Gemeente Rijssen-Holten
Laden...

Gemeente Rijssen-Holten
Postbus 244
7460 AE
T: (0548) 85 48 54
E: gemeente@rijssen-holten.nl

Raad 13 november 2015

Datum: 13-11-2015Tijd: 13:30 - 18:00Zaal: RaadzaalOpenbaarheid: OpenbaarVoorzitter: A.C. HoflandGriffier: H.A.J. van de VliertNotulist: Genodigden: AanwezigNaamSGPA.J. Scheppink,...

Zoekresultaten

Wordt geladen...

Raad 13 november 2015

Datum: 13-11-2015
Tijd: 13:30 - 18:00
Zaal: Raadzaal
Openbaarheid: Openbaar
Voorzitter: A.C. Hofland
Griffier: H.A.J. van de Vliert
Notulist:
Genodigden:
AanwezigNaam
SGPA.J. Scheppink, dr. E.G. Bosma, dr. J. Noeverman, G. Kreijkes, ir. A.S. Haase, J.W. Reterink en R. Jansen
CDAdrs. I. Kahraman, F.J. Wessels, G.D. ten Berge, H. Kreijkes RA CISA en H.J. Nijkamp
ChristenUnieJ. Berkhoff, J. van Veldhuizen, mr. W.L. Riezebos-Tessemaker en N.J. Otten
GemeentebelangW.J.M. Muller, J. Beunk en J. Kuiper-Ruitenberg
PvdAR.W. Meijerink
VVDF.W. Noordam en E.J.W. Deijk
Lokaal LiberaalR.A. de Koe
D66ir. H. Klein Velderman
Het collegeA.J. Aanstoot, B. Beens, R.J. Cornelissen, B.D. Tijhof
Pers2
Publiek75

1 Opening
De VOORZITTER opent de vergadering met het ambtsgebed en heet de aanwezigen welkom, waaronder de cursisten die de afgelopen tijd de cursus Politiek Actief hebben gevolgd.
Als beginnummer voor hoofdelijke stemming wordt getrokken nr. 2, de heer G. Kreijkes.
Bericht van verhindering is ontvangen van de heer S. Kök.

2 Inventarisatie spreekrecht
De VOORZITTER deelt mee dat de mevrouw Agteresch van het Parkgebouw zich heeft gemeld om in te spreken over agendapunt 13, de programmabegroting.

Mevrouw AGTERESCH (namens het Parkgebouw) refereert aan haar inspraak van twee jaar geleden. Daarna is er door het Parkgebouw hard gewerkt aan het oplossen van de problemen. Het probleem dat zij vandaag wil voorleggen, betreft het ontbreken van een akoestisch systeem in de Herman Wesselszaal. Met een goed akoestisch systeem kunnen ook koren en muziekverenigingen een podium krijgen bij het Parkgebouw en wordt nog meer draagvlak gecreëerd onder de bevolking van Rijssen-Holten. Bijna driekwart van de financiering is rond door middel van sponsoring, wat betekent dat er ook vanuit het bedrijfsleven veel draagvlak is. Het Parkgebouw verzoekt de raad de nog ontbrekende € 25.000 beschikbaar te stellen, bij voorkeur tijdens de vergadering van vandaag of eventueel tijdens de volgende kaderstellende vergadering. Wat de raad daarvoor terugkrijgt, is uitgewerkt in het plan “Rijssen zet de toon”. Spreekster is blij dat zij die toon vandaag mag zetten in deze raadsvergadering.

De heer MULLER zegt dat Gemeentebelang waardering heeft voor de initiatieven en de drive van het Parkgebouw, maar dat zij werd overvallen door het verzoek om de ontbrekende € 25.000 vandaag beschikbaar te stellen. De raad is niet in staat geweest alle afwegingen zorgvuldig te maken. Hij vraagt of mevrouw Agteresch zich kan voorstellen dat het beschikbaar stellen van het geld aan de orde komt in de kaderstellende vergadering in 2016.
Mevrouw AGTERESCH zegt dat zij zich dat kan voorstellen. Het Parkgebouw heeft echter recht van spreken, wil ervoor gaan en heeft de instelling ‘wie niet waagt, wie niet wint’.

De heer SCHEPPINK spreekt zijn waardering uit voor het zoeken van sponsoren door het Parkgebouw en dat er al 75% van het bedrag binnen is. Hij vraagt hoelang de toezeggingen van de sponsoren gelden en op welke termijn het Parkgebouw een besluit van de raad verwacht over het beschikbaar stellen van het resterende bedrag.
Mevrouw AGTERESCH zegt dat de sponsoren hun bijdragen hebben toegezegd. De leverancier van het akoestisch systeem heeft € 10.000 toegezegd om daarmee een pilot te kunnen draaien in de Herman Wesselszaal. De offerte geldt tot eind 2015. In januari 2016 wordt opnieuw bekeken of het systeem voor dezelfde prijs aangeboden wordt.

Mevrouw RIEZEBOS complimenteert het Parkgebouw met het vinden van zo veel geld. Dat verdient alle lof en zij wenst het Parkgebouw veel succes.

3 Vaststellen agenda
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

4 Raadsvoorstel toelating en beëdiging raadslid
De VOORZITTER zegt dat met het vertrek van de heer Ter Keurst uit de raad binnen de fractie van de PvdA een vacature is ontstaan. De heer Meijerink heeft aangegeven voor die vacature in aanmerking te willen komen. Daartoe moeten de geloofsbrieven onderzocht worden. Spreker stelt voor dat de commissie wordt gevormd door de heer H. Kreijkes, de heer Noordam en mevrouw Riezebos en dat de geloofsbrieven kunnen worden onderzocht.

De VOORZITTER schorst de vergadering van 14.30 tot 14.35 uur.

De VOORZITTER heropent de vergadering en geeft het woord aan de voorzitter van de commissie, mevrouw Riezebos.

Mevrouw RIEZEBOS zegt dat de commissie de geloofsbrieven van de heer Meijerink heeft onderzocht. De commissie constateert dat aan alle voorwaarden uit de Kieswet en de Gemeentewet om benoemd te kunnen worden als raadslid van de gemeente Rijssen-Holten is voldaan. De commissie adviseert de heer Meijerink toe te laten als raadslid.

De VOORZITTER vraagt of de raad conform dat advies besluit en constateert dat dit het geval is. Hij verzoekt de heer Meijerink naar voren te komen voor de beëdiging.
Bij het aanvaarden van de functie van raadslid, zoals dat ook geldt voor burgemeesters en wethouders, moet men of de eed of de belofte afleggen. De heer Meijerink heeft gekozen voor de eed. De eed luidt als volgt:

“Ik zweer dat ik, om tot lid van de raad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.
Ik zweer dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. 
Ik zweer dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de raad naar eer en geweten zal vervullen.”

De heer MEIJERINK: Zo waarlijk helpe mij God Almachtig.

De VOORZITTER zegt: Daarmee bent u officieel geïnstalleerd als raadslid en feliciteer ik u daarmee van harte.
U bent geen onbekende voor ons. Gelet op uw voorliefde voor de geschiedenis zal ik toch even stilstaan bij uw politieke loopbaan.
U bent een kind van de dualisering. U bent op 2 januari 2003 raadslid geworden in onze gemeente. Dat bent u ruim zeven jaar gebleven tot maart 2010. Tijdens uw raadslidmaatschap was u tevens voorzitter van de commissie MDV. Na de verkiezingen in 2010 eindigde het raadslidmaatschap en heeft u de PvdA vertegenwoordigd als commissielid tot vandaag. Vandaag bent u opnieuw beëdigd en mag ik u welkom terug heten in de gemeenteraad en u heel veel plezier en succes wensen. Ik wil dat graag onderstrepen met een prachtig oranje bloemetje met één rode roos erin. (Applaus)

Ik ben onlangs een keer bij een gemeente geweest, waar ook iemand beëdigd werd. Dat duurde even voordat er felicitaties konden worden gegeven. Ik stel voor dat u even hier blijft staan en dat ik eerst uw familie en daarna de raadsleden de gelegenheid geef u te feliciteren.
Ik schors daarvoor de vergadering.

De VOORZITTER schorst de vergadering.

De VOORZITTER heropent de vergadering en heet de heer Meijerink van harte welkom op zijn nieuwe plek in de raadzaal.

5 Vragenuur
Er worden geen vragen gesteld.

6 Notulen en besluitenlijst raadsvergadering 24 september 2015
Zonder bespreking en zonder hoofdelijke stemming stelt de raad de notulen en de besluitenlijst vast.

7 Actiepuntenlijst
Het actiepunt Pilot MVV wordt van de actiepuntenlijst afgevoerd.

8 Ingekomen stukken - mededelingen
De heer KAHRAMAN geeft een terugkoppeling van de regioraadsvergadering van 11 november 2015.
Toegezegd is om het treasurystatuut aan te scherpen zoals ingebracht door Rijssen-Holten.
Rijssen-Holten heeft aangegeven de discussie te willen voeren over de financiering van de innovatiesprong Twente. Nu wordt hiervoor elk jaar € 10 miljoen uit Twence gehaald. Wat Rijssen-Holten betreft is voortzetting daarvan niet vanzelfsprekend. Rijssen-Holten wil door middel van een evaluatie inzicht krijgen in de opbrengst van de innovatiesprong, ook voor Rijssen-Holten. Dat onderwerp wordt meegenomen in de verdere besluitvorming over de innovatiesprong. 
Naar aanleiding van vragen van Rijssen-Holten heeft de voorzitter laten weten dat het goed besteed geld is wat in Twentebranding wordt gestoken, wat o.a. is te zien aan het aantal vacatures dat geplaatst wordt op de website en aan het aantal bezoekers dat substantieel is toegenomen. Verder is door Rijssen-Holten een opmerking gemaakt over het aanhouden van de financiering in het portefeuillehoudersoverleg. Daarover werd gezegd dat unaniem is besloten de financiering op deze manier voort te zetten.
In de vergadering is afscheid genomen van de Regioraad. De Regio Twente gaat voort, maar de Regioraad wordt afgeschaft. De vertegenwoordigers uit Rijssen-Holten hebben als afscheidscadeau een klein formaat krentewegge en een boekwerk over de Regio Twente gekregen

De heer SCHEPPINK verzoekt het college op korte termijn te reageren op ingekomen stuk 40, een brief en een mail over bodemvervuiling in de Haarstraat in Rijssen en de raad van de beantwoording op de hoogte te stellen.

De heer MEIJERINK deelt mee dat zijn fractie hem heeft verzocht het fractievoorzitterschap op zich nemen. Daarin heeft spreker toegestemd.

De VOORZITTER zegt dat vastgelegd wordt dat de heer Meijerink de nieuwe fractievoorzitter van de PvdA is geworden.

Wethouder AANSTOOT zegt naar aanleiding van het verzoek van de heer Scheppink, dat de betreffende vervuiling bekend is bij het college. Er is geen wettelijke basis om de grond te saneren. Er worden geen grondroerende werkzaamheden verricht ter plaatse. De beslissing om dit project niet mee te nemen nu er werkzaamheden plaatsvinden, wordt door het college heroverwogen. Het college komt daarover met een advies.

9 Raadsvoorstel gedragscode integriteit dagelijkse bestuurders en volksvertegenwoordigers (Hofland)
Zonder bespreking en zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voorstel.

De heer G. Kreijkes neemt het voorzitterschap over.

10 Raadsvoorstel heroriëntatie gemeenschappelijke samenwerking Regio Twente (Hofland)
De VOORZITTER deelt mee dat er één voorstel is voorgelegd, waarbij het besluit is gesplitst in een A- en een B-onderdeel. 

A: Regio Twente

De fractie van Gemeentebelang dient een amendement in. De heer MULLER licht het amendement toe. Gemeentebelang steunt alle punten in het besluit met uitzondering van punt 7 betreffende de adviescommissie voor raadsleden.

Overwegende dat:

  • de Regio Twente per 1 januari een College-regeling wordt en niet een Gemengde-regeling;
  • een college-regeling alleen het uitvoeren van collegetaken betreft. Meepraten van een raadscommissie levert dan geen meerwaarde;
  • invoering van een adviescommissie tot meer bestuurlijke drukte leidt;
  • een raadsledencommissie die invloed uitoefent op gemandateerde uitvoeringstaken tot onduidelijkheid kan leiden over de verantwoordelijkheid van de besluiten;
  • het regiobestuur altijd zelf een adviescommissie kan instellen als zij daar behoefte aan heeft;
  • de portefeuillehouders met de eigen raden hun inbreng en verantwoording bespreken;
  • de Twenteraad en haar presidium mogelijkheden biedt aan raadsleden om onderwerpen te agenderen;

Besluit beslispunt 7 te wijzigen, zodat het komt te luiden:
“Een NEGATIEF standpunt in te nemen over het instellen van een adviescommissie aan het algemeen bestuur voor raadsleden, zoals verwoord in de brief van de voorzitter van de Regio Twente van 19 oktober 2015”.

Vragenronde

De heer KAHRAMAN zegt dat de fractie instemt met het amendement. De nieuwe Regio Twente wordt straks zuiver een collegeaangelegenheid, die niet vermengd moet worden met raadsleden. Anderzijds weegt dit beslispunt voor het CDA niet heel zwaar, omdat het gaat om een adviesorgaan dat niet meebeslist. 

De heer NOORDAM zegt dat het amendement de raad op het verkeerde been zet. De achtergrond is begrijpelijk maar bij het vierde aandachtspunt staat “een raadsledencommissie die invloed uitoefent op gemandateerde uitvoeringstaken tot onduidelijkheid kan leiden over de verantwoordelijkheid van de besluiten”. Uit de woorden van de heer Kahraman maakt spreker op dat die onduidelijkheid er niet is, omdat een adviescommissie die verantwoordelijkheid niet heeft. Spreker vraagt de indiener hierop in te gaan. 

De heer SCHEPPINK zegt dat de SGP geen behoefte heeft aan een adviescommissie.

De heer MULLER zegt dat het aan eenieder is te beslissen hoe zwaar de overweging uit het amendement meeweegt in de eindconclusie. Ook de andere vermelde overwegingen hebben tezamen voldoende draagkracht om negatief te oordelen over een adviescommissie.
Als de adviescommissie geen functie heeft, geen verantwoordelijkheden heeft en geen invloed kan uitoefenen op de besluitvorming, dan hoeft die commissie niet ingesteld te worden. Die adviescommissie bestaat uit politieke vertegenwoordigers van de verschillende raden, waarin verschillend gedacht wordt over diverse onderwerpen. Op het moment dat die adviescommissie invloed uitoefent en politieke druk zet op de besluitvorming richting de portefeuillehouders die er namens de individuele raden zitten, dan geeft dat verwarring. Portefeuillehouders zullen rekening houden met wat er achter hen op de tribune gezegd wordt. Dat zal in de discussie en in de verantwoording een rol gaan spelen.
Het valt op dat bij een gemeente waarvan het college een negatief oordeel geeft, zoals in Losser, ook het raadsbesluit zo is opgesteld dat het negatief wordt beoordeeld. Bij een gemeente waarvan het college een positief oordeel vraagt, gaat de raad meestal mee vanuit de gedachte dat men er eigenlijk niet heel zwaar aan tilt, dat men er geen punt van wil maken en wil doorgaan.
Duidelijk is dat iedereen graag verder wil gaan in de besluitvorming. Toch zit er vertraging in. Omdat de raad van Losser unaniem heeft besloten niet akkoord te gaan met de adviescommissie, kan deze niet meer voor 31 december 2015 ingevoerd worden. Het punt komt op de agenda van de portefeuillehouders en blijft onderwerp van overleg.
Spreker roept de overige fracties op, als zij van mening zijn dat het niet veel uitmaakt en dat zij neigen naar niets doen, hun neiging te volgen.

Burgemeester HOFLAND zegt dat raden die hebben uitgesproken groot voorstander te zijn van meer bevoegdheden in een soort Twenteraad, ook groot voorstander zijn van een adviescommissie. Er zijn ook gemeenteraden, waaronder Rijssen-Holten, die zeggen dat er afscheid is genomen van de Twenteraad, maar er wel mee kunnen leven als er toch samenkomsten zijn. Dat is in feite het compromis dat bedacht is. In eerste instantie zou dit niet benoemd worden in de regeling. Toch is vanuit een aantal raden de oproep gedaan dat te verankeren. Het college wil hier pragmatisch mee omgaan, want het heeft geen status. Aan de andere kant ligt er een amendement voor, dat voer is voor staatsrechtelijke puristen.
In de brief van de nieuwe voorzitter van de regio wordt gevraagd hoe de gemeenten hierin staan. Men kan kiezen uit drie varianten: men is voor, men is tegen en men is neutraal. Het college is positief, maar eigenlijk is het neutraal-positief. Het college vraagt zich af wat de meerwaarde is van het aanvaarden van het amendement. Wellicht is het zuiver om het amendement te aanvaarden, maar het hele proces dat doorlopen is, was een kwestie van geven en nemen, waar maak je je sterk voor en waar kijk je een keer de andere kant op. Het is niet de bedoeling dat er bevoegdheden overgebracht worden van individuele raden naar een soort nieuwe Twenteraad. Daar staat Rijssen-Holten verre van. Het college is nog geen voorstander van dit amendement.

Debatronde

De heer MULLER dankt de burgemeester voor het geven van duidelijkheid over de positie die het college inneemt bij de besluitvorming over dit onderwerp. Er is blijkbaar geen groot verschil tussen gematigd positief en gematigd negatief. De uitslag van het college is echter gematigd negatief, en uiteindelijk negatief.
De burgemeester geeft aan dat het allemaal niet erg belangrijk is en geen zware functie heeft. Wat spreker betreft hoeft er dan ook geen nieuw adviesorgaan te ontstaan.
Door de burgemeester werd een opmerking gemaakt over rechtspuristen. Volgens spreker genieten rechtspuristen van procedures naar de Raad van State. Dat doet Gemeentebelang absoluut niet.

De heer NOORDAM zegt dat er niet over de meerwaarde wordt nagedacht, terwijl daar wel degelijk sprake van is. Er zijn lijnen naar de achterban via de radenadviescommissie. De VVD zit er hetzelfde in als het college en helt over naar de positieve kant.

De heer SCHEPPINK interrumpeert de heer Noordam. De VVD geeft vaak aan dat bestuurlijke drukte beperkt moet worden. Spreker vraagt of dat in dit geval niet geldt.

De heer NOORDAM zegt dat de VVD niet alles over een kam scheert en ervoor openstaat als nagedacht moet worden over meerwaarde. Spreker wil duidelijk maken dat het in dit geval een meerwaarde in zich kan hebben.

De heer DE KOE zegt dat Lokaal Liberaal dit punt geen heet hangijzer vindt. Misschien is het op deze manier mogelijk invloed te hebben in de uitwerking. Alles afwegende is Lokaal Liberaal gematigd positief en gaat zij mee met het collegevoorstel.

De heer KAHRAMAN zegt dat het CDA neutraal-negatief staat ten opzichte van dit onderwerp en tegen het amendement is.

De heer SCHEPPINK zegt dat de SGP tegen een adviescommissie is en voor het amendement.

De heer BERKHOFF zegt dat ook de ChristenUnie van mening is dat het niet gaat om een belangrijk punt. Het hierna volgende besluit is veel belangrijker. De ChristenUnie wil het college de vrijheid geven naar bevind van zaken te handelen.

De BURGEMEESTER zegt dat de term bestuurlijke drukte is genoemd en dat men geen behoefte heeft aan een adviescommissie. Of men voor of tegen een adviescommissie is, spreker hoopt dat er zo nu en dan samenkomsten zijn van Twentse gemeenteraden die elkaar opzoeken om zaken met elkaar te delen, zoals ook in het rapport van de commissie Robben staat. 

De VOORZITTER brengt het amendement in stemming. Het amendement krijgt 10 stemmen voor (GB, SGP) en 14 stemmen tegen (CDA, CU, PvdA, VVD, LL, D66) en wordt verworpen.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voorstel, besluit A.

B: Twentebedrijf

De fracties van CDA, CU en D66 dienen een motie in. De heer Kahraman licht de motie toe.
De raad staat voor de vraag wat te doen met de Regio Twente. Er is afscheid genomen van de oude Regio en de raad heeft zojuist bij besluit A ingestemd met de nieuwe Regio. Er is ook een besluit B, wat een uitbreiding betekent van de taken van de Regio Twente. Rijssen-Holten heeft daarover altijd gezegd dat zij positief staat ten opzichte van samenwerking, maar dat zij duidelijkheid wil hebben over taken die naar de Regio overgeheveld worden.
De indieners van de motie zijn niet tegen toetreding tot het cascomodel. Rijssen-Holten zou echter in een huwelijk met veertien gemeenten stappen. Daarvoor moeten huwelijkse voorwaarden vastgesteld worden.

Overwegende dat:

  • Rijssen-Holten graag samenwerkt met andere gemeenten als dit meerwaarde heeft;
  • het college toestemming vraagt om de gemeenschappelijke regeling (GR) Twentebedrijf te treffen, een GR gericht op bedrijfsvoering en uitvoering;
  • de GR een collegeregeling is en derhalve geen beleid kan maken en geen raadsbevoegdheden kan overnemen;
  • de GR naast taken ook personeel op het gebied van bedrijfsvoering en uitvoering op verzoek van gemeenten kan overnemen en aannemen en dat het conceptbedrijfsplan uitgaat van een groeimodel;
  • iedere deelnemer alleen (financieel) verantwoordelijk is voor het casco en de taken die zij onderbrengt, alleen gegarandeerd zijn voor de eerste drie jaar en de GR daarna wordt herzien;
  • het Twentebedrijf zich, zoals het er nu uitziet, snel zal ontwikkelen;
  • de risico’s (zeker na de eerste drie jaar), die daardoor gelopen worden door Rijssen-Holten niet in beeld zijn en onvoldoende zijn vastgelegd;
  • nog niet duidelijk is in welke mate Rijssen-Holten gebruik gaat maken van de diensten van het Twentebedrijf en er geen visie daarover is gedeeld met de raad;

Verzoekt het college:
Pas toe te treden tot de GR Twentebedrijf als:

  • de uittreedvoorwaarden duidelijker zijn omschreven, waarbij de uittreedvergoeding maximaal een extra jaarbijdrage is tenzij de afkoopsom van de ingebrachte taken/personeel door betreffende gemeente hoger is;
  • duidelijker is gewaarborgd dat, naast de bijdrage aan de cascokosten, een gemeente niet aansprakelijk is voor kosten en/of personeel die voortvloeien uit taken die niet door de betreffende gemeente zijn ondergebracht in het Twentebedrijf;
  • is geborgd dat de cascokosten niet groeien met het overhevelen van taken door gemeenten;
  • als toetreding heeft plaatsgevonden de raad vooraf om instemming vragen over het mogelijk overhevelen van taken naar het Twentebedrijf met een businesscase voor onze gemeente die in lijn is met onze gemeentelijke strategische visie op samenwerking.

De fractie van Gemeentebelang dient een motie in. De heer MULLER licht de motie toe en zegt dat het knelpunt van de motie van het CDA zit in ‘pas toe te treden tot het GR-bedrijf áls …’. Spreker vraagt of het college kans ziet op basis van de voorwaarden die daaraan gekoppeld worden inderdaad tot een toetreding te komen. Als daaraan voldaan zou kunnen worden, is het een stuk gemakkelijker.
Het grote verschil tussen de motie van CDA, CU en D66 en de motie van Gemeentebelang zit in de mogelijkheid tot uittreden. De motie van Gemeentebelang is gebaseerd op de motie die in Twenterand is ingediend door de SGP, ondersteund door CDA en ChristenUnie. Deze motie is bijna raadsbreed aangenomen. Het brede draagvlak daar was de inspiratie voor de indiening van de motie in Rijssen-Holten, met name om de voortgang te stimuleren en niet opnieuw vertragingen te laten ontstaan. Oplossingen voor de vermeende risico’s en problemen zijn in deze motie verwoord; daarom is het een optie voor de raad van Rijssen-Holten. Het essentiële verschil met de motie van het CDA, is dat het CDA het niet-deelnemen aan het Twentebedrijf nadrukkelijk als optie openhoudt.
Voor Gemeentebelang geldt dat niet meedoen geen optie is. De risico’s over aansprakelijkheid met betrekking tot het Twentebedrijf zijn geduid in het antwoord van de Regioraad op 15 oktober en zijn aanvaardbaar. De voor- en nadelen zijn o.a. duidelijk beschreven in de brief van het college. Tot nu toe heeft geen enkele gemeente afgehaakt. De echte kern ligt overigens in de keuze van de benadering vanuit bedreigingen of vanuit kansen.
Als Rijssen-Holten niet deelneemt aan het Twentebedrijf, is zij wel direct betrokken bij de uitvoering van de wettelijk verplichte onderdelen, GGD en OZJT. Alle andere uitvoeringstaken zijn vrijwillig en worden aangestuurd vanuit portefeuillehouders, rechtstreeks of via de Regio. Dan speelt het absoluut een rol hoe in dat verband de samenwerking is. De wensen die het CDA heeft kan Gemeentebelang goed begrijpen en zij staat erachter die wensen te bespreken bij het definitief vormgeven van het Twentebedrijf. Zij kan zich voorstellen dat die wensen voorwaarden zijn voor de aanvullende taken, die buiten het basispakket overgeheveld worden. Voor het basispakket zijn voldoende waarborgen vastgelegd: wel meedoen en bij aanvullende taken de voorwaarden aanscherpen. Als het CDA bereid is haar motie aan te passen, dus in plaats van ‘pas toe te treden tot het Twentebedrijf’ te vervangen door ‘deelname in het Twentebedrijf te beperken tot het basispakket en uitbreiding van dit pakket pas te overwegen nadát’, met daarbij een opsomming van wensen, dan overlappen beide moties elkaar en trekt spreker zijn motie in. De motie luidt als volgt:

Constaterende dat:

  • de GR Regio Twente in het kader van nieuwe wetgeving gewijzigd moet worden;
  • het college toestemming vraagt om de gemeenschappelijke regeling (GR) Twentebedrijf te treffen, een GR gericht op bedrijfsvoering en uitvoering;
  • de GR een collegeregeling is en derhalve geen beleid kan maken en geen raadsbevoegdheden kan overnemen;
  • de GR naast taken ook personeel op het gebied van bedrijfsvoering en uitvoering op verzoek van gemeenten kan overnemen en aannemen en dat het conceptbedrijfsplan uitgaat van een groeimodel;
  • het uitgangspunt dat iedere deelnemer alleen (financieel) verantwoordelijk is voor het casco en de taken die zij onderbrengt, alleen gegarandeerd is voor de eerste drie jaar en de GR daarna mogelijk wordt herzien;
  • het Twentebedrijf zich, zoals het er nu uitziet, snel zal ontwikkelen;
  • de risico’s (zeker na de eerste drie jaar), die daardoor gelopen worden door Rijssen-Holten niet in beeld zijn en onvoldoende zijn vastgelegd;
  • nog niet duidelijk is in welke mate Rijssen-Holten gebruik gaat maken van de diensten van het Twentebedrijf en geen visie daarover is gedeeld met de raad;

Overwegende dat:

  • het Twentebedrijf zich, zoals het er nu uitziet, op korte termijn snel zal ontwikkelen;
  • de risico’s, zeker na de eerste drie jaar, die daardoor gelopen worden door Rijssen-Holten niet in beeld zijn;
  • de strategische keuzes, die Rijssen-Holten zal moeten maken voor samenwerking met een toetreding tot het Twentebedrijf niet bekend zijn;

Verzoekt het college:

  • vroegtijdig voor de behandeling van de kadernota 2017-2020 een visie te ontwikkelen ten aanzien van de verschillende domeinen binnen de bedrijfsvoering van Rijssen-Holten die zich lenen om ondergebracht te kunnen worden in de GR Twentebedrijf en deze visie ter bespreking voor te leggen aan de raad;
  • de raad voorafgaande aan een mogelijke verbreding of wijziging van de GR Twentebedrijf te informeren over het toevoegen van (delen van) de bedrijfsvoering van andere bij de GR aangesloten partners;
  • te borgen dat problemen van een deelnemende gemeente, ook na drie jaar, niet op andere gemeenten afgewenteld kunnen worden.

Vragenronde

De heer SCHEPPINK zegt dat de moties hierop neerkomen, dat Gemeentebelang wil trouwen in gemeenschap van goederen en dat het CDA wil trouwen onder huwelijkse voorwaarden.

De heer MULLER vraagt bij interruptie waar de heer Scheppink “gemeenschap van goederen” heeft gelezen. De voorwaarden die in de regeling zijn opgenomen, inclusief de aanvullingen uit de motie, noemt spreker geen “gemeenschap van goederen”.

De heer SCHEPPINK zegt dat de moties duidelijk maken dat het voorstel niet deugt. Het college vraagt namelijk toestemming voor toetreding tot een regeling Twentebedrijf. Daarop kan ja of nee geantwoord worden. In de motie van het CDA kunnen alle punten afgevinkt worden met als conclusie: niet toetreden. Over voorwaarden om ooit wel toe te treden tot het Twentebedrijf zijn duidelijke afspraken gemaakt door de raad: er ligt een strategische visie en een beleidsakkoord. In het beleidsakkoord staat dat alleen samengewerkt wordt als het kosten bespaart. Toetreden tot het Twentebedrijf past daar niet in. Omdat er geen businessplan onder ligt en gezien alle punten in de motie van het CDA, is de conclusie dat gewoon tegengestemd moet worden. Als er wel een goede regeling voorligt, die past in de visie van de raad, dan komt het college vanzelf met een nieuw voorstel. Spreker vraagt aan de beide indieners waarom zij een motie indienen, terwijl ze het in feite niet eens zijn met het voorstel.

De heer BERKHOFF zegt dat samenwerking positief is op vele terreinen, maar bij het Twentebedrijf zijn nog veel vraagtekens, vooral in financieel opzicht. De ChristenUnie ondersteunt de motie van het CDA, waarin wordt aangegeven waaraan het voorstel moet voldoen.
Als reactie op de motie van Gemeentebelang zegt spreker dat gevraagd wordt een visie te ontwikkelen ten aanzien van de verschillende domeinen, naast de wettelijke regelingen, binnen de bedrijfsvoering die zich lenen om ondergebracht te kunnen worden in het Twentebedrijf. Gemeentebelang gaat er dus van uit dat Rijssen-Holten actief gaat deelnemen aan het Twentebedrijf. Spreker vraagt of Gemeentebelang dat bedoelt met de motie.
In het tweede punt van de motie staat “…de bedrijfsvoering van andere bij de GR aangesloten partners”. Het kan niet de bedoeling zijn dat dit inhoudt dat Rijssen-Holten gaat beoordelen of andere gemeenten een afdeling mogen onderbrengen bij het Twentebedrijf. Hij verzoekt Gemeentebelang daarop te reageren.

De heer SCHEPPINK vraagt de heer Berkhoff bij interruptie of hij voor of tegen toetreding tot het Twentebedrijf is.

De heer BERKHOFF zegt dat de ChristenUnie, kijkend naar de motie en als aan de voorwaarden wordt voldaan, voor toetreding is tot het Twentebedrijf.

De heer DE KOE zegt dat na de commissiebehandeling de portefeuillehouder op pad is gestuurd met een escape. Omdat daarop nog niet positief is gereageerd, zijn vandaag de twee moties ingediend.
De basishouding voor deelname aan het Twentebedrijf is wat Lokaal Liberaal betreft niet positief. Rijssen-Holten heeft haar zaken redelijk goed op orde. Op de korte en middellange termijn valt er voor haar niet veel te halen. De negatieve grondhouding heeft vooral te maken met de financiële risico’s, die goed verwoord zijn in de motie van het CDA. Als daaraan wordt voldaan, zou deelname wat Lokaal Liberaal betreft nog net mogelijk zijn.
Door Gemeentebelang wordt gezegd: niet meedoen is geen optie. Dan treed je toe en laat je alles gebeuren en over je heen komen. Spreker vraagt of dat hier bedoeld is.
Spreker vindt het bijzonder dat een lokale partij als Gemeentebelang voor centraliseren van taken is en het zo ver mogelijk wegplaatsen van taken. Hij is zelf van mening dat geprobeerd moet worden zaken zo lokaal mogelijk en zo goed en efficiënt mogelijk te organiseren.

De heer NOORDAM zegt dat de motie van Gemeentebelang er niet om liegt; het is een motie vol rookgordijnen, veel inhoudelijke vaagheden en onjuiste argumentatie, die vraagt om vooraf al na te denken over wat Rijssen-Holten eventueel kan overhevelen. Het uitgangspunt van de motie is dat de uitslag van de wedstrijd bekend is. Dat gaat voor de VVD te ver. 
De VVD kan meegaan met de motie van CDA, CU en D66. Zij wil nog wel duidelijkheid krijgen over de toetredingsvoorwaarden, volgens spreker kan toetreding pas plaatsvinden als de raad heeft ingestemd.
De heer Scheppink vroeg de heer Berkhoff of hij voor of tegen toetreding was. Wat spreker betreft moet ook de heer Scheppink zelf politiek gezien de verantwoordelijkheid nemen alles af te wegen, zoals ook de VVD doet door goed te luisteren naar de argumentatie van anderen. De VVD voelt daarom het meeste voor de motie van CDA, CU en D66, omdat daarin goed is nagedacht over mogelijke win-win en de win-win niet op voorhand is weggecijferd. 

De heer KAHRAMAN concludeert uit de woorden van de heer Muller, dat Gemeentebelang wil trouwen en dat daarna gesproken wordt over de huwelijkse voorwaarden. In dit geval gaat het om zakelijke beslissingen die de raad moet nemen, omdat er contracten worden gesloten en er een regeling aangegaan wordt. Die voorwaarden zijn er om gebruikt te worden in slechte tijden en wanneer men ruzie krijgt. Als nu ingestemd wordt met toetreding, bepaalt straks de meerderheid van de veertien gemeenten over uittreding. Met de motie wordt het college op pad gestuurd eerst de voorwaarden vast te leggen. Als dat lukt, geeft het CDA goedkeuring voor toetreding in het Twentebedrijf.
Op de woorden van de heer Noordam over de laatste zin in de motie, zegt spreker dat dit inderdaad veel korter opgesteld had kunnen worden. De indieners willen ermee zeggen, dat als de randvoorwaarden uit de motie zijn ingevuld, toetreding in de basis plaatsvindt. Daarnaast is het niet zo dat de raad dan alle bevoegdheden aan het college geeft, waardoor het college zelf kan beslissen welke afdelingen overgeheveld worden naar het Twentebedrijf. 

De heer MULLER zegt dat iedereen kennis heeft kunnen nemen van de brief van het college, waarin staat wat het Twentebedrijf Rijssen-Holten brengt en wat er gebeurt als zij niet meedoet. De argumenten in die brief spelen een grote rol bij het standpunt dat Gemeentebelang inneemt. Ook een lokale partij dient het belang van de inwoners. Uiteindelijk gaat het om resultaat, het benutten van kansen en het voorkomen van bedreigingen.
De heer Berkhoff vroeg waarom hier besproken moet worden wat andere gemeenten inbrengen, in bijvoorbeeld een ‘coalition of the willing’. Volgens spreker zou je kunnen overwegen, als je weet wat er in andere gemeenten aan actuele onderwerpen speelt, daarin te participeren of te bekijken of het gevolgen heeft voor de rest. Het gaat om een brede interesse en daaruit het beste voor jezelf te halen. Dan is het goed daarover geïnformeerd te worden via de colleges.
Naar aanleiding van de vraag welke onderdelen in de toekomst overgeheveld kunnen worden, zegt spreker dat niet gediscussieerd hoeft te worden over de wettelijk verplichte onderdelen. Alles wat ingebracht wordt in het Twentebedrijf gebeurt op basis van vrijwilligheid en wat er beter uitgevoerd kan worden van de diverse programma’s. In de stukken zijn daarover veel voorbeelden gegeven. Het is niet de bedoeling met al die punten te starten, maar te starten met een cascopakket. Dat zijn de prioriteiten. De rest is ter overweging. Als dat aan de orde is, verwacht spreker daarover een voorstel van het college. 

Burgemeester HOFLAND zegt dat er uitvoerig, indringend en in alle openheid is gesproken over dit onderwerp. De positie die iedereen inneemt is helder en begrijpelijk. Spreker prijst zich gelukkig aan de achterkant te zitten van de besluitvorming in Twente, waardoor er zicht is op wat er in andere gemeenten is gebeurd. Er leek een heel diepe kloof te zijn tussen Rijssen-Holten en de rest van Twente. Rijssen-Holten had zorgen vanwege eerdere ervaringen met een gemeenschappelijke regeling. Vragen daarover blijken echter ook te leven in andere gemeenteraden.
Wat voorligt is de vraag of Rijssen-Holten wil toetreden tot het Twentebedrijf. Het college vindt dat Rijssen-Holten dat moet doen. Uit de motie van CDA, CU en D66 gaat de vraag eigenlijk over hoe te voorkomen is dat Rijssen-Holten aansprakelijk wordt gesteld voor kosten waarvan zij niet zelf de ‘vervuiler’ is. Die vraag leeft in veel gemeenteraden, zoals in de raad van Twenterand, waar een vergelijkbare motie met de motie van Gemeentebelang is aangenomen. Die vraag heeft ook in Losser geleid tot een motie, waarin duidelijk gemaakt is aan het college dat Losser bij de uitwerking niet aansprakelijk gesteld wordt voor kosten die elders gemaakt worden. Andere burgemeesters hebben aangegeven dat het redelijk en logisch is dat die vraag op tafel komt. In die zin is het college van Rijssen-Holten zeer gemotiveerd en bereid uit te sluiten dat Rijssen-Holten aansprakelijk gesteld wordt voor kosten die door anderen gemaakt zijn. Zelfs een faillissement van het Twentebedrijf mag niet neerdalen op Rijssen-Holten.
Gezegd is dat de moties kunnen worden bekeken als checklists. Spreker heeft daarom aarzelingen bij deze moties. De insteek van het college is de toezegging aan de raad dat toetreding plaatsvindt tot het casco en in dat casco te onderhandelen over juridische constructies en uittreedconstructies. Op het moment dat niet genoegzaam geregeld wordt dat Rijssen-Holten gevrijwaard wordt van kosten die anderen maken, treedt Rijssen-Holten uit. Dat is ook de intentie die de raad heeft uitgesproken. Het college verwacht door toe te treden tot het casco, dat Rijssen-Holten een krachtiger onderhandelingspositie heeft dan wanneer zij langs de zijlijn staat en niet bij betrokken wordt.
In de motie van CDA, CU en D66 wordt gesproken over instemming met mogelijk over te hevelen taken. Spreker zegt dat al vaker is benadrukt dat het college geen plannen heeft om taken over te hevelen. De vraag die gesteld moet worden, ook bij het aanvaarden van deze motie, is wat je afspreekt en hoe je daarmee omgaat. Als er bijvoorbeeld een nieuwe taak is voor 1 fte die ondergebracht wordt in het Twentebedrijf, moet je je afvragen of daarvoor een businesscase met alle toeters en bellen gemaakt moet worden. Wat spreker betreft moet dit gezien worden als bedrijfsvoering, waarvoor het college verantwoordelijk is. Gaat het echter om verplaatsing van een afdeling met 35 personen naar het Twentebedrijf, dan zegt het college dat dat in elk geval aan de raad wordt voorgelegd.
De discussie van het laatste halfjaar heeft geleerd dat het college heel precies op de letter is. Het college kan niet blijven functioneren in het Twentebedrijf als kosten die anderen maken, verhaald kunnen worden op Rijssen-Holten. Met die toezegging, die hier een breed gedragen uitgangspunt is, zegt het college geen behoefte te hebben aan een motie om dat te ondersteunen. Meerdere colleges zitten er op deze manier in. Over de manier waarop dat precies verwoord wordt, krijgt de raad een terugkoppeling. 

De heer SCHEPPINK verzoekt om een schorsing van vijftien minuten.

De VOORZITTER schorst de vergadering van 14.55 tot 15.15 uur.

De VOORZITTER heropent de vergadering. 

De heer SCHEPPINK zegt dat de fractie van de SGP de schorsing heeft aangevraagd om de reactie van het college te kunnen beoordelen.

Debatronde

De heer MULLER laat weten dat Gemeentebelang blij is met de toelichting van burgemeester Hofland over de wijze waarop het college denkt over dit onderwerp en vooral met de wijze waarop het college het Twentebedrijf wil aanpakken, zowel in de startfase als bij de tussenevaluaties en daarbij een kritisch standpunt wil innemen. Spreker zegt dat de fractie deze aanpak steunt en de motie daarom intrekt.

De heer KAHRAMAN zegt blij te zijn met de woorden van het college over de duidelijkheid m.b.t. de aansprakelijkheid voor taken waarin Rijssen-Holten niet participeert.
Het CDA stemt in met toetreding onder de voorwaarden, zoals genoemd in de motie. De fractie ziet dit als ondersteuning bij de onderhandelingen. 

De heer SCHEPPINK vindt de gang van zaken niet correct. Het CDA stemt namelijk in met een voorstel en dient een motie in. Spreker vraagt waarom het CDA geen amendement indient. Hij vraagt of het CDA van mening is dat de gemeente Rijssen-Holten pas kan toetreden als er een goede regeling voorligt.

De heer KAHRAMAN zegt dat als de motie van het CDA wordt aangenomen ook wordt ingestemd met beslispunt b, waarin het college toestemming krijgt toe te treden tot de GR. In de motie zijn de voorwaarden voor toetreding weergegeven. 

De heer BERKHOFF sluit zich aan bij de woorden van de heer Kahraman. De ChristenUnie is van mening dat de voorwaarden voor toetreding ingevuld moeten zijn. Hij ziet dit ook als oproep aan het college. Hij onderkent dat een amendement juridisch gezien meer vastheid biedt, maar de fractie gaat ervan uit dat het college de voorwaarden zoals genoemd in de motie uitvoert. De ChristenUnie vertrouwt hierop en zal de motie en het raadvoorstel steunen.

De heer DE KOE onderschrijft de woorden van de heer Kahraman. Als reactie op de eerste termijn van de portefeuillehouder geeft spreker aan dat hij het gevoel heeft dat de gemeente Rijssen-Holten d.m.v. een zogenaamde salamitactiek in een GR wordt gerommeld. Dit wil hij voorkomen. De motie van het CDA zorgt ervoor dat dit niet kan gebeuren. Hij heeft het vertrouwen dat het college doet wat in de motie staat.

De heer KLEIN VELDERMAN steunt de motie. D66 heeft er, gelet op de beraadslagingen, vertrouwen in dat het college de motie op de juiste manier uitvoert.

De heer NOORDAM spreekt zijn waardering uit richting de indieners van de motie, omdat dit getuigt van moed, waarbij ook het vertrouwen richting het college wordt aangegeven. Ook vindt hij dat er een grote verantwoordelijkheid vanuit gaat naar alle inwoners van de gemeente Rijssen-Holten. De raad schuift het immers niet aan de kant, maar wil goed onderzocht hebben wat de consequenties zijn en neemt daarbij verantwoordelijkheid. Spreker schrok van de reactie van het college in de eerste termijn, waarin gesproken werd over het overhevelen van een arbeidsplaats. Spreker wijst daarbij op de hogere kosten die overhevelen met zich meebrengen als er geen sprake is van een goede onderbouwing. Hierover moet goed met elkaar van gedachten worden gewisseld. De VVD steunt de motie van harte.

De heer MEIJERINK refereert aan de woorden van burgemeester Hofland dat hij een mate van vrijheid wil houden om onderhandelingen te kunnen voeren met de collega’s in de Twentse samenwerking. Als alle gemeenten gaan werken zoals gevraagd aan het college, dan komt er van samenwerking niets terecht, aldus spreker. De PvdA heeft vertrouwen in het college, waarbij de burgemeester goed heeft gehoord wat er is gezegd en waarbij hij heeft aangegeven geen behoefte te hebben aan een steuntje in rug middels deze motie. De PvdA steunt de motie niet maar het voorstel van het college wel.

De heer SCHEPPINK reageert op de woorden van de heer Noordam en zegt dat de SGP niet tegen samenwerking is, ondanks dat de fractie tegen dit voorstel stemt. De SGP wil graag voorstemmen als zaken goed onderbouwd zijn, er een goed plan onder ligt en de voorwaarden juridisch helder zijn. Als er nu wordt ingestemd met beslispunt B. dan betekent dat dat toegetreden wordt tot de collegeregeling. Een motie is immers niets ander dan een oproep tot. Als een fractie tegen het voorstel is, dan moet dit geamendeerd worden. Het indienen van een motie op dit punt is niet correct.

De heer NOORDAM interrumpeert en zegt dat voorliggende motie van moed getuigt en zegt er vertrouwen in te hebben dat het college naar de motie zal handelen. Hij vraagt of de SGP hier ook vertrouwen in heeft.

De heer SCHEPPINK zegt dat het niet over vertrouwen gaat. Spreker heeft vertrouwen in het college, maar de raad moet raadsvoorstellen beoordelen op de onderbouwing die erbij zit en moet deze toetsen aan de strategische visie en het beleidsakkoord van de gemeente. Hij verwacht dan ook dat er voorstellen komen die daarmee in lijn zijn. Als er voorstellen voorliggen die ‘rammelen’ dan moeten ze worden aangepast en dan heeft het geen zin met het voorstel in te stemmen en daarvoor of daarna een motie aan te nemen, waardoor het voorstel ontkracht wordt. Hij vindt dat er sprake is van moed wanneer een fractie tegenstemt.

Burgemeester HOFLAND refereert aan de woorden van de heer Noordam over het overhevelen van taken. Hij zegt dat het ook zo kan zijn dat een taak vanuit het Twentebedrijf bij de gemeente Rijssen-Holten wordt georganiseerd. Deze samenwerking vindt niet altijd in Enschede plaats, dat staat ook niet in de stukken. Per business case zal worden bekeken waar dit het efficiëntst kan worden opgepakt. 
Spreker gaat in op een opmerking van de heer De Koe dat hij het gevoel heeft in een GR te worden gerommeld. Deze woorden treffen het college diep.

De heer NOORDAM heeft er moeite mee dat burgemeester Hofland een klein stukje uit het totale betoog voorhoudt. De heer De Koe heeft ervoor en erna immers ook iets gezegd en heeft gesproken over salamitactiek. 

Burgemeester HOFLAND heeft er moeite mee dat gesteld wordt dat het college salamitactiek toepast en de raad ergens wil inrommelen. Het college neemt hier ferm afstand van. Dit is namelijk nooit de inzet geweest. Tijdens de gevoerde discussies zijn de posities van de fracties helder gemarkeerd. Ook is er veel vertrouwen naar het college uitgesproken en is gezegd dat het college de argumenten van de raad goed heeft gehoord. Het college wil niet met de rekening van andere gemeenten worden geconfronteerd.
De motie die voorligt geeft aan dat de gemeente Rijssen-Holten mag toetreden, maar pas wanneer aan een aantal voorwaarden is voldaan. Deze voorwaarden vormen een deel van de onderhande-lingen en moeten worden gezien als een steun in de rug, zo concludeert spreker. Er moet meer duidelijkheid komen over de uittreedvoorwaarden en de gemeente Rijssen-Holten moet gevrijwaard worden van kosten die voortvloeien uit activiteiten die door andere gemeenten zijn ingebracht. Hier wil het college zich graag voor inzetten, aldus spreker.

De heer SCHEPPINK vraagt bij interruptie of burgemeester Hofland zegt dat de gemeente Rijssen-Holten toetreedt en dat daarna wordt geprobeerd de gestelde voorwaarden te regelen.

Burgemeester HOFLAND ontkent dit en zegt dat Rijssen-Holten kan toetreden wanneer de in de motie genoemde voorwaarden zijn geregeld. Met die voorwaarden gaat het college aan de slag. Kortom, vandaag krijgt het college de toestemming om toe te treden, maar het college maakt pas gebruik van die toestemming als voldaan is aan genoemde voorwaarden.

De VOORZITTER zegt dat de orde van de raad voorschrijft dat eerst over een voorstel en daarna over een motie moet worden gestemd. Bij een amendement is dit andersom. Omdat voorliggende motie een grote invloed op het raadsvoorstel heeft, stelt spreker voor eerst over de motie te stemmen.

De heer SCHEPPINK vraagt om een schorsing.

De VOORZITTER schorst de vergadering van 15.35 uur tot 15.40 uur.

De VOORZITTER heropent de vergadering.

De heer SCHEPPINK verzoekt voor de besluitvorming een stemverklaring te mogen afgeven.
Spreker deelt mee dat de SGP liever eerst stemt over het raadsvoorstel en daarna over de motie. Zijn fractie had liever gezien dat er een amendement voorlag, waarmee het raadsbesluit zou worden aangepast. Gelet op de toezeggingen van de burgemeester en de overwegingen die in de motie staan, stemt de SGP voor de motie maar tegen het raadsvoorstel, omdat ze het Twentebedrijf met een GR niet nodig vindt.

De heer MULLER zegt dat Gemeentebelang tegen de motie en voor het raadsvoorstel stemt, gezien de toezeggingen en de informatie door de burgemeester en het volle vertrouwen dat de raad hierin heeft.

De VOORZITTER brengt de motie in stemming. De motie krijgt 20 stemmen voor (SGP, CDA, CU, VVD, LL en D66) en 4 stemmen tegen (GB en PvdA) en wordt aangenomen.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voorstel, besluit B, waarbij de fractie van de SGP wordt geacht tegengestemd te hebben.

De heer G. Kreijkes draagt het voorzitterschap over aan burgemeester Hofland.

11 Raadsvoorstel Sportvisie 2015-2018 (Cornelissen)
De fractie van D66 dient een amendement in. De heer KLEIN VELDERMAN licht het amendement toe. Hij geeft aan dat het slechts om een sportvisie gaat, waar geen rechten aan kunnen worden ontleend. In het verleden is spreker hier tegenaan gelopen en bleek het omgekeerde waar te zijn. Daarom dient hij een amendement in. Spreker heeft op 14 oktober 2014 in Tubantia gelezen dat het buitenbad van De Koerbelt wordt gesloten. Op 2 juni 2015 las hij in Tubantia dat Rijssen in 2023 een nieuw zwembad krijgt. Op 2 oktober 2015 heeft hij gelezen dat de nieuwbouw van het zwembad in Rijssen wordt vervroegd. Spreker merkt op dat hier nog niet over gesproken is. Er is slechts een verslag overhandigd en een rapport besproken, maar zonder besluitvorming. Met dit amendement wil hij de raad in de gelegenheid stellen om over de invulling te debatteren.

Overwegende dat:

  • er onderzoek is gedaan naar de toekomst van de zwembaden in Rijssen-Holten;
  • dit onderzoek nog niet tot besluitvorming heeft geleid in de raad over de gewenste richting m.b.t. de zwembaden in onze gemeente;
  • de sportvisie vooruitloopt op deze besluitvorming door te stellen dat er naar verwachting geen grote veranderingen zullen plaatsvinden aan zwembad Twenhaarsveld en dat plannen voor nieuwbouw van binnenbad de Koerbelt worden uitgewerkt;
  • het wenselijk is om eerst een standpunt in de raad in te nemen over de toekomst van de zwembaden en dit standpunt vervolgens te verwerken in een visie;
  • het dus niet wenselijk is dat de sportvisie al een visie op de zwembaden bevat zonder dat de raad op basis van de onderzoeksuitkomsten hierover een standpunt heeft ingenomen;

Besluit: de vast te stellen sportvisie als volgt te wijzigen:
Op pagina 8 van de sportvisie komt de volgende passage te vervallen:

“Zwembaden
De komende jaren zullen er geen grote veranderingen plaatsvinden aan zwembad Twenhaarsveld. Dit buitenbad voldoet aan de verwachtingen en trekt goede bezoekersaantallen, voornamelijk vanuit de sector recreatie en toerisme. De plannen voor nieuwbouw van het binnenbad De Koerbelt worden de komende jaren verder uitgewerkt. Uit het onderzoek van Synarchis komt naar voren dat het aantal bezoekers in het buitenbad De Koerbelt goed is, maar dat er relatief veel water aanwezig is Vanuit sport- en beweegstimulering is het belangrijk dat kinderen en volwassenen in de zomermaanden de mogelijkheid hebben om in Rijssen te zwemmen.”

Vragenronde

De heer TEN BERGE zegt dat de heer Klein Velderman dit amendement indient op basis van zijn persoonlijke ervaringen en berichtgeving in de pers. Volgens spreker is er sprake van samenwerking, waarbij wethouder Cornelissen twee keer heeft aangegeven dat hij over de invulling wil debatteren. Hij vraagt waarom de heer Klein Velderman dit amendement ondanks deze toezeggingen indient.

De heer SCHEPPINK refereert aan het besluit dat genomen wordt en citeert: “De komende jaren zullen er geen grote veranderingen plaatsvinden aan zwembad Twenhaarsveld”. Hij vraagt of D66 hier een discussie over wil en waarom dit besluit moet worden verwijderd.

De heer DE KOE geeft aan dat in een visie soms zaken zijn vermeld die niet direct actueel, maar in elk geval toekomstgericht zijn. Er staat een aantal uitgangspunten vermeld en spreker vindt het prima dat deze met elkaar worden vastgesteld. Hij is van mening dat als D66 het niet eens is met (een van) de uitgangspunten, zij iets moet zeggen over de inhoud van de visie,  maar dat niet de hele passage verwijderd moet worden.

De heer KLEIN VELDERMAN bevestigt dat de wethouder een toezegging heeft gedaan, maar spreker is van mening dat de visie hierop aangepast moet worden. Hij wijst op de woorden van de heer Scheppink en vindt dat er hierover in de raad gediscussieerd moet worden, waarna er een gemeenschappelijk raadsbesluit kan worden genomen. Wat de opmerkingen van de heer De Koe betreft zegt spreker dat het moeilijk is een langetermijnvisie op te stellen.
Hij roept de fracties op de discussie in de raad te voeren en daarbij over de verdere invulling te praten, om te voorkomen dat er mogelijkheden blijven liggen en er later op de uitgangspunten moet worden teruggekomen.

Debatronde

De heer BEUNK zegt dat Gemeentebelang de voorliggende visie onderschrijft, waarbij er duidelijk gekozen wordt voor twee zwemgelegenheden: één in de kern Holten en één in de kern Rijssen.

De heer NOORDAM vindt dat de heer Klein Velderman een punt maakt, dat ook door de heer Ten Berge wordt bevestigd. Er is volgens spreker niets op tegen om de toezegging door de wethouder op te nemen in de visie.

De heer TEN BERGE zegt dat het CDA helder heeft dat er een nieuw zwembad komt, waarvoor nog geld wordt gereserveerd.

De heer KLEIN VELDERMAN interrumpeert en zegt dat hij wil voorkomen dat nu al gesteld wordt dat er een nieuw zwembad komt, terwijl er nog niet met elkaar over de overwegingen is gesproken.

De heer TEN BERGE zegt dat het de bedoeling is dat er wordt gespaard voor een investering in het zwembad. Het CDA hecht aan de toezeggingen door de portefeuillehouder in de commissie, bij de behandeling van de kadernota en van de sportvisie. In de toekomst wordt nog over de definitieve invulling met elkaar gesproken. Daarom vindt hij het voorliggende amendement overbodig.

De heer SCHEPPINK is het eens met de reservering en het feit dat daarna over de invulling ervan wordt gesproken. De toezegging door de portefeuillehouder vindt hij daarbij voldoende. De SGP is blij met de sportvisie en het feit dat de hoofdstukken op volgorde van belangrijkheid zijn opgenomen.

De heer VAN VELDHUIZEN zegt dat de ChristenUnie kan instemmen met het raadsvoorstel c.q. de sportvisie. Hij onderkent dat de sportvisie nog niet concreet genoeg is, waarbij er nog verder concreet beleid op moet worden uitgewerkt. 

Wethouder CORNELISSEN vindt de tekst in de sportvisie niet in strijd met de toezegging door het college. Hij concludeert dat de heer Klein Velderman de krant uitgebreid leest en hoopt dat hij ook de notulen van de kaderstellende vergadering, de vergadering waarin de concept sportvisie is behandeld, en van de afgelopen commissievergadering uitvoerig heeft gelezen. Spreker heeft daarin namelijk herhaaldelijk toegezegd dat het college bij de raad terugkomt als het gaat over de invulling. Vandaar dat hij voorliggend amendement als overbodig beschouwt.

De heer NOORDAM vraagt of D66 vertrouwen heeft in de toezegging door het college en van mening is dat dit voldoende is verankerd.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat hij zijn punt wel gemaakt heeft nu dit zo uitgebreid is besproken. Hij trekt het amendement in, omdat hij voldoende toezeggingen heeft en de heer Ten Berge zover heeft gekregen dat hij het niet over het nieuwe zwembad heeft maar over mogelijke investeringen in zwembaden.

De heer MEIJERINK steunt het voorstel met inachtneming van de toezeggingen door de wethouder.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad hierna overeenkomstig het voorstel.

12 Raadsvoorstel vaststellen najaarsnota 2015 (Beens)
De heer MULLER zegt dat Gemeentebelang de najaarsnota als bespreekpunt heeft laten agenderen omdat er nog geen volledig zicht was op de begroting 2016. Het zou namelijk een effect kunnen hebben op de toevoegingen van niet-bestede middelen. Dat blijkt nu niet aan de orde en daarom stemt de fractie in.
Spreker gaat in op het voordeel op huishoudelijke hulp. Hij ging ervan uit dat dit gerelateerd was aan de € 5-regeling. Die regeling maakt het namelijk mogelijk om voor slechts € 5 per uur extra hulp in te huren. Navraag in de ambtelijke organisatie maakte echter duidelijk dat die relatie er niet is, maar ook dat het beschikbare budget van € 385.000 voor die regeling, die eindigt op 31 december 2015, nauwelijks wordt gebruikt. Spreker stelt de volgende vragen:

  • Waarom is het grote overschot van meer dan € 350.000 geen onderdeel van de najaars-rapportage?
  • Wat gaat er met dat geld gebeuren?

De heer BEENS bevestigt dat er op dit onderdeel sprake is van een behoorlijk overschot. Hier is een aantal redenen voor:
De indicaties hebben in het eerste halfjaar plaatsgevonden en de regeling is in augustus/ september pas ingegaan.
De PGB-houders zijn zeer terughoudend, omdat er daarmee sprake is van een tweede persoon in huis. Gekeken wordt nu of dit kan worden gewijzigd. Als dat zo is dan is de verwachting dat veel meer mensen gebruikmaken van de regeling.
In 2015 heeft de gemeente geld overgehouden en voor 2016 krijgt ze hetzelfde budget. In december doet het college een voorstel over hoe hiermee kan worden omgegaan. Het college denkt erover dit geld in te zetten en te proberen dit in 2017 nogmaals te doen, zodat de regeling langer in stand kan worden gehouden, ook omdat de gemeente er later mee is begonnen.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voorstel.

13 Vaststellen programmabegroting 2016 (Beens)

De heer SCHEPPINK van de fractie van de SGP krijgt het woord.
“Voorzitter dank u wel. Oorlog, vrede, verdriet, vreugde, haat, liefde, dreiging: thema’s die we niet begroten. Maar worden we er niet elke dag mee geconfronteerd? Wie had gedacht dat we met de gevolgen van oorlog direct in onze gemeente te maken zouden krijgen en dat als gevolg van een raadsbesluit onze burgemeester bedreigd werd en beveiligd moest worden? Wij bidden en leven met u en uw gezin mee. De Bijbel roept ons op dat we onze naaste lief moeten hebben als onszelf. Als we dan kijken naar de toestand in de wereld dan maken we ons zorgen. Troost kunnen we vinden bij de God die alles bestuurt. Wat de toekomst ons ook brengt ons geleidt des Heeren hand. Als we dat mogen geloven dan geeft dat rust en troost. Ondanks de zorgen geeft het ons moed en dankbaarheid dat er zoveel vrijwilligers in onze gemeente klaar stonden om vluchtelingen met warmte te ontvangen. Hartverwarmend. Dan geeft het vertrouwen als we meer verantwoordelijkheid moeten vragen van en een groter beroep moeten doen op onze inwoners als de bezuinigingen van de Rijksoverheid op het gebied van bijvoorbeeld de zorg volgend jaar nog meer voelbaar zullen zijn. Noaberschap is springlevend in Rijssen-Holten.
Voorzitter, over de begroting die we vandaag bespreken kunnen we kort zijn. Een compliment voor u als college en het ambtelijk apparaat, want de voorliggende begroting is volgens de SGP-fractie een goede uitwerking van de vastgestelde kadernota.
Financieel staan we er uitstekend voor. Beter nog dan we vaststelden tijdens de kadernota dit voorjaar. Voor de SGP-fractie reden om het amendement mede te ondertekenen om de voorgenomen OZB-verhoging te verlagen. De lasten worden daarmee voor de burger nog lager. We blijven ook komend jaar investeren in economie en werkgelegenheid. De werkloosheid daalt maar er staan nog teveel mensen aan de kant. Slimme plannen en slimme investeringen willen we graag ondersteunen. Samenwerken moet vooral kosten besparen. Nu een aantal taken niet meer in de Regio Twente zijn ondergebracht is het zaak dat het college de focus wat meer richt op de provincie. Daar valt volgens ons nog winst te behalen.
Tot slot gaat onze dank uit naar degenen die betrokken zijn geweest bij het opstellen van deze begroting. Wij wensen vanaf deze plaats het college van B&W, de gemeenteraad, het ambtelijk apparaat, de griffie, alsook de politie en onze vrijwillige brandweer, Gods zegen toe”

De heer KAHRAMAN van de fractie van het CDA krijgt het woord.
“We leven allemaal onder dezelfde hemel, maar we hebben niet allemaal dezelfde horizon.” Dit is een uitspraak van Konrad Adenauer, Eerste Bondskanselier van de Bondsrepubliek Duitsland. Deze quote is ook van toepassing op de politiek. We hebben allemaal dezelfde programmabegroting ontvangen, maar lezen hem allemaal anders. De CDA-fractie is trots dat zij medevormgever is van deze begroting. Een begroting waarin we investeren in onze gemeente. Wij sparen voor een nieuw zwembad in Rijssen, voetbalvereniging Blauw-Wit krijgt een kunstgrasveld. We investeren in onderwijs met de uitbreiding van Reggesteyn en de nieuwbouw van de Haarschool in Holten. Onze gemeente blijft ook investeren in mensen die geen baan hebben, maar wel graag aan de slag willen. Ondanks dat het aantal werkloosheidsuitkeringen in onze gemeente het sterkst is gedaald in de provincie Overijssel, blijven er nog steeds 756 personen zonder een baan zitten. Natuurlijk is deze daling ook het gevolg van de economische ontwikkelingen, maar onze fractie is van mening dat een gemeente wel kan faciliteren in het verbeteren van het ondernemingsklimaat in onze gemeente waardoor deze kan groeien en banen creëren. Onderwijs is cruciaal voor de kansen op de arbeidsmarkt, daarom moedigen we het college ook aan om mogelijkheden te bekijken voor het uitbreiden van het aanbod beroepsopleidingen in de gemeente, bijvoorbeeld op het gebied van ICT, zorg of beveiliging. Nu investeren in onderwijs, betekent een investering in de toekomstige arbeidsmarkt.  
Het CDA is ook zeer te spreken over deze begroting omdat de investeringen ook nog gepaard gaan met daling van de gemeentelijke heffingen. De gemiddelde inwoner (deze bestaat eigenlijk niet besef ik mij ook) in onze gemeente is in 2016 €19 minder kwijt aan gemeentelijke heffingen. Een daling van 3% ten opzichte van 2015. Welke gemeente kan in deze tijden blijven investeren in haar voorzieningen en ook nog de lasten voor haar burgers verlagen? Ten opzichte van de Kadernota is het financieel perspectief nog verder verbeterd. Hierdoor is er ruimte ontstaan om de OZB minder te verhogen dan aanvankelijk was voorzien en onze inwoners mee te laten profiteren van de financieel gunstigere situatie van onze gemeente . Wij ondersteunen het voorstel om de OZB verhoging te beperken tot 3,5%, hierdoor dalen de gemeentelijke lasten voor onze burgers en bedrijven nog meer.
Voorzitter, ik heb al aangegeven dat ik trots ben op de begroting, maar het meest trots ben ik op de inwoners van onze gemeente Rijssen-Holten. Rijssen-Holten heeft op een respectvolle manier de discussie gevoerd over de noodopvang van vluchtelingen. Zoals velen van u weten ben ik 33 jaar geleden ook als vluchteling naar Rijssen gekomen. Ik kan me goed herinneren de warmte waarmee wij werden ontvangen hier in Rijssen-Holten. Afgelopen dagen zag ik die warmte weer terug bij de inwoners van Rijssen. Natuurlijk zijn er nog veel vragen en angsten, maar ik kan u vertellen dat ik die ook heb. Maar wat overheerst is ons moreel besef dat wij klaar moeten staan als er beroep op ons wordt gedaan door ontheemden die veiligheid zoeken. Deze mensen slapen hier in Nederland nu nog steeds onder dezelfde hemel als in Syrië, maar hebben nu wel een horizon van vrede en rust.
Voorzitter, Ik wil afsluiten met het college en ons ambtelijk apparaat te bedanken voor hun inzet en wens u veel succes en wijsheid toe.”

De heer BERKHOFF van de fractie van de ChristenUnie krijgt het woord.
“Voorzitter dank u wel. Vandaag bespreken wij de programmabegroting 2016. Deze begroting is een uitwerking van de kaderstelling van dit voorjaar. Een begroting die een heel goed financieel perspectief laat zien. Daar mogen we trots op zijn. De bezuinigingsrondes die we jaren geleden raadsbreed gesteund hebben, hebben duidelijk hun vruchten afgeworpen. Onze gemeente heeft nu een gezond meerjarenperspectief. Er is weer ruimte voor nieuw beleid. Er kan weer geïnvesteerd worden in onze gemeente. Er is geld voor nieuwbouw van een aantal scholen en voor de versterking van de centrumfunctie van Rijssen. Daarnaast wordt getracht de economie verder te stimuleren door het programma Rijssen-Holten Werkt. Allemaal zaken die uiteindelijk onze burgers en bedrijven ten goede komen.
Ondanks al deze investeringen resteert er toch nog een heel ruim structureel financieel perspectief. Deze ruimte is deels ontstaan door de in de kaderstellende vergadering van dit voorjaar voorgestelde verhoging van de Onroerende Zaak Belasting met 7%. Deze verhoging is in onze ogen, gezien het goede perspectief, te veel van het goede. Ook onze burgers en bedrijven mogen meeprofiteren van de goede financiële ontwikkeling van onze gemeente.
De ChristenUnie komt dan ook met een amendement om de stijging van de OZB te beperken tot 3.5%. Dan nog resteert er meer dan voldoende ruimte om eventuele tegenvallers op te vangen.
Ook de verkeersveiligheid op sommige wegen blijft een punt van zorg. Er komt dan ook een amendement, samen met de VVD, waarin wij aandacht vragen voor een aantal gevaarlijke situaties in het buitengebied van Holten en op De Stroekeld.
De invoering van de decentralisaties in onze gemeente is tot nu toe vrij goed verlopen. De zachte landing van de transformatie lijkt tot nu toe geslaagd. Toch hebben de ontwikkelingen veel impact op de betrokkenen en ook van onze ambtenaren wordt veel inzet verwacht. Goede communicatie met onze inwoners is hierbij van groot belang.  
In de beperkte tijd die mij gegund is, is er geen ruimte om op veel andere zaken in te gaan. Een ding wil ik nog wel kwijt. Ik wil het college, de ambtenaren en onze bevolking danken voor de inspanningen die zijn geleverd hebben om de noodopvang van vluchtelingen in sporthal De Stroekeld op zo`n goede manier te regelen. Dit laat zien dat wij meer zijn dan alleen een gemeente met oog voor materiële zaken, maar ook oog hebben voor de wereld om ons heen en daar ook onze rol in willen spelen.
Tot slot dank ik het college en de ambtenaren voor het vele werk dat verzet is de afgelopen periode. Maar bovenal komt de dank toe aan onze God enVader die ons iedere dag weer de kracht geeft om ons werk te doen en wij onder Zijn Zegen dit mooie werk mogen doen. Dank u wel.”

De heer MULLER van de fractie van Gemeentebelang krijgt het woord.
“Dank u voorzitter. De kadernota van juni heeft een stevige basis gelegd onder dit begrotingsvoorstel. Een degelijk stuk, waarvoor dank aan en waardering voor het college en de organisatie. De effecten van de septembercirculaire zijn u bekend. Goede vooruitzichten, maar ook blijvende risico's door Haagse mistflarden.
Indrukwekkend is de lijst met prioriteiten 2016, vermeld op pagina 10 t/m 13, waarvoor extra middelen beschikbaar worden gesteld. Indrukwekkend voor een gemeente van onze omvang en teveel om allemaal te benoemen. Drie toppers wil ik melden. Voor de Decentralisaties is er een degelijk reservefonds (dat geeft vertrouwen), er komt veel aandacht voor werk, werk en werk en de nieuwbouw van de Haarschool. Misschien kan de wethouder al iets zeggen over de voorbereidingen? Of wordt er gewacht op het officiële besluit dat vanmiddag wordt genomen?
In juni leek het dat de vele ambities alleen gerealiseerd konden worden door een OZB-verhoging. Een verhoging die werd geneutraliseerd door andere lastenverlichtingen. Door de nu beschikbare ruimte kan die lastige keuze aangepast worden en kunnen de gemiddelde woonlasten opnieuw dalen.
Rijssen-Holten blijft niet alleen de goedkoopste in Twente en omstreken, maar daalt verder vanaf de huidige plek 87 op de landelijke lijst van 393 gemeenten.
Natuurlijk, er zijn nog veel en kostbare ambities. Daarvoor richten wij onze hoop en focus op de kaderbegroting 2017.
De asielzoekersproblematiek heeft ook onze gemeente fysiek geschampt, maar vooral emotioneel diep geraakt. Er zijn geen extra middelen opgenomen voor noodopvang, tijdelijke opvang en statushouders. Verwacht het college dat geen bijzondere inspanningen nodig zijn zoals meer sociale woningbouw, of zijn de onzekerheden gewoon te groot?
Misschien een beetje saai allemaal dat het goed gaat, maar we zitten hier niet voor de krantenkoppen. Wij wensen het college heel erg veel succes.”

De heer MEIJERINK van de fractie van de PvdA krijgt het woord.
“Voorzitter dank u wel. Voorzitter, “t Kan verkeren” zoals de beroemde 17e eeuwse dichter Gerbrand Adriaanszoon Bredero destijds al zei. Zo ben je nog een gewoon schaduwfractie/commissielid en zo wordt jouw fractievoorzitter de nieuwe wethouder van Ommen en ben jij opeens het nieuwe raadslid, en als klap op de vuurpijl ook nog eens de nieuwe fractievoorzitter.
“t Kan verkeren”. Zo denk je als samenleving langzamerhand uit de grootste economische crisis sinds de jaren dertig te rollen en zo sta je ineens middenin een vluchtelingencrisis die niet alleen Nederland, maar ook de rest van Europa tot op het bot splijt. En dan is het heel spijtig te moeten constateren dat er mensen zijn, denk aan de dreigbrief die bij RTV Oost is bezorgd en ook een belangrijke politieke partij, die met hun houding en gedrag meer bijdragen aan het probleem dan dat ze bijdragen aan de oplossing en daarmee een onderdeel van het probleem zijn geworden, in plaats van onderdeel van de oplossing.
Gelukkig hebben we in onze gemeente, met unanieme steun van deze gemeenteraad en met dank aan heel veel vrijwilligers, kunnen zien hoe je er ook mee kunt omgaan. Wij, de PvdA fractie, en ook de collega fracties zijn daar enorm trots op. Kijk meneer Wilders, zo kan het ook!!
Dan nu, voorzitter, over de begroting voor 2016, de reden waarom we hier bij elkaar zijn gekomen. De vraag die we moeten beantwoorden is of de besluiten die genomen zijn in de kaderstellende vergadering van juni jl. goed zijn vertaald in deze begroting. Ons antwoord daarop is kort en bondig “ja, dat is zo”. Er staan een aantal zaken in de begroting die ons kunnen bekoren: nieuwbouw van de Haarschool in Holten, versterking van de centrumfunctie in Rijssen, kunstgras voor Blauw Wit, de uitbreiding Reggesteyn en de Brekeldschool en het servicepunt vrijwilligers, om er een aantal te noemen. Betekent dit dat we dus helemaal “happy” zijn? Het antwoord daarop moet “nee” luiden. De verhoging van de OZB met maar liefst 7% blijft ons toch als een graat in de keel steken. Nou zouden we hier normaal gesproken niet meer op teruggekomen zijn, behalve waarschijnlijk via een stem-verklaring bij de stemming over de gehele begroting, maar sinds juni is er toch weer wat veranderd: nl. het bekend worden van de effecten van de septembercirculaire, die het structureel perspectief nog rooskleuriger maakt dan het in juni al was. Daarom dienen we opnieuw een amendement in om de verhoging van het OZB-tarief te beperken tot de inflatiecorrectie en dit te dekken vanuit het structureel perspectief.
Tot slot, voorzitter: in het voorjaar zijn we begonnen met een proces dat in juni uitmondde in de kadernota en dat nu gaat resulteren in de begroting voor 2016. De PvdA wil iedereen danken die hier zijn of haar steentje aan heeft bijgedragen, de heren uit het college en uiteraard ook de dames en heren ambtenaren. Voorzitter, dank u wel.”

De heer NOORDAM van de fractie van de VVD krijgt het woord.
“Dank u wel voorzitter. Voorzitter, ik stond hier in het voorjaar en toen heb ik voorgehouden “buiten schijnt de zon en binnen niet”. Binnen werden we geconfronteerd met een OZB-verhoging die voor ons als VVD er een was om te huilen. Toen heb ik het college een zakdoek overhandigd, want die kwam met die plannen die wij niet bedacht hadden en waarmee wij het ook niet eens waren. Het was om te huilen, geen consistent beleid en Hans ter Keurst, voormalig raadslid, bracht dit op een buitengewoon treffende wijze. Het consistente beleid werd teniet gedaan. Daarom past het mij op dit moment om die zakdoek terug te vragen, het liefst wel gewassen, want anders wordt het een rotzooitje in huize Noordam, maar gekscherend, ik spreek ook mijn waardering wel uit aan de coalitie gesteund door Lokaal Liberaal, omdat de coalitie vandaag ook het besluit heeft genomen om de meevallers direct op het pijnpunt terug te leggen en die OZB-verhoging voor een enorm groot stuk terug te draaien. Daar spreken we als oppositie onze waardering voor uit, al blijft het natuurlijk toch wel wrang dat u in het voorjaar heel erg afweek van het consistent beleid.
Voorzitter, dan gaan we straks de begroting met elkaar vaststellen. In het voorjaar hebben wij het werk gedaan met elkaar. Er is even geknokt over een aantal punten, maar dat is zinvol geweest en vandaag ligt daaronder de begroting die dat dekkend maakt. Daar zijn we blij mee en spreken we ook onze waardering voor uit aan het college en de ambtelijke organisatie, die daar al het werk in heeft gestoken en die vanmiddag ervaart dat het misschien vrij snel gaat. We zijn best dankbaar voor het feit dat het werk erin gestoken is. Voorzitter, de VVD komt dan nog wel met een motie over de veiligheid in onze gemeente.
Natuurlijk is het woord vluchteling hier veel gevallen, daar hebben we als gemeente ook laten zien waar we voor staan, maar de veiligheid van onze inwoners blijft ook van groot belang en we hebben toch een aantal punten in deze gemeente waar de inwoners risico’s lopen en daar willen we straks even met u bij stilstaan. Dank u wel.”

De heer DE KOE van de fractie van Lokaal Liberaal krijgt het woord.
“Voorzitter, voor ons ligt een heel degelijke begroting. Het is een uitstekende uitwerking van de kadernota zoals wij die hebben besproken dit voorjaar. Om met het allerbelangrijkste te beginnen wil ik mijn dank uitspreken en ik ben trots op degenen die deze begroting mogelijk hebben gemaakt. Daar zijn wij een onderdeel van, ook het college, ook de vrijwilligers, de ambtenaren, iedereen die erbij betrokken is geweest om dit mogelijk te maken.
Bij de kaderstelling hebben we nog wel een offer gevraagd van onze inwoners en dat was een verhoging van de OZB. Wel met dien verstande dat de gehele gemeentelijke lasten niet omhoog zouden gaan voor de gemiddelde Rijssenaar en Holtenaar. Dit offer kunnen wij alleen niet meer gestalte doen komen gezien de begroting die nu voor ons ligt. Er is zoveel ruimte dat wij vinden dat wij ook wat terug kunnen doen. Het is namelijk altijd nog mogelijk om op een later tijdstip, als het echt niet anders kan, de OZB te verhogen.
We moeten wel voorzichtig blijven, er zitten veel risico’s in de begroting, vele zijn er ingecalculeerd, maar er kunnen nog onverwachte tegenslagen volgen.
Regeren is wel vooruit zien, een visie hebben. Het is een verstandige beslissing om grote projecten, in welke vorm dan ook, die vroeg of laat op ons afkomen te verwerken in de begroting. Dit voorkomt verrassingen en een plotselinge verslechtering van het structureel perspectief. Daarnaast is reserveren ook een veilige manier om te investeren in de toekomst.
Voorzitter, volgens Lokaal Liberaal ligt er een degelijke begroting en is het de juiste manier om naar de toekomst te treden.”

De heer KLEIN VELDERMAN van de fractie van D66 krijgt het woord.
“Dank u wel voorzitter. D66 dankt alle medewerkers van de gemeente die hebben meegewerkt aan het opstellen van de begroting.
Uit de septembercirculaire blijkt dat we structureel meer geld overhouden dan we dachten tijdens de behandeling van de kadernota. Tijdens die behandeling was D66 geen voorstander van de verhoging van de OZB. Het is wel typisch dat nu coalitiepartijen praten over het brengen van offers, terwijl er toen alleen maar juichend over het in stand houden van het inflatietarief werd gesproken, maar dat even terzijde. Wij zijn geen voorstander, omdat in de OZB al een mate van inflatiecorrectie zit. Dit zit namelijk op de zaak waarover je belasting heft. We steunen dus de motie die de OZB ongewijzigd laat.
D66 heeft van het college de toezegging gekregen dat er over de invulling eerst met de raad overleg wordt gepleegd. Daar ben ik blij mee, want er zijn naast financiële consequenties, ook andere aspecten die onze aandacht verdienen. Pas als er door de raad keuzes zijn gemaakt, kunnen plannen worden ontwikkeld. En pas als die plannen bekend zijn, weten we wat dat gaat kosten en hoeveel geld we moeten reserveren. D66 steunt het sparen voor eventuele zwembadaanpassingen, maar we steunen niet de motie waarin nog meer geld, het voordeel dat we nu structureel hebben, voor het zwembad wordt gereserveerd. Wij vinden een gelijkblijvend OZB-tarief van groter belang dan het zwemmen in geld.
D66 blijft letten op de sociaal-liberale aspecten van maatregelen die de gemeente instelt. Met aandacht voor de eigen kracht van mensen en organisaties. Burgerparticipatie staat voor ons hoog in het vaandel. Ook een ruimere blik om ons heen, werk samen met gemeenten ook buiten Twente, want daar liggen kansen.
D66 is trots op onze mooie gemeente en blijft aandacht vragen voor de inrichting van de openbare ruimte. En dan nog tot slot: de heer Noordam heeft altijd het gebruik om iets weg te geven, dat stokje neem ik nu van hem over, misschien dat dit voor de volgende keer een andere partij kan doen. Laatst sprak ik met een wethouder over de burgemeester. Hij gaf aan dat de burgemeester in het college vaak een heel ander gezichtspunt laat zien, de burgemeester past omdenken toe. Met omdenken maak je van een probleem een mogelijkheid. Daar valt in onze gemeente nog veel mee te winnen. Ik ben ervan overtuigd dat als er in de gemeente meer wordt omgedacht er plannen van zo’n € 630.000 nooit waren voorgesteld, waardevolle en monumentale bomen in deze gemeente niet rücksichtslos worden gekapt en er veel minder juridische procedures met bedrijven en particulieren worden gevoerd. Een cursus omdenken voor alle ambtenaren en het college zou een eerste goede stap zijn. Ik bied u het boekje Omdenken aan.”

De VOORZITTER schorst de vergadering van 16.25 uur tot 16.40 uur.

Reactie college op de algemene beschouwingen

De VOORZITTER heropent de vergadering en bedankt de raadsleden voor de gesproken woorden over de manier waarop de begroting tot stand is gekomen. Het trof het college dat stilgestaan werd bij de goede manier waarop de gemeenschap is omgegaan met de opvang van vluchtelingen in de crisisnoodopvang. Hij was daarbij het meest getroffen door de woorden van de heer Kahraman die inging op de warmte die hij ontving toen hij 30 jaar geleden als vluchteling binnenkwam. Na de bedreiging heeft spreker dezelfde warmte vanuit de gemeenschap mogen ervaren.
Hij refereert aan de zakdoek van de heer Noordam en ziet uit naar zijn volgende bijdrage. Het boekje Omdenken zal spreker laten circuleren onder de collegeleden en het is aan de raad om te beoordelen hoe het college hiermee omgaat.

Wethouder TIJHOF refereert aan de vraag van Gemeentebelang over de voorbereidingen voor de Haarschool. Het is een heldere gedragslijn dat er eerst middelen beschikbaar moeten zijn voordat er voorbereidingen kunnen worden getroffen. Bij de kadernota is het vooruitzicht voor De Haarschool al geschetst. De school is hiervan op de hoogte en spreker verwacht dat men  volop bezig is met de interne voorbereidingen. Wel is meegegeven dat er formeel pas gestart kan worden met de voorbereidingen wanneer er tijdens de begrotingsbehandeling financiële middelen beschikbaar worden gesteld.

Wethouder CORNELISSEN gaat in op de vraag van Gemeentebelang of er al zicht is op de extra taken. Spreker meldt dat voor de tweede helft van dit jaar de taakstelling ook is gehaald. Naar de toekomst toe zal de gemeente samen met de corporaties optreden, waarbij er bij de raad op teruggekomen wordt als er extra zaken nodig zijn. Voor de tijdelijke opvang zal het college ook bij de raad terugkomen.
Het college is in overleg met de Veiligheidsregio als het gaat om crisisnoodopvang. Het college heeft de voorkeur uitgesproken dat er zo min mogelijk met vluchtelingen wordt gesleept. Maar zolang er geen andere oplossing is, zal de gemeente Rijssen-Holten vluchtelingen blijven opvangen. Wat de crisisnoodopvang betreft is spreker ervan overtuigd dat Rijssen-Holten is voorbereid, ook gelet op de bereidheid van vrijwilligers.

Reactie raadsleden op beschouwingen

De heer NOORDAM wijst erop dat de zakdoek kan worden gebruikt bij verdriet, maar ook voor tranen van vreugde en stelt voor dat het college de zakdoek daarvoor vandaag gebruikt.
Spreker geeft aan in de voorbesprekingen te hebben aangegeven dat hij zich zorgen maakt over de woningbouw voor eigen behoefte en dat dat ook een punt van aandacht is. Gemeentebelang legt daar nu ook de vinger bij en spreker vraagt zich af waarom daarmee gewacht is tot dit moment of dat zij wellicht met een motie komt om daar meer de vinger bij te leggen.

De heer SCHEPPINK refereert aan de inspreker van het Parkgebouw. Het trof spreker te vernemen dat de inspraak eigenlijk bij de kadernotabespreking moest gebeuren. Hij heeft begrepen dat 75% van alle subsidies binnen zijn en dat er dan toch voor het einde van het jaar een beslissing moet worden genomen, omdat anders een bepaald deel ter discussie komt te staan. Hij vraagt het college hierop te reageren en te bekijken of dit punt kan worden behandeld tijdens de commissie MDV. Spreker refereert aan de woorden van de heer Noordam en is blij met de woorden over vreugde. Hij spreekt de wens uit dat dit zo blijft.

De heer MULLER gaat in op de behoefte aan sociale woningbouw. Dit was aan de orde bij het beleid aangaande vluchtelingen. Er zijn echter geen middelen opgenomen in de begroting voor de problematiek rondom asielzoekers, terwijl er wel sprake is van noodopvang, tijdelijke opvang en statushouders . Dit heeft dus een effect op de woningvoorraad in de gemeente. Spreker vraagt wat dit voor 2016 betekent voor de voorraad sociale woningbouw. De sociale woningbouw in zijn totaliteit krijgt continu aandacht, maar is nu geen onderdeel van het begrotingsoverleg, aldus spreker.

Wethouder BEENS refereert aan de inspraakreactie over het Parkgebouw en concludeert dat er geen motie voorligt. Hij heeft begrepen dat de heer Wolterink met de fracties heeft gesproken. Ook hij zelf heeft met de heer Wolterink gesproken en daarbij is gezegd dat de begroting al voorligt en dat er dan snel actie moet worden ondernomen. Als de raad toch dit jaar in actie wil komen dan moet hierover de intentie worden uitgesproken en zal spreker dit onderwerp in het college aan de orde stellen. Daarna kan het in de commissie en de raad van december worden behandeld. Er is haast bij om de toegezegde korting veilig te stellen. Het feit dat het Parkgebouw 75% van het bedrag zelf bij elkaar heeft gekregen vindt spreker bewonderenswaardig. Hier kan menig organisatie een voorbeeld aan nemen. Ook is het idee om Het Parkgebouw breder in de samenleving neer te zetten. Dit vindt het college een goede zaak.

De VOORZITTER vraagt of de raad kan instemmen met de woorden van wethouder Beens, dat er 17 november door het college naar het voorstel wordt gekeken en als het nodig is dat het dan behandeld wordt in de commissie MDV en de raad van 17 december.

De heer MEIJERINK zegt dat een wethouder mag inbrengen in het college wat hij wil. Daar gaat de raad niet over. Een college mag ook te allen tijde een voorstel in de raad inbrengen.

De VOORZITTER concludeert dat de raad kan instemmen met de voorgestelde procedure.

Behandeling amendementen met betrekking tot de OZB-inkomsten

De VOORZITTER stelt voor de twee amendementen die zijn voorbereid over de OZB in één discussieronde te behandelen, tenzij de raad van mening is dat het overzichtelijker is dit per afzonderlijk amendement te doen. Er zal daarbij eerst gestemd worden over het meest vergaande voorstel, het amendement van de PvdA.

De fractie van de PvdA dient een amendement in: OZB-tarief. De heer MEIJERINK licht het amendement toe. In juni 2015 heeft de fractie al een voorstel ingediend om de OZB-verhoging te beperken tot de inflatiecorrectie. Na de septembercirculaire is de fractie hierin alleen maar verder gesterkt. Vandaar dat dit amendement opnieuw wordt ingediend, medeondertekend door D66.

Overwegende dat:

  • het structurele overschot op de meerjarenbegroting sinds de kadernota is gegroeid van
    € 686.000,- naar € 952.000,-;
  • er daarom (nog meer dan in juni jl.) geen reden is om de OZB te verhogen met meer dan de inflatiecorrectie;
  • het structurele overschot na zo’n inflatiecorrectie altijd nog € 582.000,- bedraagt;

Besluit:

  • de OZB inkomsten in 2016 uitsluitend met de inflatiecorrectie te verhogen;
  • het financiële effect (€ 370.000,-) te dekken uit het structureel perspectief.


De heer BERKHOFF dient een amendement in dat is ondertekent door de fracties van CU, CDA, GB en Lokaal Liberaal: verlaging heffing OZB. Spreker licht het amendement toe en zegt dat de ChristenUnie bij de kadernota heeft ingestemd met een verhoging van de OZB van 7%, hoewel er toen al wel twijfels waren, omdat de fractie er voorstander van is de verhoging zo gering mogelijk te houden. Deze twijfels zijn bevestigd na de septembercirculaire, waaruit blijkt dat de financiële buffers verder zijn toegenomen en beter zijn dan verwacht. Vandaar voorliggend amendement om de OZB-verhoging te verlagen naar 3,5%.

Overwegende dat:

  • de Onroerende Zaak Belastingen een belangrijk onderdeel zijn van de inkomsten van de gemeente;
  • deze belasting een integraal onderdeel is van het gemeentelijk beleid;
  • deze belasting de burger direct in de portemonnee raakt;
  • deze belasting bijdraagt aan de totale lokale belastingdruk;
  • de raad in staat gesteld wordt te sturen op hoofdlijnen van het beleid en een afweging kan maken tussen de belastingdruk en het voorzieningenniveau;

Is van mening dat:

  • de financiële crisis, waarvoor ook een beroep werd gedaan op de portemonnee van de burger, grotendeels voorbij is;
  • de nieuwe financiële meevallers, o.a. uit de septembercirculaire en de goede financiële positie van onze gemeente, nu ook voor de burger merkbaar mogen zijn;

Besluit:

  • het tarief van de Onroerend Zaak Belasting niet te verhogen met 7% maar 3,5%;
  • de vermindering van inkomsten, dat is € 205.000,-, te dekken uit het structureel perspectief.

Vragenronde

De heer MEIJERINK vraagt de heer Berkhoff waar het percentage van 3,5 op is gebaseerd.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt waarom er toch 3,5% verhoging wordt voorgesteld, terwijl er veel geld over is.

De heer SCHEPPINK zegt dat de SGP de ambitie heeft dat de gemeente Rijssen-Holten de goedkoopste gemeente van Nederland is, de beste woongemeente, de beste gemeente voor ondernemers en de beste qua onderwijshuisvesting en –voorzieningen. Daarom heeft de fractie het amendement waarin 3,5%-verhoging van de OZB wordt voorgesteld medeondertekend. Hiermee worden de reserves nog op peil gehouden. Men kan er echter ook voor kiezen de OZB te verhogen met alleen de inflatiecorrectie, dan houdt de gemeente namelijk ook nog geld over. De vraag is echter hoeveel geld er dan qua reserves overblijft, want een gemeente die geen middelen heeft om te veranderen – lees: in de toekomst misschien te moeten bezuinigen ‑ is een gemeente zonder middelen om voort te blijven bestaan. Er moet dus sprake blijven van een bepaalde basis waar de gemeente niet onder mag komen.

De heer BERKHOFF bedankt de heer Scheppink voor de beantwoording van de aan hem gestelde vragen. Hij neemt aan dat de heer Meijerink hiermee voldoende onderbouwing heeft gehoord.

Wethouder BEENS merkt op in de algemene beschouwingen gehoord te hebben dat de begroting die voorligt een goede uitwerking is van de eerder behandelde kadernota. Het ambitieuze plan heeft het college op deze manier proberen te vertalen. In de kaderstelling is geld gegenereerd door het indienen van een bepaalde scan. In de voorliggende amendementen wordt slechts de helft van deze scan genoemd. Dit vindt spreker jammer. Deze scan beoogde namelijk geld te genereren door 7%-verhoging van de OZB, met gelijktijdig een aanpassing binnen het rioolfonds, waardoor het gemiddelde gezin toen al, op basis van de kaderstelling, geld terug zouden krijgen.
Er is sprake geweest van behoorlijke meevallers en daarnaast is er veel geld over. Spreker pleit er voor om niet nu, maar bij de kaderstelling, te heroverwegen. Dan is er sprake van een beleid waarin enerzijds de risico’s en de kansen/ambities naast elkaar liggen. Hier ziet hij in voorliggende amendementen niets van terug.
Spreker legt de raad een raadsel voor en citeert de woorden van een fractievoorzitter tijdens de algemene beschouwingen, omdat hij deze woorden goed kan gebruiken om af te zien van deze twee amendementen. De vraag hierbij is of deze woorden worden herkend. “Er ligt een degelijke begroting voor, het heeft offers gebracht/gevraagd van de mensen, maar er zijn veel risico’s en regeren is vooruitzien. Als je goed vooruitkijkt door goed te regeren voorkomt dat verrassingen.” Met deze woorden ontraadt spreker beide amendementen. De vraag is wie deze fractievoorzitter was.

Debatronde

De heer KAHRAMAN zegt nooit de woorden “regeren is vooruitzien” te gebruiken, dus hij is de fractievoorzitter niet die geciteerd is. De fractie van het CDA heeft gekeken naar de totale lasten en niet alleen naar de OZB-verhoging of ‑verlaging. De burgers gaan in 2016 € 19 minder betalen volgens spreker en hij bevestigt dat het perspectief na de kaderstelling wel is veranderd. Daarom vindt de fractie 7% verhoging te veel, maar vindt ze 3,5% wel reëel. Hij is het wel eens met de woorden van de wethouder en van de heer Scheppink: er zijn ambities en er moeten reserveringen worden gedaan. De fractie is daarbij ook niet voornemens de hele reservepot leeg te halen. Daarnaast maakt zij zich zorgen over de geleverde zorg aan inwoners, waarbij de fractie zich afvraagt of er niet te hard is ingegrepen. Vandaar dat zijn fractie een reservepot wil aanhouden.

De heer BERKHOFF merkt op dat er volgens de ChristenUnie niets op tegen is de totale lasten van de inwoners verder te laten dalen. Ook was het bij de kadernota niet bekend dat de septembercirculaire nog meer voordeel zou opleveren. Daarom kan de raad zich erover bezinnen en een andere weg inslaan.
Spreker gaat in op het voorstel van de heer Beens om te wachten met teruggeven tot de kadernota in 2016. Hij merkt op dat in de begroting op veel punten reserves zijn ingebouwd. Er is daarbij rekening gehouden met het weerstandsvermogen, eventuele tegenvallers en de risicoparagraaf. Er blijf een redelijk financieel perspectief over van ruim € 600.000. Daarom pleit hij voor een verhoging van 3,5% in plaats van 7%.

De heer DE KOE denkt dat hij geciteerd werd, maar wijst daarbij op het belangrijke stukje tekst dat er na kwam, namelijk: “Verhoging van de OZB kan altijd nog als dit noodzakelijk is”. Dat kan dus ook nog bij de kaderstelling 2017. Hij verwacht echter niet dat dit nodig is en dat het college een gedegen begroting neerlegt en weet wat dit voor de toekomst betekent. 
Spreker vindt het verantwoord om de OZB met 3,5% te verhogen. Het perspectief is dusdanig positief dat spreker vindt dat een deel van de verhoging ook op dit moment terug kan naar onze burgers. Ook hij wijst op de risico’s en de ambities en hij vraagt het college op een veilige manier te reserveren voor investeringen in de toekomst.
Het klopt wat wethouder Beens heeft gezegd over de teruggave uit het rioolfonds, maar daarbij loopt de gemeente het risico dat er over een aantal jaren te weinig geld in het rioolfonds zit en zal het geld weer teruggestort moeten worden. Dan is er dus nog steeds met een OZB-verhoging van 7% die cumulatief is.

De heer SCHEPPINK excuseert zich bij de wethouder dat hij niet benadrukt heeft dat de totale lasten al daalden bij de kadernota. Hij spreekt zijn respect uit voor een wethouder die zo met het geld omgaat, maar vindt dat er voldoende reserves zijn en adviseert het amendement te handhaven.

De heer NOORDAM zegt ‘verdrietig’ te worden van de beantwoording door wethouder Beens, die aangaf slechts de helft van de scan te hebben gehoord. Hij vraagt zich daarbij af waarom het rioolfonds steeds de OZB-discussie vervuilt. De VVD steunt het amendement van de PvdA, waarbij sprake is van consistent beleid. 

De heer KAHRAMAN interrumpeert en vraagt hoe de heer Noordam naar de totale lasten kijkt.

De heer NOORDAM vindt dat de OZB en het riool op zijn merites moeten worden beoordeeld. Er is echter sprake van vervuiling, omdat is gesteld dat de totale lasten niet mogen stijgen. Hij vindt het onjuist dat de OZB en het rioolfonds steeds aan elkaar worden gekoppeld.

De heer MULLER refereert aan de woorden van de heer Beens dat er weinig aandacht is besteed aan de successen in de woonlasten die al gerealiseerd waren in de kadernota. Als de raad de kennis van nu in juni had gehad, dan was er uiteraard geen sprake geweest van 7% OZB-verhoging. Daarom vindt hij het redelijk dat het percentage wordt aangepast. Hij deelt de reactie van de heer Berkhoff.

De heer MEIJERINK zegt dat een verhoging met de inflatiecorrectie van de OZB normaal is en dat er alleen van afgeweken wordt wanneer dat noodzakelijk is of wanneer er een speciaal project wordt afgesproken, zoals bij Reggesteyn. Wat de genoemde ambities door de heer Scheppink betreft zegt spreker dat deze ook blijven bestaan wanneer de OZB slechts met de inflatiecorrectie wordt verhoogd. Spreker merkt ook op dat de risico’s verder niet gekwantificeerd zijn. Hij vraagt of wethouder Beens voornemens is de OZB te verlagen in 2016.

De heer KLEIN VELDERMAN is blij met de discussie, die ook bij de kaderstelling is gevoerd met als argument dat de rioolheffing naar beneden gaat. Dit had te maken met de rekenrente, waardoor er dus minder geld binnenkomt. De kosten mogen daarbij niet meer stijgen dan de inflatiecorrectie, dus met de verhoging van 7% wordt het tekort aan inkomsten opgevangen, omdat de inflatiecorrectie persé gehandhaafd moest worden, volgens spreker. Dat wil de raad niet meer, omdat er structureel meer geld overgehouden wordt. Hij vindt dit wel raar. Men zou namelijk ook naar de uitgavenkant kunnen kijken, volgens spreker; minder ambities en daarmee vriendelijker voor de inwoners.

De heer KAHRAMAN interrumpeert en vraagt in welke voorziening D66 wil snijden.
De heer KLEIN VELDERMAN zegt dat het gaat om een bedrag van € 100.000 structureel dat minder overblijft dan daarvoor. Er blijft toch nog € 682.000 structureel per jaar over. Wellicht moet de raad zich afvragen hoeveel per jaar structureel overgehouden moet worden; wat is de minimumgrens?

De heer BERKHOFF vraagt aan welk bedrag de heer Klein Velderman denkt.
De heer KLEIN VELDERMAN noemt het bedrag van € 582.000.

Wethouder BEENS heeft met veel plezier geluisterd naar de beraadslagingen van de raadsleden. Het leek op sommige punten veel op de kaderstelling, volgens spreker. Wat voorligt is een uitwerking van de kaderstelling en wat de financiële vertaling daarvan is. Hij blijft erbij dat het het beste is het geld dat nu over is, te parkeren tot de kaderstelling. Hij refereert daarbij aan de woorden van de heer Kahraman. Hij stelt voor te bekijken welk percentage tijdens de kaderstelling is gebruikt. Wellicht dat dit verlaagd kan worden met bijvoorbeeld 1,8%. Dan is er sprake van een tussenoplossing.
Hij bevestigt dat het wellicht mogelijk is bij de kaderstelling 2016 een verlaging van de OZB voor te stellen, waarbij de risico’s en de ambities kunnen worden afgewogen en waarover dan met elkaar gedebatteerd kan worden. Blijft er dan veel geld over, dan kan ervoor gekozen worden de OZB te laten dalen.

De VOORZITTER brengt het amendement van de PvdA in stemming. in stemming. Het amendement krijgt 4 stemmen voor (VVD, PvdA en D66) en 20 stemmen tegen (SGP, CDA, CU, GB en LL) en wordt verworpen.

De VOORZITTER brengt het amendement, ingediend door de heer Berkhoff, in stemming. Het amendement krijgt 23 stemmen voor (SGP, CDA, CU, GB, VVD, LL, D66) en 1 stem tegen (PvdA) en wordt aangenomen.

Behandeling amendement Versneld reserveren voor een zwembad

De fracties van CDA en Lokaal Liberaal dienen een amendement in: Versneld reserveren voor een zwembad. De heer WESSELS licht het amendement toe en refereert aan 13 november 1618, toen de synode van Dordrecht begon met een poging om een eind te maken aan godsdienstige twisten tussen de Remonstranten en de contra-Remonstranten en aan 13 november vijf jaar terug, toen Aung San Suu Kyi werd vrijgelaten nadat zij door de junta van Myanmar was vastgehouden en haar pogingen voor mensenrechten en democratie werden geblokkeerd. Vandaag, over vijf jaar, kan zomaar de schop in de grond gaan, omdat de gemeenteraad van Rijssen-Holten geld heeft vrijgespeeld voor een investering in het zwembad. Na de behandeling van de kadernota, waarin een financieel gezond beleid werd ingeschat, pakten de zomer en de nazomer voor de gemeente positief uit. Het is mogelijk gebleken burgers een mooie lastenverlichting voor 2016 te presenteren. Regeren is echter vooruitzien en kijkend naar de zomer van 2020 hoopt spreker van harte dat dan gezegd kan worden: dat heeft de raad in 2015 mooi gedaan; het was verstandig dat toen in een periode van financiële meevallers ook een bedrag is gespaard, zodat nu aan de slag kan worden gegaan. 13 november 2015 belooft een historische dag te worden.

Overwegende dat:

  • de kadernota een positief financieel perspectief liet zien;
  • het financieel perspectief sinds de kadernota sterk is verbeterd;
  • er naast directe lastenverlichting, ook oog moet zijn voor toekomstige investeringen;
  • versneld sparen bij een verslechterend perspectief omkeerbaar is;
  • € 40.000,- extra sparen per jaar de keuzemogelijkheid oplevert om de investering zo’n drie jaar eerder te doen dan gepland;

Besluit:

  1. in programma 2.4 het te sparen bedrag van € 67.000 structureel met € 40.000 te verhogen tot € 107.000 structureel;
  2. het financiële effect hiervan (oplopend tot € 160.000 in 2019) in de (meerjaren)begroting ten laste te brengen van het financiële 
    perspectief.

Vragenronde

De heer MEIJERINK zegt dat de heer Wessels spreekt over sparen voor het zwembad. Er is echter in juni al is besloten dat er gespaard gaat worden voor het zwembad, maar dan met ingang van 2023.
Spreker vraagt of de heer Wessels weet hoe de Remonstrantse en contra-Remonstrantse woelingen zijn afgelopen.

De heer NOORDAM zegt dat hij de noodzaak zoekt voor het amendement en vraagt waarom de heer Wessels het zwembad er uitlicht en niet een ander project.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt zich af wat de noodzaak is dit bedrag te sparen en of de heer Wessels wil voorrekenen dat € 40.000 per jaar sparen betekent dat drie jaar eerder iets gedaan kan worden waarover de raad nog moet beslissen en zelfs nog niet weet waarover precies. Hij vraagt waar de kristallen bol van de heer Wessels staat, waarmee hij kan voorspellen wat er gaat gebeuren.

De VOORZITTER stelt voor dat de heer Wessels na afloop van de vergadering in kan gaan op vragen over de afloop van de synode en over kristallen bollen.

De heer WESSELS zegt dat Rijssen-Holten een ondernemende gemeente wil zijn. Zij heeft mooie ideeën en plannen en op het moment dat het financieel goed gaat, kan iets teruggegeven worden aan de burger. Anderzijds moet ook nagedacht worden over de toekomst. Rijssen-Holten is een sportieve gemeente, maar iedereen is het erover eens dat een investering in iets moois, nuttigs en noodzakelijks zoals een zwembad niet snel gedaan gerealiseerd kan worden. Het lijkt spreker een verstandige zet daarvoor nu gelden vrij te spelen. Er is een perspectief waarbinnen dat mogelijk is en er is nu ruimte. Het geld wordt niet weggeven, maar komt in een spaarpot. Hopelijk kan de raad daar snel over beslissen en kan er actie ondernomen worden. Tegen de heer Meijerink zegt spreker dat er inderdaad al geld opzij gezet wordt. Er is nu een mogelijkheid iets extra’s te doen en gas te geven.

Wethouder BEENS zegt dat er een voorstel voorligt om geld te reserveren voor het zwembad, maar als het nodig is, kan het geld teruggehaald worden. 2023 is ver weg en er kunnen grote onderhoudskosten komen voor de huidige twee zwembaden. Het college is voorstander van het parkeren van het geld op deze manier en staat van harte achter het amendement.

Debatronde

De heer NOORDAM zegt dat hij uit de reacties op het amendement geen noodzaak heeft geproefd voor het zwembad. Hij kan zich voorstellen dat er ook naar andere terreinen gekeken wordt, zoals de scholen, en vraagt waarom het geld specifiek naar het zwembad moet gaan.

De heer KLEIN VELDERMAN zegt in reactie op de woorden van de heer Wessels, die zei dat er nu ruimte is, dat er geen ruimte is omdat net is afgesproken dat de OZB-verlaging maar 3,5% wordt.
Verder zegt de wethouder dat het geld gereserveerd kan worden voor het zwembad of zwembadgerelateerde zaken. Als je dat niet doet, wordt de algemene reserve € 40.000 meer waard per jaar en groeit tot € 160.000. Voor dat geld kunnen ook andere dingen gedaan worden. De vraag is dan ook waarom de bestemming van het geld beperkt wordt tot het zwembad, terwijl nog niet duidelijk is wat er met het zwembad gedaan wordt en wanneer.

De heer MULLER zegt dat Gemeentebelang in het amendement de overwegingen van het college herkent met betrekking tot de septembercirculaire. Gemeentebelang vraagt zich af of alle inspanningen nadrukkelijk gericht moeten zijn op het zwembad en vraagt wat belangrijker is: een jaar eerder realisatie van het zwembad of meer ruimte voor andere sportvoorzieningen. Er zijn namelijk heel veel wensen. Anderzijds stelt het amendement dat er de mogelijkheid is om in de toekomst de keuze bij te stellen. Daarom gaat Gemeentebelang mee met het voorstel het geld in dit potje te stoppen, al zou het wellicht een andere naam moeten krijgen. Het is in elk geval geld voor sportvoorzieningen. Daar staat Gemeentebelang achter.

De heer MEIJERINK zegt dat de PvdA geen noodzaak ziet voor dit voorstel. Zij heeft niets tegen een reservering voor een zwembad. In juni was zij heel tevreden met het tijdspad dat toen werd uitgezet. Zij ziet geen reden daarvan nu af te wijken en zal tegen het amendement stemmen.

De heer BERKHOFF zegt dat hij in het verlengde van de woorden van de heer Muller wil pleiten voor een potje voor een nieuwe sporthal. Dat komt terug bij de kaderstelling in 2016.

De heer SCHEPPINK zegt dat het amendement een goed idee is. Eigenlijk zou er een bestemmingsreserve gevormd moeten worden.

De heer WESSELS zegt dat het zwembad een van de grootste projecten is waarover nagedacht wordt. Dat geeft de prioriteit aan van wat dit betekent voor de gemeente.

De heer KLEIN VELDERMAN vraagt bij interruptie hoe groot dat project is.

De heer WESSELS zegt dat het financieel een van de grootste plannen is waarover wordt gesproken. In het rapport van Synargis wordt het een investering genoemd die het gemiddelde budget voor een school ver te boven gaat.
Op de vraag waarom het geld niet wordt gereserveerd voor bijvoorbeeld het onderwijs, zegt spreker dat daarvoor andere potjes zijn. Als andere partijen van mening zijn dat er onvoldoende geld in die potjes zit of dat er hiaten ontstaan, dan kunnen zij daarop een amendement indienen. Het CDA heeft bewust niet gekozen voor het onderwijs. Daarin is geïnvesteerd en daarin blijft de gemeente investeren. Wat nu voorgelegd is, vindt spreker een mooie mogelijkheid, het geld blijft beschikbaar, het is omkeerbaar, het is veilig, het is een goede investering en geeft blijk van een ondernemende raad.

Wethouder BEENS zegt dat hij zich aansluit bij de woorden van de heer Wessels. De heer Noordam vroeg zich af waarom niet wordt gekeken naar bijvoorbeeld onderhoud van scholen. Voor zover het college weet is er op dat terrein geen probleem. Deze reservering is in lijn met de kaderstelling. Het te sparen bedrag kan nu nog iets verhoogd worden en wordt veilig weggezet.

De heer KLEIN VELDERMAN geeft als stemverklaring dat D66 tegen het amendement stemt, niet omdat zij tegen nieuwbouw, uitbreiding of vervanging van het zwembad is. D66 wil eerst weten hoe groot de investering wordt om vervolgens te reserveren.

De VOORZITTER brengt het amendement in stemming. Het amendement krijgt 21 stemmen voor SGP, CDA, CU, GB, LL, de heer Noordam) en 3 stemmen tegen (mw. Deijk, PvdA, D66) en wordt aangenomen.

De VOORZITTER zegt dat bij de behandeling van de programmabegroting een motie is aangekondigd. Spreker stelt voor eerst deze motie te behandelen en vervolgens te stemmen over het raadsvoorstel zelf.

Behandeling motie Verkeersonveilige situaties

De fracties van de VVD, D66 en de ChristenUnie dienen een motie in: Verkeersonveilige situaties. De heer NOORDAM licht de motie toe. Verkeersonveilige situaties is volgens de verslagen meermalen een punt van aandacht geweest. De indieners van de motie zijn buitengewoon bezorgd over een aantal situaties in de gemeente, zeker in het buitengebied, waar constateerbare ernstige ongelukken gebeuren. Binnen de gemeente bestaan verkeersonveilige situaties, die vandaag of morgen zeker gaan leiden tot slachtoffers.

Overwegende dat:

  • er de afgelopen jaren veel is gedaan om de wegen in onze gemeente Duurzaam Veilig in te richten;
  • op diverse wegen in het buitengebied de maximumsnelheid is teruggebracht naar 60 km/uur en ook binnen de bebouwde kom diverse maatregelen zijn genomen ter plaatse van onveilige situaties ;
  • deze vaak algemene maatregelen niet altijd het gewenste effect hebben in bijzondere situaties;
  • in het buitengebied het kruispunt Langstraat-Beusebergerweg buitengewoon onoverzichtelijk en daardoor levensgevaarlijk is;
  • de buurtvereniging haar zorgen over sluipverkeer en onveiligheid heeft geuit en om aandacht vraagt voor dit gevaarlijke punt;
  • tijdens de behandeling van de kadernota een voorstel is afgewezen om in beeld te brengen of en hoe de veiligheid van gevaarlijke kruisingen in het buitengebied kan worden verhoogd;
  • er sinds deze behandeling van de kadernota hier weer twee ernstige ongelukken hebben plaatsgevonden;
  • het wenselijk is de veiligheid van dit gevaarlijke kruispunt op korte termijn te verbeteren;
  • in de bebouwde kom de Stroekeld als gevaarlijk bekend staat door onoverzichtelijke situaties;
  • er in een eerder stadium aandacht gevraagd is voor de diverse onoverzichtelijke situaties op deze weg;
  • het wenselijk is de veiligheid van de Stroekeld op korte termijn te verbeteren;

Verzoekt het college:

  • onderzoek te doen naar de veiligheid van dit kruispunt en hierbij de mogelijkheid meenemen om de voorrangssituatie ter plaatse aan te passen en de Beusebergerweg weer als voorrangsweg aan te wijzen;
  • onderzoek te doen naar de veiligheid van de weggebruikers op de Stroekeld en de verkeersveiligheid en deze veiligheid op korte termijn te verbeteren door extra maatregelen.
  • de benodigde middelen voor dit onderzoek en uitvoering zonodig via een wijziging van de begroting 2016 ten laste van het incidenteel perspectief aan de raad voor te leggen.

Vragenronde

De heer NIJKAMP zegt dat er in de motie vooral ingezoomd wordt op één kruispunt in het buitengebied, terwijl bekend is dat er meerdere gevaarlijke kruisingen in het buitengebied zijn, zoals Doorlopendedijk/Dorperdijk, Broekweg/Doorlopendedijk, Beusebergerweg/Aalpolsweg/Fliermatenweg. Spreker vraagt of de heer Noordam hiervan op de hoogte is en of hij bereid is deze motie aan te passen, zodat dit in breder verband wordt bekeken.
Het CDA heeft moeite met het aanpassen van de voorrangssituatie op de Beusebergerweg. Deskundigen en verkeersadviseurs zouden daarover eerst een uitspraak moeten doen.
Het CDA kan instemmen met de motie met een aanpassing die luidt: “onderzoek te doen naar de veiligheid van risicokruispunten in het buitengebied”.

De heer NOORDAM zegt dat hij de opmerkingen van de heer Nijkamp, die de spijker op zijn kop slaat, graag toevoegt aan het amendement. De Beusebergerweg/Langstraat is er uitgelicht, omdat daar recent zeer ernstige ongelukken zijn gebeurd. De buurt maakt zich ernstig zorgen over de toename van de ongelukken. Los daarvan is er een toenemende drukte.

De BURGEMEESTER zegt dat de motie als volgt wordt gewijzigd: onder het eerste beslispunt komt te staan “onderzoek te doen naar de veiligheid van risicokruispunten in het buitengebied”. Hij concludeert dat de mede-indieners van de motie, ChristenUnie en D66, hiermee instemmen.

Wethouder AANSTOOT zegt dat het college streeft naar zo verkeersveilig mogelijke oplossingen voor het buitengebied en voor de bebouwde kom. De afgelopen vijftien jaar is gewerkt aan het inrichten van het buitengebied volgens de richtlijnen Duurzaam Veilig. Dat traject is nu afgerond en het blijkt dat er plekken zijn waar meer ongevallen plaatsvinden dan elders. Dat geldt niet alleen voor kruisingen, maar ook voor lange rechtstanden en sluipverkeer.
Het kruispunt Beusebergerweg/Langstraat en de kruispunten in de Dorperdijk hebben een mogelijke relatie met sluipverkeer ten tijde van grote files of afsluiting van de A1. Dat baart ook het college zorgen. Daarom stelt het college voor een breder onderzoek te doen naar verkeersveiligheid in het buitengebied. Naast de kruispunten die al in beeld zijn, worden zaken als sluipverkeer ten gevolge van gebeurtenissen op de A1 en een aantal rechtstanden meegenomen. Ook de kruising Aalpolsweg is een punt dat meegenomen wordt in het onderzoek. De uitvoeringsmaatregelen moeten duidelijk zijn voor de kadernota 2017, zodat deze op dat moment qua prioritering afgewogen kunnen worden. Mocht uit het onderzoek blijken dat er situaties zijn die naar voren gehaald moeten worden, dan komt het college daarvoor bij de raad terug.
Spreker gaat in op het conflictpunt waar het fietspad Maatgraven de Stroekeld kruist.

De heer BERKHOFF wijst bij interruptie ook op het fietspad dat daar een paar honderd meter voor ligt. Beide fietspaden hebben voorrang, maar de kruisingen zijn vooral in het donker zeer onoverzichtelijk.

Wethouder AANSTOOT zegt dat het daarmee gaat om twee conflictpunten. Er wordt momenteel gewerkt aan een plan aan het kruispunt bij de Julianaschool, waar inmiddels een aantal maatregelen is getroffen en waar op korte termijn nog een detectielus in het fietspad aangebracht wordt met bebording en knipperlichten op het moment dat er een fietser nadert. Met die accentueringen denkt het college dat het fietspad een stuk veiliger wordt gemaakt.
Samengevat stelt het college voor dat er een onderzoek gedaan wordt in het buitengebied naar genoemde kruispunten en de overige bekende zaken: hoe functioneert Duurzaam Veilig met de huidige inrichting van de wegen? Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar de twee genoemde kruisingen van fietspaden met de Stroekeld.

Debatronde

De heer NOORDAM zegt dat de Stroekeld in zijn geheel bekeken moet worden op onveilige situaties en niet op twee punten. Spreker stelt vast dat er een behoorlijke discrepantie zit in wat er gezegd is bij de kadernotabehandeling in juni en wat er vandaag is gezegd door de wethouder. Spreker houdt vast aan de motie, zoals is ingebracht.

De heer SCHEPPINK zegt dat de beantwoording van de wethouder en de motie niet erg ver uit elkaar liggen. Er is een algemeen probleem met kruisende fietspaden. Er is nu een aantal oplossingen in beeld. Die moeten wat spreker betreft breder getrokken worden dan alleen voor de Stroekeld. In die zin is dat niet in strijd met de motie.

De heer BEUNK zegt dat Gemeentebelang zich kan vinden in de motie, die de verkeersveiligheid onderstreept. Van belang is de toezegging van de wethouder om voor de kadernota 2017 vervroegd bij de raad terug te komen mocht uit het onderzoek blijken dat eerder maatregelen nodig zijn.

De heer BERKHOFF zegt dat de ChristenUnie blij is met het antwoord van de wethouder. De wethouder komt bij de raad terug als er problemen zijn die direct opgelost moeten worden. De ChristenUnie heeft er geen bezwaar tegen als het onderzoek binnen de bebouwde kom breder wordt getrokken om te kijken of ook andere pijnpunten hierbij betrokken moeten worden.

De VOORZITTER wijst op het derde beslispunt: “de benodigde middelen voor dit onderzoek en uitvoering zo nodig via een wijziging van de begroting 2016 ten laste van het incidenteel perspectief aan de raad voor te leggen”. De opdracht ligt daarmee bij de portefeuillehouder om het geld binnen de bestaande middelen te vinden in 2016. Lukt dat niet, dan komt de portefeuillehouder daarvoor terug bij de raad bij de kadernota behandeling

Wethouder AANSTOOT zegt dat hij notitie heeft genomen van er is gezegd over de Stroekeld. Daarin zat het wezenlijke verschil.

De VOORZITTER brengt de motie in stemming. De motie krijgt 24 stemmen voor en wordt unaniem aangenomen.

Wethouder BEENS geeft het financieel perspectief door. Er zijn twee besluiten genomen die financiële consequenties hebben. Dat betreft de verlaging met 3,5% van de OZB en het reserveren van middelen voor het zwembad. Twee andere zaken, waarvoor geen geld is gereserveerd, betreffen het onderzoek naar de wegen en kruispunten en het Parkgebouw.
Het structurele eindresultaat 2019 is € 587.000. Incidenteel is het: € 1,412 miljoen.

De heer MEIJERINK geeft als stemverklaring dat de PvdA tegen de 3,5%-verhoging van de OZB is en tegen het versneld sparen voor het zwembad. Spreker stelt vast dat er een aantal zaken in de begroting staat waarmee hij wel blij is, zoals in zijn beschouwingen zijn genoemd. Alles afwegende steunt de PvdA de begroting.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad hierna overeenkomst het voorstel, met inachtneming van de aanvaarde amendementen.

14 Raadsvoorstel aanvraag krediet voor aanleg glasvezelnetwerk buitengebied, fase 2 (Cornelissen)
Mevrouw KUIPER zegt dat de fractie van Gemeentebelang de aanleg van het glasvezelnetwerk in het buitengebied van groot belang vindt voor ondernemers, inwoners en agrariërs en akkoord gaat met het gevraagde krediet. Spreekster vraagt de wethouder wanneer de uitvoering van de werkzaamheden start.

Wethouder CORNELISSEN zegt dat hij in de commissie heeft gezegd dat zodra de raad groen licht geeft voor het voorstel, het traject gestart wordt. Dat betekent dat 60% zich in het buitengebied achter het project moet scharen. Dat is afhankelijk voor het traject dat gelopen wordt. Geprobeerd wordt zoveel mogelijk de vaart erin te houden. 

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voorstel.

Raadsbesluit bekrachtigen geheimhouding
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voorstel. Tegen het besluit heeft gestemd de heer Klein Velderman.

15 Raadsvoorstel begrotingswijzigingen (Beens)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voorstel.

16 Sluiting
De VOORZITTER dankt de raad voor de constructieve manier waarop de begroting is vastgesteld en sluit de vergadering om 18.00 uur. 

Aldus vastgesteld in de vergadering van de Raad van Rijssen-Holten op 17 december 2015

raadsvergadering-raad Anonymous vergadering-raad Anonymous