op het gebied van de fietsveiligheid. Dat veiligheidsaspect moet in het totale plan worden meegenomen. Ook vindt zijn fractie het belangrijk dat de parkeernormen op de juiste wijze worden toegepast en spreker voorziet problemen als er te veel op beknibbeld wordt. Spreker vindt dat de ingetekende inrit behoorlijk krap is.
Hij vindt dat het nog geen volwaardig plan is, maar de ChristenUnie is wel blij met de ontwikkelingen.

De heer H. KREIJKES zegt dat het het CDA verbaast dat er geen contact met omwonenden is geweest. Hij sluit zich daarbij aan bij de woorden van de vorige sprekers dat er getracht moet worden om in onderling overleg tot een goede oplossing te komen.

De heer G. KREIJKES gaat in op de parkeernorm en concludeert dat er in 2 parkeerplaatsen te weinig wordt voorzien in het voorliggende plan. Hij refereert aan de woorden van de heer Klein Velderman, de heer De Koe en de heer Tijhof over de communicatie. Hij geeft aan dat het gaat om een principeverzoek dat voorligt, waarbij niet het college maar de ontwikkelaar aan zet is. Hij weet dat de ambtenaar de ontwikkelaar meegeeft dat hij ervoor moet zorgen dat er consensus komt met de buurt. Hij wil het college meegeven dit aan de ontwikkelaar voor te leggen. Dat er ontwikkelt wordt vindt de SGP een goede zaak en ook in appartementen kan ze zich vinden.

Wethouder CORNELISSEN bevestigt dat het gaat om opiniërend stuk. Hij geeft aan moeite te hebben met de woorden van de heer Klein Velderman over communicatie. Hij refereert hierbij aan de discussie over principeverzoeken en de woorden van de heer G. Kreijkes, hoe hiermee moet worden omgegaan en zegt dat daar het initiatief bij de ontwikkelaar ligt.
Er is een gesprek met de ontwikkelaar geweest en daarbij is aangegeven dat contact met de buurt gezocht moet worden. Spreker heeft begrepen dat dit niet helemaal is gelukt en zegt dat het daarbij gaat om een situatie die tussen partijen heeft plaatsgevonden, waar de gemeente geen deel in heeft gehad.
De hoogte die in het huidige bestemmingsplan is toegestaan aan de grens van het plan is 7 m hoog.
Hij gaat in op de plaatjes die getoond zijn. Als de opinie is dat het een getrouwe weergave kan zijn en dat de commissie enthousiast is over het plan, dan verwacht hij niet dat er een wijziging door de ontwikkelaar wordt aangebracht in de plannen.
Er is verkeerskundig naar de plannen gekeken en daarbij werd de voorliggende optie als goed ingeschat. Hij deelt de zorgen en dit zal de aandacht hebben bij de verdere uitwerking van de plannen.
Spreker refereert aan de berekeningen van de parkeerplekken en zegt dat daarbij de conclusie wordt getrokken dat er een aantal parkeerplaatsen te weinig worden gerealiseerd. Spreker zegt dat daarbij de afweging is gemaakt dat er voldoende parkeerplekken worden gerealiseerd gelet op de parkeerdruk die er is als de detailhandelsfunctie wordt ingevuld. Dit betekent dat de parkeerdruk verder toeneemt. Gezien de inruil met de detailhandelssituatie zou dit een voorstel kunnen zijn wat op draagvlak kan rekenen.
Het college zal de boodschap dat partijen om tafel moeten blijven herhalen naar de ontwikkelaar toe en zal dit als een breedgedragen opinie inbrengen.

Tweede termijn
De heer G. KREIJKES gaat in op de parkeernorm en zegt dat er al daar al een aantal jaren geen sprake meer is van detailhandel, dus hij stelt voor minder te ontwikkelen om zo de parkeernorm te bereiken. Het bestemmingsplan zal ook moeten worden aangepast op de bouwhoogtes.
Spreker stelt voor dat het college opnieuw naar de verkeerssituatie te kijken om ervoor te zorgen dat het fietsverkeer aan de andere kant van de tunnelingang komt. Daarmee komen ze aan de goede kant van de rotonde uit, zodat daar een gevaarlijke verkeerssituatie is opgelost.
De SGP stelt voor dat de ontwikkelaar eerst met de buurt in gesprek gaat en dat ernaar gestreefd moet worden dat er voor alle partijen een wenselijk plan op tafel komt.

De heer H. KEIJKES stemt in met de woorden van de heer Kreijkes.

De heer KLEIN VELDERMAN refereert aan zijn woorden over de communicatie en het verweer van wethouder Cornelissen hierop en onderkent dat de het probleem bij de projectontwikkelaar ligt. Wel wil spreker benadrukken dat de communicatie met de projectontwikkelaar beter had gemoeten.
Hij stelt voor dat de gemeente hier lering uit trekt en er in de toekomst voor zorgt dat ze problemen, in de communicatie met aanvragers, aan de voorkant oplost.

De heer G. KREIJKES vraagt de heer Klein Velderman contact op te nemen met een ambtenaar om te vragen hoe de communicatie is gelopen. Hij vindt ook dat de communicatie niet goed verlopen is maar het gaat hierbij om de ontwikkelaar en de buren en daar staat de gemeente buiten.

De heer NOORDAM protesteert en vindt de woorden van de heer Kreijkes geen interruptie.

De heer KLEIN VELDERMAN snapt niet waarom communicatie volgens de heer Kreijkes geen collegeverantwoordelijkheid is maar van een ambtenaar. Het college kan ook toetsen of de projectontwikkelaar met de omwonenden in gesprek is geweest of aan de omwonenden vragen hoe ze over voorliggende plannen denken. De heer BEUNK zegt dat Gemeentebelang het voorstel steunt, maar vindt het aantal van 20  niet hard. Hij vindt het ook verstandig dat er verkeerskundig nog eens naar het plan wordt gekeken, want ze voorzien er problemen.

De heer MEIJERINK laat weten dat de PvdA van mening is dat er ter plekke iets moet gebeuren. De plaatjes zijn mooi, maar de ontwikkelaar moet wel draagvlak in de buurt organiseren. Het fietspad is op dit moment niet veilig en wordt wellicht alleen nog maar onveiliger. Wellicht ligt de oplossing aan de overkant, door een brug te realiseren. De PvdA ziet verbetering van de verkeersveiligheid als een voorwaarde.

De heer KEVELAM vindt dat financiering uit de knelpuntenpot kan plaatsvinden en gaat ervan uit dat het regieteam welstand de plannen akkoord bevonden heeft, waarbij er afwijkend t.o.v. het huidige bestemmingsplan wordt gebouwd. De woorden van de heer G. Kreijkes over detailhandel kan hij beamen. Er zullen op deze plek geen winkels meer komen, dus woningbouw is logisch.
Spreker vindt dat er beter gecommuniceerd moet worden en zegt dat problemen door een goede communicatie op te lossen. De fractie van de VVD is voor het voorstel.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat er bestemmingsplantechnisch sprake is van detailhandel die ook als dusdanig zo kan worden ingevuld. Wat de communicatie betreft zegt hij dat het college, met de ambtelijke organisatie, heeft gesproken met de ontwikkelaar en dat hij veel moeite heeft met de woorden van de heer Klein Velderman over de communicatie binnen de gemeente.

De heer NOORDAM vraagt of de wethouder bereid is communicatie met de buurt op te nemen in het programma van eisen?
Wethouder CORNELISSEN zegt dat er uitgebreid gediscussieerd is over principeverzoeken en de rol van de gemeente daarin. Wat de communicatie betreft is toen gezegd dat deze ligt bij de ontwikkelende partij en dat de gemeente voor die tijd niet actief communiceert. Als de commissie de gemaakte afspraken wil aanpassen dan kan dat, maar vooralsnog heeft de communicatie volgens afspraak plaatsgevonden.
De heer TIJHOF denkt dat er veel maatschappelijke onrust ontstaat als de commissie deze eis als standaard gaat neerleggen. Er zijn immers tal van ondernemers die af en toe een proefballon willen oplaten en willen polsen en toetsen of er ontwikkelingen mogelijk zijn. Spreker is van mening dat als er dan altijd gevraagd en geëist wordt dat er communicatie met buurtbewoners heeft plaatsgevonden dan ontstaat er allerlei voorbarige onrust die niet gewenst is. Het is volgens spreker de verantwoording van de ontwikkelaar om de buurt te betrekken. Communicatie is zenden en ontvangen en hij vindt dat D66 niet geluisterd heeft naar wat er gezegd is.

De GRIFFIER licht toe dat er een notitie principeverzoeken is waarin de commissie heeft aangeven hoe ze wenst om te gaan met principeverzoeken en wat daarbij verwacht wordt van andere partijen en van het college. Het lijkt hem goed de discussie daarover een keer te voeren om te achterhalen of de commissie in deze raadsperiode nog altijd achter de uitgangspunten in deze notitie staat en stelt voor deze notitie te agenderen voor een volgende commissievergadering.

De VOORZITTER constateert dat de fracties hun opinies duidelijk hebben verwoord en concludeert dat de discussie over principeverzoeken in zijn algemeenheid een andere keer wordt gevoerd.

9 Actiepuntenlijst
De VOORZITTER concludeert dat alle actiepunten zijn beantwoord.

10 Rondvraag
Mevrouw DEIJK gaat in op de bandenpomp in Holten die einde september 2014 is verhuisd van de Kalfstermansweide naar de Dorpsstraat omdat daar sprake was van een centralere plaatsing en dat er daardoor meer gebruik van gemaakt zou worden. Ze vraagt of dit zo is, gelet op de signalen dat de huidige locatie niet ideaal is en minder toegankelijk zou zijn.
Wethouder AANSTOOT antwoordt dat er nog geen gebruiksmetingen zijn gedaan. Hij zegt toe dat er gemonitord wordt.

De heer TIJHOF gaat in op de situatie rotonde Vennekesgaarden – Holterstraatweg.  De rotonde ligt uit de as van de weg. Aanwonenden geven aan dat veel verkeer de verkeerde kant van de rotonde oprijdt, niet alleen personenauto’s maar ook hulpdiensten, bussen e.d. Spreker vraagt of het college hiervan op de hoogte is en of ze hier iets aan kan of wil doen.
Wethouder AANSTOOT zegt dat hij zelf nog geen signalen heeft gehoord. Het onderwerp is al wel eerder aan de orde geweest. Toen werd het nog niet als een groot probleem gezien. Via de verkeersadviesgroep zal ernaar worden gekeken en wordt bepaald of er iets aan kan worden gedaan.

De heer NIJKAMP gaat in op de afvalinzameling in relatie tot de proef met verruiming van plasticinzameling. Hij vraagt wanneer de uitkomsten van deze proef bekend zijn en wanneer er voorstellen aan de commissie worden voorgelegd.  
Wethouder AANSTOOT zegt dat er behoorlijk veel plastic wordt ingezameld. Hij zal kijken wanneer het in de planning staat dat de commissie wordt geïnformeerd.
NB.: Op 19 januari 2015 is hierover een memo evaluatie Recyclezak aan de raad gemaild.

Wethouder CORNELISSEN  gaat in op de communicatie en heeft begrepen dat goede communcatie richting de burgers de commissieleden na aan het hart gaat. Hij refereert aan de film die voorafgaand aan de vergadering is getoond over de structuurvisie. Het college zou het volgens spreker op prijs stellen wanneer de commissieleden via de sociale media aandacht schenken aan de film c.q. de structuurvisie, door een link op te nemen om zo de achterban te informeren.

11 Sluiting
De VOORZITTER sluit de vergadering om 22.50 uur.

 

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van de Commissie Grondgebied van Rijssen-Holten op 22 januari 2015

raadsvergadering-raad Anonymous vergadering-raad Anonymous